KNAW: academische vrijheid wordt bedreigd

Wetenschap

Sturing van onderzoek door bedrijven of organisaties bedreigt wetenschappelijke vrijheid. Daarvoor waarschuwt de KNAW.

Foto KNAW

De academische vrijheid aan de universiteit wordt beperkt door toenemende sturing van onderzoek door bedrijven of maatschappelijke organisaties. Er moet daarom genoeg ruimte blijven voor ongebonden onderzoek. De overheid en de politiek moeten het belang daarvan erkennen.

Dat staat in een beknopt advies van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) dat dinsdag is uitgekomen. Nico Schrijver, hoogleraar internationaal recht aan de universiteit Leiden en voorzitter van de commissie die het advies heeft opgesteld, zegt dat de druk om maatschappelijk relevant onderzoek te doen enorm is. „Het onderzoeksbeleid wordt heel erg gestuurd. De financiële ruimte voor ongebonden onderzoek neemt af.”

Dit advies is er een in een rij met kritiek op de gebondenheid van universitair onderzoek aan opdrachtgevers en financiers. In hoeverre wordt er niet naar bepaalde uitkomsten toegewerkt? Ook bij onderzoeksinstellingen van de overheid als het Wetenschappelijk Onderzoek en Documentatiecentrum van het ministerie van Justitie speelt deze discussie.

Onwenselijke beïnvloeding

De sturing door financiering baart de commissie meer zorgen dan een mogelijk gebrek aan perspectieven in het onderzoek. Het rapport stelt dat het toegenomen belang van projectfinanciering „kan leiden tot onwenselijke beïnvloeding door de financier. De onafhankelijkheid en academische vrijheid kunnen worden belemmerd als de onderzoeker een grote bemoeienis toelaat van de opdrachtgever met de werkwijze, interpretatie en publicatie van resultaten.” Om dat tegen te gaan moeten er duidelijke afspraken worden gemaakt op grond van de bestaande wetenschappelijke code voor wetenschappelijke onafhankelijkheid van de KNAW. Daarin staat onder andere dat onderzoek niet op de door de opdrachtgever gewenste uitkomst moet zijn gericht.

Het advies kwam er op grond van een motie, begin vorig jaar, van toenmalig Kamerlid Pieter Duisenberg (VVD), inmiddels voorzitter van universiteitenvereniging VSNU. Die wilde dat de KNAW zou uitzoeken of sprake is van zelfcensuur en een „beperking van diversiteit van perspectieven”. Toen de motie werd aangekondigd, ging het over de vraag of de wetenschappers niet te links „politiek homogeen” zouden zijn.

Links of rechts is irrelevant

„Ik denk dat het allemaal niet zo relevant is”, zegt commissievoorzitter Schrijver daarover. „Je kunt niet zeggen dat de universiteit een links of rechts bolwerk is. Je vindt beide stromingen. De faculteit politicologie heeft veel linkse wetenschappers. Maar bedrijfseconomie heeft waarschijnlijk weinig GroenLinks-stemmers. We hoeven het niet te weten en het zou er niet toe moeten doen als iedereen zich netjes aan de wetenschappelijke standaarden houdt.”

Qua diversiteit van perspectieven speelt de tijdgeest een rol bij onderzoek „waardoor sommige onderwerpen tijdelijk meer in de belangstelling staan en andere juist meer op de achtergrond raken. Dat betekent niet dat elk perspectief altijd aanwezig moet zijn. Er kunnen ook goede wetenschappelijke redenen zijn dat een bepaald perspectief of een bepaalde school wordt verlaten en eventueel vervangen wordt door een andere naarmate de wetenschappelijke kennis zich verder ontwikkelt”, aldus het briefadvies. Lokale vorming van wetenschappelijke scholen moet mogelijk zijn, volgens de commissie als er maar op landelijk niveau diversiteit van perspectieven bestaat.

„Deze discussie is van alle tijden”, zegt Schrijver. „Hij laaide weer op bij de vraag of je mag onderzoeken of kolonialisme ook goede kanten heeft gehad. Ik vind dat dit wel kan. Er wordt wel gezegd dat dit bij de NWO geen kans maakt. Dat is gemakkelijk gezegd en het komt ook soms van mensen die geen goed plan indienen of van wie de methodologie niet deugt.”