Recensie

‘Das Floß der Medusa’ is aangrijpend actueel kijk- en luisterspektakel

Met een nieuwe productie van ‘Das Floß der Medusa’ opende de derde editie van het Opera Forward Festival van De Nationale Opera deze week. Regisseur Romeo Castellucci laat het werk keihard botsen op de actualiteit: het massale verdrinken van immigranten.

Bo Shovhus (Jean-Charles) en Koor van De Nationale Opera, Cappella Amsterdam en kinderkoor Nieuw Vocaal Amsterdam Foto Monika Rittershaus

Het waren andere tijden: de wereldpremière van Hans Wernes Henze’s oratorium Das Floß der Medusa (1968), gecomponeerd ter nagedachtenis aan de kort daarvoor geliquideerde revolutionair Che Guevara, ging niet door, omdat het concert verstoord werd door linkse studenten en anarchisten. Het publiek en de ruimschoots aanwezige politiemacht raakten slaags, waarbij librettist Ernst Schnabel door een ruit werd gelazerd en gearresteerd. Dit alles live op de radio, waarna men een opname van de generale repetitie uitzond.

Keiharde botsing met actualiteit

Met een nieuwe geënsceneerde ceneerde productie van Das Floß ging deze week de derde editie van het tiendaagse Opera Forward Festival van start, waarmee Nationale Opera & Ballet naar de toekomst van het genre blikt. Regisseur Romeo Castellucci, debuterend bij DNO, negeerde de sixties-politiek en liet het werk hard op de actualiteit botsen: het massale verdrinken van immigranten in de Middellandse Zee.

Das Floß der Medusa vertelt het historische verhaal van het Franse fregat Méduse, dat in 1816 voor de westkust van Afrika op een zandbank liep en zonk, waarna de officieren en welgestelden zich in een sloep in veiligheid brachten en de bemanning aan hun lot overlieten. Van de ruim 150 mannen, vrouwen en kinderen overleefden er uiteindelijk tien. Hun helletocht op volle zee werd door Géricault vereeuwigd op zijn beroemde schilderij Het vlot van de Medusa. De donkere man die met een rode vlag naar een mast in de verte zwaait, Jean-Charles, is de held van het oratorium; Henze en Schnabel wilden armoede en ongelijkheid in de derdewereld aan de kaak stellen en oproepen tot ‘wereldrevolutie’.

Huiveringwekkend

De ingreep van Castellucci is drastisch, maar briljant in absurdistische eenvoud: gedurende de hele voorstelling volgen we op video de Senegalees Mamadou Ndiaye, die bij wijze van uithoudingstest op exact de plek van de schipbreuk 24 uur in zee dobbert. Mamadou is nadrukkelijk géén vluchteling of drenkeling, maar de connotaties zijn onontkoombaar. Achter het doorzichtige, podiumvullende projectiescherm zitten de koorleden op golvende stellages, zodat het lijkt of zij óók te water zijn geraakt. Daardoor mis je een duidelijk verloop van ‘levenden’ naar ‘doden’ binnen het koor, maar het visuele resultaat is ongemakkelijk en huiveringwekkend.

Sopraan Lenneke Ruiten, die in 2014 ook de Nederlandse première zong, is griezelig goed als La Mort, hysterisch galmend in haar gele regenjas en met haar televisiecamera. Castellucci spelt niks uit, maar die vreemde uitdossing suggereert dat De Dood tegenwoordig een media-event is. Bariton Bo Skovhus is imposant van stem en gestalte als ‘de mulat Jean-Charles’.

Verteller-veerman Charon is een overtuigende, doorleefde rol van veteraan Dale Duesing, al maakt zijn voortreffelijke Duits het verlangen naar een native speaker niet helemaal onschadelijk.

Aangrijpend luisterspektakel

Muzikaal is Das Floß ongelooflijk: een collage van stijlen en klankkleuren, waarin woeste orkesterupties in een dwingend ritme afwisselen met schurende koren, klokkend slagwerk en adembenemende verstilling. Ingo Metzmacher leidde zijn bijna tweehonderd musici en zangers in een aangrijpend luisterspektakel, met de verzamelde koren, die de razend moeilijke muziek uit het hoofd zongen, als collectieve ster.

    • Joep Stapel