Gezondheidstak Siemens zoekt geld

Medische technologie Siemens Healthineers, de grootste concurrent van Philips, gaat vrijdag naar de beurs in de grootste beursgang in Europa dit jaar.

Siemens is samen met Philips en General Electric goed voor 68 procent van de wereldmarkt in MRI- en CT-scanners. Foto Krisztian Bocsi/Bloomberg

Ontnuchterend. Zo luidde de reactie in Duitsland toen het industriële concern Siemens ruim een week geleden de bandbreedte bekendmaakte voor de introductiekoers van Siemens Healthineers. Vrijdag gaat deze dochter, gespecialiseerd in medische systemen, in Frankfurt naar de beurs. De openingskoers van het aandeel zal liggen tussen 26 en 31 euro. De opbrengst komt daarmee tussen 3,9 en 4,6 miljard euro, de waarde van het bedrijf op maximaal 31 miljard euro.

Dat werd vorig jaar hoger ingeschat, toen Siemens-topman Joe Kaeser aankondigde dat hij in 2018 de gezondheidsdochter apart zou zetten. Die zou zorgen voor de belangrijkste beursgang in Europa dit jaar en de grootste in Duitsland sinds 1996, toen de eerste aandelen van Deutsche Telekom aan de beurs van Frankfurt werden genoteerd. Dan zullen de bedragen vrijdag toch bescheidener zijn, ook omdat Siemens heeft besloten niet 25 procent van de aandelen Healthineers naar de beurs te brengen, zoals werd verwacht, maar 15 procent. Het onzekere beursklimaat door de handelsmaatregelen van de Amerikaanse president Donald Trump en de uitslag van de Italiaanse verkiezingen hebben daar mee te maken.

Kaeser gaf vorig jaar aan dat hij met de beursgang kapitaal vrij wilde maken voor het moederbedrijf, maar de dochter ook meer vrijheid wilde geven om zelfstandig te opereren en in staat te stellen zelf overnames te financieren. Volgens het Handelsblatt is na het rondje van de top langs grote beleggers in New York, Londen, Parijs en Zürich het aantal aandelen al twee keer overtekend.

Die zien kort achter elkaar de drie grootmachten in de markt voor medische systemen vergelijkbare stappen zetten, juist in een periode dat hun markt aan grote veranderingen onderhevig is. Siemens, Philips en General Electric zijn samen goed voor 68 procent van de wereldmarkt in MRI- en CT-scanners en röntgenapparatuur en voor 80 procent in geavanceerde interventieoperatietechnologieën als katheterisaties.

Omdat het de beurswaarde negatief beïnvloedt, willen alle drie bedrijven niet langer een conglomeraat zijn, een concern met een waaier van activiteiten die elkaar soms nauwelijks overlappen. Philips splitste twee jaar geleden de lichtdivisie als allerlaatste af en richt zich nu enkel op ‘gezondheid’. GE is aan het onderzoeken hoe het de medische systemen op afstand kan zetten, al wil het vermoedelijk niet af van een van zijn meest winstgevende onderdelen. Siemens vormt zich om tot een holding die verschillende activiteiten op afstand zet, maar niet volledig verkoopt. Zo laat het de treintak fuseren met het Franse Alstom en bracht het de windmolens onder in een joint venture met het Spaanse Gamesa.

Snelveranderende markt

De medisch-technologische bedrijven zien hun markt snel veranderen. Er is groei, doordat de behoefte aan zorg in de westerse landen toeneemt door de verouderende bevolking, terwijl opkomende landen hun gezondheidszorg opbouwen. Siemens, GE en Philips voeren een concurrentieslag bij de inrichting van operatiekamers en laboratoria in ziekenhuizen. Als eenmaal een klant is gewonnen, is die door de lucratieve servicecontracten voor jaren gebonden.

Maar door de snelle ontwikkeling van nieuwe technologieën verandert hun markt met snel opkomende gebieden zoals precisiegeneeskunde, datatechnologie die snel informatie over patiënten kan bundelen en analyseren en kunstmatige intelligentie. Siemens en Philips proberen zich daar snel in te versterken op eigen kracht en concurreren bij overnames van vaak nog jonge bedrijven. Er zijn echter nieuwe kapers in de markt, met diepere zakken. De techreuzen Google, Apple en Amazon hebben hun ambities op de groeiende zorgmarkt kenbaar gemaakt. In het prospectus geeft Siemens aan dat niemand kan voorspellen of de huidige medische grootmachten in die strijd overeind zullen blijven.

Daar komt op kortere termijn de onzekerheid over nieuwe systemen bij. Vorig jaar lanceerde Siemens zijn Atellica-systeem voor laboratoria- diagnostiek en wekte grote verwachtingen. In het prospectus waarschuwt Siemens dat in veel markten toezichthouders het systeem nog moeten goedkeuren. „Het is te vroeg om vast te stellen dat deze oplossing marktacceptatie zal verkrijgen zoals wij die verwachten”.

Dergelijke onzekerheden prijzen beleggers in. Nog een reden voor een voorzichtige introductiekoers.