‘Ik wil voorkomen dat grote groep Syrische vluchtelingen jarenlang in de uitkering blijft hangen, zoals in jaren 90 is gebeurd met grote groepen die uit buitenland kwamen.’

Wie zei dat?

Mark Rutte, die aan dit radiodebat voor de lokale verkiezingen niet deelnam als premier maar als landelijk VVD-leider.

Welke grond is ervoor te vinden?

De „grote groepen” die in de jaren negentig kwamen, waren vooral ex-Joegoslaven, op de vlucht voor de oorlog. Uit integratierapporten bleek dat deze groep vluchtelingen bovengemiddeld goed integreerde. In 2004 werd zij voor het laatst als aparte groep opgenomen in het jaarraport integratie van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Van de 76.346 ex-Joegoslaven die in destijds waren gekomen had in 2004 30 procent een uitkering. Uit de jaren negentig waren de grootste andere groepen 2004 42.931 Irakezen, 36.034 Afghanen, 25.001 Somaliërs. Van hen kreeg respectievelijk 50 procent, 48 procent en 57 procent in 2004 een uitkering.

En, klopt het?

Van de vluchtelingen die in de jaren negentig kwamen integreerde de grootste groep, uit ex-Joegoslavië, het beste. Maar van hen was ook 30 procent in 2004 nog afhankelijk van een uitkering. Al is het niet de meerderheid, het is ook geen ‘kleine groep’. Grotendeels waar, dus.