De wijkonderneming stuit op grenzen

Wat doen burgers zelf, met of zonder de politiek?

Elke dinsdagmiddag speelt Nelleke Huijbers met andere Venrayse ouderen koersbal in wijkcentrum ’t Schöpke. Ook achteraf is het gezellig, zegt ze. Al is er wel wat veranderd. „Vroeger was de koffie gratis. Nu betaal je 1,50 euro voor een kopje.” Maar, ach: „Dat dubbeltje meer of minder. Het is nodig om ’t Schöpke overeind te houden.” Wel zijn ze met een andere traditie gestopt. „Vroeger trakteerde iemand die jarig was geweest op koek of vlaai. Die nam iedereen van thuis mee. Dat mag niet meer. Daarom trakteren we niet meer. Voor iedereen aan de bar wat kopen, werd echt te gek.”

Huijbers bezoekt ook de kerkdienst in ’t Schöpke op zaterdagavond. Na afloop schenkt ze de koffie in. En zo zijn er in het buurtcentrum in de wijk Veltum (3.700 inwoners) nog veel meer activiteiten. Van zumba, callanetics en hiphopdansen tot sjoelen, kienen en biljarten. Ouderen van het aanpalende verzorgingshuis kunnen er terecht voor een kopje koffie, kinderen voor buitenschoolse opvang.

Het oude Schöpke uit de jaren 60 ging een paar jaar geleden tegen de grond, net als de gedateerde flats eromheen. Nu heeft Veltum een nieuw wijkhart met stijlvolle appartementen, verzorgingstehuis, winkels, fitnesscentrum en een nieuw Schöpke. Dit nieuwe buurthuis (grand café, grote zaal, drie kleinere zalen) verschilt nog in een ander opzicht: de gemeentelijke subsidie is ook weg.

Bij de raadsverkiezingen gaat het in Venray over veel, maar niet meer over de zeventien dorps- en wijkcentra binnen de gemeente. In een paar jaar tijd zijn de eerder met overheidsgeld gesteunde plekken van samenkomst omgevormd tot ‘wijkondernemingen’. Wie een goed bedrijfsplan kon overleggen, kon tweederde vergoed krijgen van de kosten om het gebouw voor de nieuwe toekomst klaar te maken. De bijbehorende nota Schoon door de poort dankte daar haar naam aan. Wat daarbij wel duidelijk moest zijn: het ging om de poort naar buiten. De finale steun was voor de gemeente een ‘uitzwaaimoment’. Daarna moesten huuropbrengsten, horecaomzet en ondersteuning van vrijwilligers volstaan.

Bestuursvoorzitter Erik Zijlstra licht de nieuwe aanpak toe: „Die past bij een buurtcentrum dat niet meer van alles zelf aanbiedt, maar onderdak biedt aan activiteiten die burgers en andere organisaties zelf opzetten.”

’t Schöpke komt de gemeente nu wel weer op andere manieren tegen. Het buurtcentrum wil vergunningen voor verbouwen en uitbreiden. „Er is zoveel vraag naar meer en andere ruimtes.”

Ook stuit de ‘wijkonderneming’ op commerciële grenzen. „We liggen onder het vergrootglas bij de plaatselijke horeca. Die ziet wat wij allemaal doen, ons succes. Het gaat veelal om evenementen waar zij niets om geven, maar door de mopperende horeca ontstaat ook een spanningsveld met de gemeente. Die geeft ons slechts toestemming voor een beperkt aantal feesten per jaar. Terwijl er veel meer vraag is en het voor ons een erg belangrijke bron van inkomsten is. Met de kopjes koffie van overdag alleen houden we het hier niet draaiende.”

    • Paul van der Steen