opinie

    • Maarten Schinkel

Ons bbp slaat nu echt nergens meer op

Massief, zo omschrijft de Amerikaanse president Donald Trump het Amerikaanse handelstekort. Nu is door vrijwel alle economen die er kijk op hebben het huidige beleid om met tariefsverhogingen het tekort omlaag te krijgen al gekraakt. Maar er speelt nog iets. Is dat tekort eigenlijk wel zo groot?

De Amerikaanse denktank Brookings Institution herinnerde onlangs aan een onderzoek van het officiële Amerikaanse economische onderzoeksinstituut, de Bureau of Economic Analysis (BEA) van oktober vorig jaar. In het paper Offshore Profit Shifting and Domestic Productivity Measurement legt het BEA uit dat het belastingontwijkende gedrag van grote Amerikaanse bedrijven het beeld van de Amerikaanse handelsstromen sterk vertekent.

Het BEA neemt een iPhone als voorbeeld. Die wordt voor 250 dollar gemaakt in China en voor 750 verkocht in een land buiten de VS. Waar hoort de 500 dollar winst neer te slaan? Met name voor zover die winst het resultaat is van wat klanten willen betalen voor ontwerp, concept, imago en andere immateriële activa die door Apple zijn ontwikkeld is het antwoord: de VS. Die 500 dollar zouden volgens het BEA als een Amerikaanse export in de nationale rekeningen moeten staan. Maar omdat het intellectuele eigendom buitengaats is ondergebracht (in Ierland, Luxemburg of Nederland) en er gespeeld wordt met de hoogte van betalingen tussen dochters binnen het bedrijf, is de statistische werkelijkheid anders.

Veel Amerikaanse bedrijven doen dit. Hoeveel scheelt het? Volgens het BEA hadden de VS in 2012 een handelstekort van 537 miljard dollar. Dat is door dit soort foefjes met 280 miljard, dus meer dan de helft, overdreven.

Pikant is hier overigens dat het, logischerwijs, ook gevolgen heeft voor het Amerikaanse bruto binnenlands product (bbp). Dat wordt 280 miljard dollar te laag weergegeven. En dus wordt het bbp van de landen waar de fiscale foefjes worden gepleegd, te hoog weergegeven. Hou je vast.

‘Je hoeft geen aanhanger te zijn van welzijn, geluk of andere maatstaven om te concluderen dat ons bbp helemaal nergens meer op slaat.’

In 2015 groeide de Ierse economie met maar liefst 26 procent. In werkelijkheid was het 7,8 procent. De enorme groeispurt trad op omdat in Ierland gevestigde multinationals er dat jaar veel meer winst lieten neerslaan dan verwacht. Het BEA merkt op dat de omvang van het bbp „van landen als Ierland en Nederland met 10 tot 14 procent zou moeten worden gecorrigeerd”. Dat is een intrigerende conclusie: door onze positie als belastingparadijs denken de Amerikanen dat onze economie eigenlijk een zevende tot een tiende kleiner is dan wij zelf denken.

Je hoeft dus geen aanhanger te zijn van welzijn, geluk of andere maatstaven om te concluderen dat ons bbp helemaal nergens meer op slaat. Dat wordt nog eens onderstreept door de Bank voor Internationale Betalingen, de BIS. Die concludeerde maandag in zijn Quarterly Review (Tracking the International Footprint of Global Firms) dat het huidige systeem van nationale rekeningen helemaal niet meer berekend is op multinationaal opererende bedrijven en andere globaliseringseffecten.

We doen, zegt de BIS, alsof we als landen allemaal nog eilanden zijn. Maar de productiestromen, vestigingsplaatsen en hoofdkantoren van grote bedrijven doen dat allemaal teniet. Dat geldt vooral ook, zie Apple en consorten, voor het ongrijpbare intellectueel eigendom dat steeds dominanter wordt. Capitalism without Capital, noemen Jonathan Haskell en Stian Westlake dat in hun eind vorig jaar verschenen, en buitengewoon lezenswaardige, boek.

Het resultaat: een prachtige nieuwe wereld en een statistische puinhoop. Hoog tijd om daar wat aan te doen. Want de werkelijkheid is tegenwoordig al ongrijpbaar genoeg.

Maarten Schinkel schrijft over economie en financiële markten.
    • Maarten Schinkel