Khalid Amakran

‘Ik was de superbitch van de show’

In de rubriek Jong! vertellen pubers over zichzelf, de wereld en elkaar. Deze week: Winoa van Steenbergen (14). Aanmelden: pubers@nrc.nl.

Dans

„Als ik ergens mee zit ga ik dansen. Dan kan ik me zo inleven dat ik alles even vergeet. Bijvoorbeeld problemen van school, door mijn dyslexie heb ik niet de allerbeste cijfers. Ik dans tien uur per week op twee dansscholen. Hiphop, jazz, modern, showdance, klassiek. Net heb ik de hoofdrol gehad in een voorstelling. Ik was de superbitch van de show. Een heel grote rol, ik moest zes keer op het podium. Het liefst zou ik danser en model worden. Model vind ik leuk omdat veel mensen naar je kunnen kijken. Ik vind het ook leuk als er foto’s van je worden gemaakt.”

Vriendje

„Mijn laatste relatie duurde een jaar. Aan de ene kant vind ik het jammer dat ik nu geen vriendje heb, aan de andere kant is het wel beter voor mij. Ik hoef nu geen verantwoording af te leggen. Stel ik vind iemand leuk, ik ga veel met hem praten, dan kan een vriendje zeggen: niet doen. Nu kan ik iedereen knuffelen. Ik knuffel bijna al mijn vrienden, als er iets is. Dat betekent dan verder niets. Vriendjes moeten een béétje uiterlijk hebben maar het belangrijkste is dat ze mij accepteren hoe ik ben.”

Stilte-gepest

„Sinds twee, drie jaar heb ik veel vrienden en vriendinnen. Op de basisschool werd ik soort van gepest. Stilte-gepest. Ze negeerden me, praatten niet met me. Want ik had een bril. Sommige meisjes hadden ook een bril maar die waren bitcheriger, ik was heel stil. Ik zit nu op een gezellige school. Je krijgt de normale vakken en Dier, Groen, Bloem en Koken. Met Groen ga je in de tuin, leren schoffelen. Met Bloem bloemstukjes maken, dat vind ik het minst leuk. Bij Dier leer je hoe je een dier moet hanteren, de nagels moet knippen. Bij koken krijg je een opdracht die binnen drie lesuren klaar moet zijn. Laatst heb ik kaneelkoekjes gemaakt; vrijdag ga ik churros maken.”

Khalid Amakran
Khalid Amakran
Khalid Amakran
Khalid Amakran

Appeltaart

„Ik vind het heel leuk om met mijn vader te koken. Als hij geen motorbedrijf had, had hij een restaurant gewild. Het meeste eten maken we zelf. Zelfs de pizzabodem. Mijn moeder kookt het vaakst want zij is het eerste thuis. Mijn vader werkt heel veel, hij is alleen vrij op zondag en maandag. Maar als hij vrij is, kookt hij. Wat ik vaak gemaakt heb is appeltaart. Die mocht ik op zaterdag verkopen in de winkel van mijn vader. Als mijn moeder dan binnenkomt, als ik aan het bakken ben, dan vindt ze dat zo lekker ruiken. Mijn moeder is alles voor mij. Ik kan alles tegen haar zeggen. Als er iets is, zegt zij wat en voel ik me gelijk beter.”

In de rubriek Jong! vertellen pubers over zichzelf, de wereld en elkaar. Aanmelden: pubers@nrc.nl.