Unilever wil Britten niet bruuskeren

Unilever verlaat heel voorzichtig zijn hoofdkantoor in het Verenigd Koninkrijk. Het wil de Britse afzetmarkt en de notering in de prestigieuze Footsie-index behouden.

Topman Paul Polman zei tegen de Britse pers over de verplaatsing van het hoofdkantoor: „Dit gaat niet om de Brexit. Unilever zit in 190 landen wereldwijd. De meeste daarvan zijn geen onderdeel van de Europese Unie.” Foto Hannah McKay/EPA

Straks zetelt het hoofdkantoor van Unilever alleen aan het Weena in Rotterdam en niet langer aan Victoria Embankment. Straks is Unilever alleen een naamloze vennootschap in Nederland en niet ook een private limited company in het Verenigd Koninkrijk. Na 98 jaar, met de Brexit in het verschiet, is Unilever niet langer formeel een Brits-Nederlands bedrijf.

Unilever doet moeite politiek neutraal te blijven. Bijna alle van de 7.300 Britse banen blijven behouden. Twee van de drie divisiekantoren blijven in Londen. Jaarlijks belooft het bedrijf een miljard pond uit te geven, vooral aan onderzoek.

Brexiteers kunnen zeggen: zie je wel het bedrijfsleven heeft vertrouwen in de Brexit want Unilever investeert hier. „Dit laat zien dat Unilever zich voor de langere termijn committeert aan het Verenigd Koninkrijk”, zei een woordvoerder van het Britse ministerie van Economische Zaken.

Tegenstanders van uittreden kunnen roepen: de exodus duurt voort, na de banken zoekt nu een van de grootste levensmiddelenfabrikanten een veilig onderkomen in de EU. Het overhevelen van het hoofdkantoor is volgens Rajesh Agrawal, plaatsvervangend-burgemeester van Londen een waarschuwing. „Het benadrukt de noodzaak voor de regering om een Brexitdeal overeen te komen die de rol van Londen als Europese zakenstad bestendigt”, zei Agrawal in The Guardian.

Voorzichtig over Brexit

Multinationals beïnvloeden graag de politiek achter de schermen, maar praten daar zelden over. Instabiliteit wordt altijd gecompenseerd door goede zaken elders, klinkt het standaardantwoord. Heibel in Vietnam? Angola groeit als kool. Zoals een directeur van een Nederlandse bierbrouwer ooit zei: de rebellen drinken ook bier. Topman Paul Polman zei tegen de Britse pers: „Dit gaat niet om de Brexit. Unilever zit in 190 landen wereldwijd. De meeste daarvan zijn geen onderdeel van de Europese Unie.”

Hoe voorzichtig Polman is, bleek vorig jaar. Toen was hij gefrustreerd. Hij wilde het besluit over het hoofdkantoor uitstellen wegens de „politieke turbulentie”, zei hij tegen de Financial Times. „De emoties van het moment zijn een issue.” Polman wenste te voorkomen dat Unilever meegezogen werd in de wervelwind die al sinds juni 2016 alles op zijn pad opslokt: de Brexitdiscussie.

Helemaal slaagde Unilever daar niet in. Eind 2016 raakte het bedrijf in conflict met supermarktketen Tesco. Unilever wilde een prijsverhoging als gevolg van de gedaalde koers van het Britse pond, na het Brexitreferendum. Tesco weigerde aanvankelijk. Populaire en Unilever-producten (Marmite, Ben & Jerry’s) waren een aantal dagen beperkt beschikbaar.

Bijkomende gevoeligheid is dat Unilever eigenaar is van levensmiddelen die onderdeel uitmaken van de recente culturele en industriële Britse geschiedenis — thee van PG Tips, Colman’s Mustard. Dit zijn Britse producten die in de ogen van consumenten, en tabloidkranten, Brits horen te zijn.

Die instelling strookt echter niet meer met de realiteit van een mondiale aanvoerketen. Het gevolg is een evenwichtsoefening. Zo besloot Unilever in januari dit jaar de 160-jaar oude fabriek van Colman’s Mustard te sluiten, maar zegde toe het mosterdzaad in te kopen bij lokale boeren.

Lees ook: Rutte III slaat met Unilever een historische slag

Belangrijke afzetmarkt

Het Verenigd Koninkrijk is en blijft een belangrijke afzetmarkt voor Unilever, ook na Brexit. Dat neemt niet weg dat de multinational, zoals de meeste grote bedrijven, de onzekerheid over wat er gebeurt na maart 2019 beu is. De economische prognoses voor de Britse economie zijn slecht en het is ongewis wat voor koers het land uitstippelt.

May belooft een Europees land met een passend sociaal model. Maar er is een vleugel van haar partij die een Singapore aan de Theems wil: waar louter de regels van de vrije markt gelden, ook bij bedrijfsovernames. Unilever wil na de ongewenste overnamepoging van het Amerikaanse Kraft Heinz van vorig jaar naar verluidt meer bescherming.

Britse commentatoren vrezen dat Unilever als niet-Brits bedrijf mogelijk niet meer deel mag uitmaken van de FTSE 100, het mandje van grootste Britse beursfondsen. President-commissaris Marijn Dekkers zei met London Stock Exchange in gesprek te gaan om de prestigieuze Footsie-deelname te behouden. Beleggers zijn sneller geneigd aandelen te kopen van bedrijven die tot deze groep behoren.

Stabiel thuis zijn in Rotterdam, maar in Londen de status van de wereldtop genieten. Unilever lijkt het beste van beide werelden te willen.

    • Melle Garschagen