‘150.000 inwoners ontvluchten belegerde Koerdische enclave’

De Noord-Syrische stad Afrin wordt al sinds januari bestookt door het Turkse leger, dat de Koerdische militie YPG uit de stad probeert te verjagen.

Burgers verlaten Anab, een dorpje nabij Afrin, in de hoop een veiliger heenkomen te vinden. Foto Bulent Kilic/AFP

Vele tienduizenden inwoners van de Noord-Syrische stad Afrin zijn de afgelopen dagen op de vlucht geslagen voor het recente Turkse offensief. Volgens het Syrisch Observatorium voor de Mensenrechten, dat vanuit het Verenigd Koninkrijk verslag doet via een netwerk van lokale bronnen, gaat het om zo’n 150.000 mensen. Dat meldt het observatorium aan Reuters en AFP.

Een hoge functionaris van de lokale overheid zegt tegen Reuters dat de inwoners zijn gevlucht naar andere gebieden in de regio, die nog veilig in Koerdische handen zijn. Ook zijn ze overgestoken naar steden en dorpen waar het Syrische regime aan de macht is. In de Koerdische enclave Afrin woonden voor de exodus zo’n 350.000 mensen, aldus het observatorium.

Nu de gezamenlijke strijd met IS voorbij lijkt, raken bewegingen in Syrië slaags met elkaar. Zolang er niemand wint, verliezen de burgers.

Het Turkse leger bestookt Afrin, dat dichtbij de Turkse zuidgrens ligt, al sinds januari. De stad zelf is in handen van de YPG, een Koerdische militie die door Turkije wordt aangemerkt als terroristische organisatie. Reden daarvoor zijn de nauwe banden die de YPG onderhoudt met de Turks-Koerdische guerillabeweging PKK.

Tientallen doden

Bij de beschietingen en bombardementen zijn volgens lokale overheden al zeker tweehonderd mensen om het leven gekomen. Vrijdag nog kwamen volgens het Syrisch Observatorium zeker 27 mensen om door Turks bombardement. Turkije ontkent burgerdoelen onder vuur te nemen en zegt louter uit te zijn op het verdrijven van de Koerdische groepering.

De Turkse president Recep Tayyip Erdogan liet eerder al weten dat hij “Afrin wil teruggeven aan de rechtmatige bewoners”, schreef The Guardian deze week. Volgens NRC-correspondent Toon Beemsterboer zinspeelt hij daarmee op het feit dat Afrin vroeger slechts voor een minderheid Koerdisch was en dat de komst van de YPG dat heeft veranderd.