Commentaar

U bent de samenleving, ING

‘Love beats money’, zo heet de campagne die ING eind vorige maand lanceerde. Mensen die elkaar door een conflict over geld nooit meer zagen, kregen in een filmpje de keuze: geld of liefde. De afloop laat zich raden. De campagne past in een trend waarin veel bedrijven propageren wat zij zelf juist niet zijn. Zoals banken die uitdragen dat geld niet het belangrijkste is in het leven. Daar hangt een zweem van hypocrisie. Zeker nu bekend werd dat topman Hamers van ING een loonsverhoging krijgt van 50 procent, die zijn beloning naar 3 miljoen euro tilt. Het zorgt voor veel politiek tumult. De fractievoorzitter van GroenLinks in de Tweede kamer, Jesse Klaver, wil nu met een ‘spoedwet’ de salarisverhoging voorkomen.

Aan het einde van de week moet de tekst daarvan naar de Raad van State voor een advies, waarna een wetsvoorstel door de twee kamers van het parlement moet worden gejaagd– op tijd voor ING’s aandeelhoudersvergadering van 23 april. Ruim een week voor de gemeenteraadsverkiezingen is het lastig om uit te maken waar oprechte verontwaardiging over Hamers’ loonsverhoging eindigt en de campagne begint. De vraag moet zijn: is dit een onderwerp voor de politiek? ING is een onderneming. Besluiten over de beloning van de top worden voorgesteld door de commissarissen en gefiatteerd door de aandeelhouders. Daar valt in het geval van een bank wat op af te dingen. ING werd tien jaar geleden gesteund door de staat toen de financiële crisis de financiële sector dreigde weg te vagen. Dat is inmiddels afbetaald en achter de rug.

Maar de crisis zelf onderstreepte dat banken geen gewone bedrijven zijn. Zij zijn een essentieel onderdeel van het maatschappelijke weefsel. Een samenleving kan zich hun ondergang niet permitteren. En daardoor is er, altijd, een vangnet. Nu wordt er in Europees verband aan gewerkt dat aandeelhouders en andere geldschieters voortaan de eersten zijn die bij een volgende calamiteit zullen bloeden. Dat hoort ook zo. Maar als zij zelf het grootste risico lopen, dan kan aandeelhouders het recht niet worden ontzegd om het laatste woord te hebben bij de beloning van de top van een bank.

Doet de samenleving er dan niets toe bij Hamers’ loonsverhoging? Dat wel. ING is deel van een trend. Er is wederom een groeiend gat tussen de beloning van de top en die op de werkvloer. Die ontwikkeling staat niet op zichzelf. Rechten van werknemers staan onder druk, het aandeel van flexibel werk neemt voor mensen met een lagere opleiding bovenproportioneel toe. Het soepele monetaire beleid heeft bijgedragen aan vermogensstijging (met name huizen) voor hen die beschikken over vermogen. Verschillen in bezit en inkomen zijn onontkoombaar. Ze kunnen een prikkel geven beter te presteren en een motor zijn voor maatschappelijke mobiliteit en vitaliteit. Maar een samenleving kan zich geen al te grote kloof permitteren tussen mensen met lage inkomens en mensen die er goed bij zitten. Tussen huiseigenaren en huurders. Tussen de top en de werkvloer. Dit is geen nivelleringsdrang, maar gezond verstand.

Lees ook de column van Bas Heijne over Hamers’ loonsverhoging: Stom volk

Dit land is groot geworden met wat het ‘Rijnlandse model’, wordt genoemd: een maatschappelijke ordening waarbij het kapitalisme heilzaam werk kan doen, maar zodanig tegen zijn eigen uitwassen wordt beschermd dat het geaccepteerd blijft. Dat zouden aandeelhouders zich vaker moeten realiseren. De commissarissen van ING die deze aandeelhouders straks voor het blok zetten ook. Winstbejag is gezond. Maatschappelijke stabiliteit ook. De tijden zijn ernaar.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.