Verzekeraar wil ‘black box’ in elke auto

Autodata Een datarecorder kan fraude terugdringen; verzekeraars willen toegang tot deze gegevens.

Verzekeraars vinden dat automobilisten alleen nog de weg op mogen als ze een ‘zwarte doos’ aan boord hebben; een event datarecorder (EDR) die de laatste seconden voor en na een ongeluk vastlegt. Met zo’n black box kun je aantonen hoe snel er gereden en geremd werd en of de richtingaanwijzers het deden.

Het Verbond van Verzekeraars publiceert donderdag een brief waarin de overheid wordt opgeroepen zo’n datarecorder verplicht te stellen. Het zou afwikkeling van de schade en vaststellen van aansprakelijkheid „fors kunnen versnellen”. Daarnaast zou de verkeersveiligheid erop vooruitgaan, beweren de verzekeraars.

In de VS zijn de black boxes al verplicht en veel recente Europese en Aziatische auto’s hebben al zo’n datarecorder. De chip zit onder de motorkap en slaat data op zodra de airbag of de gordel geactiveerd wordt. EDR-gegevens worden nu door de politie gebruikt als bewijsmateriaal bij zware ongevallen. Daarvoor is geen toestemming nodig van de bestuurder; de politie kan de gegevens vorderen.

Dat gebeurt lang niet bij alle ongelukken: van de 100.000 verkeersongevallen waar de politie jaarlijks op af komt, worden er 1.000 tot 1.500 technisch onderzocht. Bij een deel van de auto’s wordt, als ze afgesleept zijn, de datarecorder uitgelezen.

Dat is een aanvulling op onderzoek ter plekke (remsporenmetingen, snelheid schatten) want EDR-data geven geen volledig beeld van de toedracht, benadrukt Egbert-Jan van Hasselt, landelijk projectmanager infrastructuur van de politie. „Zulke gegevens vormen een aanwijzing, geen verklaring. Je moet nog altijd getuigen spreken om te begrijpen waarom iets gebeurde. Het kan zijn dat je een ongeluk veroorzaakt omdat je uitweek voor een overstekend kind, bijvoorbeeld.”

Verzekeraars zijn bij het vaststellen van de aansprakelijkheid afhankelijk van het proces-verbaal. Ze zouden graag zien dat de politie sneller en meer EDR-gegevens naar hen doorspeelt – niet van honderden maar van tienduizenden aanrijdingen per jaar. Eventueel zou een onafhankelijke instantie als de RDW verzekeraars toegang kunnen geven tot de data. Daarvoor moeten klanten wel toestemming geven. „Ik kan me niet voorstellen dat verzekeraars op de stoel van de politie willen zitten, de EDR is maar één deel van het onderzoek”, zegt Van Hasselt. De politie gebruikt EDR-data sinds 2016 en zou graag één standaard zien voor de black boxes. „De grote merken kunnen we inmiddels zelf uitlezen, maar bij minder gangbare merken moeten we de fabrikant nog wel eens om de juiste stekker of software vragen.”

Fraude terugdringen

Het Verbond van Verzekeraars vertegenwoordigt 98 procent van de Nederlandse verzekeraars, waaronder grote partijen als Achmea, Allianz en Nationale-Nederlanden. Autoverzekeringen zijn zelden winstgevend; ze worden meestal in combinatie met andere verzekeringen verkocht.

Verzekeraars hebben een economisch motief om een verplichte black box te vragen: ze willen de fraude terugdringen. Per jaar wordt 1,2 miljard aan letselschade uitgekeerd. Er wordt jaarlijks 50 miljoen aan fraude bij autoverzekeringen opgespoord – in werkelijkheid zou „de fraude viermaal zo groot kunnen zijn”, zegt Rudi Buis, woordvoerder van de verzekeraars.

De toedracht van verdachte eenzijdige ongevallen (zonder tegenpartij) kan met gegevens van een black box worden achterhaald. Als de fraude daalt, dalen de kosten voor alle cliënten, redeneren de verzekeraars.

EDR-data kunnen ook sneller uitsluitsel bieden in slepende discussies over aansprakelijkheid – daarvan zouden consumenten ook profiteren.

Rijke databronnen

In hun brief waarschuwt de verzekeringssector voor de gretigheid waarmee autofabrikanten rijgegevens verzamelen. Dankzij oprukkende zelfrijdende technologie zitten auto’s propvol sensoren; de mobiele verbinding stuurt die gegevens in realtime doornaar de fabrikant. Auto’s zijn straks rijke databronnen: onderzoekers van McKinsey schatten dat de handel voertuiggegevens of telematica in 2030 tussen 450 tot 750 miljard dollar zal opleveren.

Er brandt een strijd los om wie die data mag gaan gebruiken en verkopen. De auto is niet maar zo een smartphone op wielen; het is een gedeeld apparaat waar verschillende belanghebbenden aanspraak op maken. De passagier, de autofabrikant, de dealer, leasemaatschappij, belastingdienst, politie en de wegbeheerder. En de verzekeraars dus.

Het Verbond van Verzekeraars pleit ervoor de consument zelf over zijn voertuiggegevens kan beschikken. „Een fabrikant kan zich de voertuigdata niet toe-eigenen alleen omdat een consument zijn voertuig heeft gekocht”, schrijven de verzekeraars.

De discussie over het gebruik van voertuigdata is extra complex omdat Europa vanaf mei strenge eisen stelt aan de manier waarop bedrijven data opslaan en gebruiken.

Data mogen niet zomaar worden doorverkocht of ingezet voor andere toepassingen dan waarvoor ze verzameld zijn. Wie nu een nieuwe auto koopt, moet dikwijls al een contract tekenen voor gebruik van de telematicagegevens.

De autofabrikant kan daarmee nieuwe diensten ontwikkelen; bijvoorbeeld een autoverzekering gebaseerd op gereden afstand: pay as you drive.

Verschillende Nederlandse autoverzekeraars, waaronder ANWB en Fairzekering, bieden pay how you drive aan: een premie gebaseerd op rijgedrag. Wie veilig rijdt, krijgt tot 35 procent korting. Het rijgedrag wordt geregistreerd met een dongel die aan de auto gekoppeld wordt.

Die gegevens zouden in theorie ook gebruikt kunnen worden om de aansprakelijkheid na een ongeluk vast te stellen. Alleen de privacyregels staan niet toe dat rijgedragdata op een andere manier gebruikt worden, zonder dat de klant daar expliciete toestemming voor heeft gegeven.

    • Marc Hijink