AIVD en MIVD tappen elk jaar meer

De AIVD en MIVD plaatsen steeds meer taps. Dat blijkt uit de tapstatistieken die zijn geopenbaard na een rechtszaak.

Gebouw van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD). ANP/ Lex van Lieshout

De geheime diensten plaatsen steeds meer taps. Dat blijkt woensdag uit de publicatie van tapstatistieken die jarenlang geheim werden gehouden.

Vorig jaar heeft de Algemene Inlichtingen en Veiligheidsdienst (AIVD) 3205 taps geplaatst en de Militaire Inlichtingen en Veiligheidsdienst (MIVD) 348 taps. Tien jaar geleden ging het nog om minder dan de helft. Tussen 2002 en 2017 is het totale aantal taps elk jaar toegenomen, met als uitzondering het jaar 2007. Bij een tap kan het gaan om een telefoontap, internettap of het plaatsen van een microfoon. Een ‘target’ kan een persoon zijn, maar ook een organisatie.

Eén target kan via taps op verschillende apparaten (bijvoorbeeld z’n vaste telefoon, smartphone en computer) afgeluisterd worden. Het aantal taps is dus niet door te vertalen naar het aantal targets dat de AIVD en MIVD onderzoeken. De ministers van Binnenlandse Zaken en Defensie wijzen er in een Kamerbrief op dat het communicatielandschap is veranderd: mensen hebben vaak meerdere apparaten die afzonderlijk worden meegeteld.

Het besluit de tapstatistieken te openbaren ging niet van harte. De Raad van State bepaalde in december dat de ministeries onvoldoende konden motiveren waarom de taps over de jaren 2002 tot en met 2013 geheim zouden moeten blijven en droeg op een nieuw besluit te nemen. Eerder oordeelde ook de toezichthouder op de geheime diensten, de CTIVD, dat de cijfers geen staatsgeheim zijn. Met enkel deze cijfers is volgens de toezichthouder niet te achterhalen naar wie de AIVD onderzoek doet.

    • Liza van Lonkhuyzen