Column

Rotterdamse toestanden

Een Amsterdamse vriendin belt me op om de „Rotterdamse toestanden” met me door te nemen, want daar had ze in de krant over gelezen. Het klappen van het „links-islamitisch verbond”, de „anti-semitische” tweet van „moslimpartij” Nida, de opkomst van de „Erdogan-lovers” van Denk en „die griezels” van de PVV. En dan ook nog dat „racistische” Leefbaar dat mogelijk opnieuw de grootste wordt in Rotterdam. „Je zou er maar wonen!”, roept ze minzaam uit. „Maar jullie hebben Annabel Nanninga” pest ik terug, en realiseer me tegelijkertijd dat ik verder helemaal niets weet van de Amsterdamse politiek. Maar daarin gebeurt ook nooit wat. Geen wonder dat mijn vriendin handenwrijvend achter haar krant zit mee te genieten van onze politieke soaps.

We weten het altijd wel weer te rooien met elkaar, al lijkt de rest van het land daar niets van te begrijpen.

Ik probeer haar ervan te overtuigen dat Rotterdam heus niet alleen bevolkt wordt door rechts-extremisten, tokkies en moslims en dat de heibel over het Links Verbond allemaal wat genuanceerder ligt dan zij – en de rest van Nederland – denkt. Dat Nida zich een progressieve, „door de islam geïnspireerde emancipatiebeweging” noemt, maar in een spagaat zit door de concurrentie van het conservatieve Denk. Dat die fatale tweet uit 2014 – bekeken vanuit westerse ogen – inderdaad verwerpelijk was, maar dat Nida-voorman El Ouali er geen afstand van kon nemen om niet nog meer kiezers aan Denk te verliezen. In dezelfde week had hij namelijk ook al een homo-manifest ondertekend, waarmee hij een hoop goodwill had verspeeld bij de Rotterdamse moslims.

Zijn rechte rug in deze kwestie zal hem mogelijk stemmen opleveren, leg ik uit, net als zijn geflirt met de pro-Erdogan-lobby. Het is niets meer dan een strategie, gedeeltelijk gedreven door wanhoop. En dat de lijsttrekker van GroenLinks zwichtte voor de druk van Jesse Klaver is slap misschien, maar is net zo goed een strategie.

‘Maar het is koren op de molen van de PVV en Leefbaar, ben je daar dan niet bang voor?” vraagt ze. En weer moet ik uitleggen dat we in Rotterdam wel wat gewend zijn sinds Pim Fortuyn en Leefbaar Rotterdam, en eigenlijk nergens meer bang voor zijn. We weten het altijd wel weer te rooien met elkaar, al lijkt de rest van het land daar niets van te begrijpen.

Maar als de vriendin me vraagt waar ik dan op ga stemmen, val ik stil. „Ik zweef nog”, zeg ik, zonder al te paniekerig te klinken. Zij niet, vertelt ze, want stemt al 25 jaar op dezelfde partij, net als haar Amsterdamse vrienden. „Ook saai,” zeg ik, „Je zou er maar wonen…”

Mirjam de Winter (@mirjamdewinter) is freelance journalist en stadsgids in Rotterdam.