ING worstelt al 20 jaar met beloningen

Bank

Haagse politici reageren verontwaardigd op de hogere beloning voor Ralph Hamers. Het is niet de eerste beloningsrel bij ING.

En weer is ING de kop van jut. Voor politici en vakbonden is het prijsschieten op de verhoging van de beloning van bestuursvoorzitter Ralph Hamers die ING donderdag heeft aangekondigd. Zo gaat het al een jaar of twintig.

Werkelijk iedere fractie in de Tweede Kamer keerde zich donderdag tegen de verhoging. D66-Kamerlid Jan Paternotte wist al snel een Kamermeerderheid achter zijn voorstel te krijgen voor een hoorzitting met ING-president-commissaris Jeroen van der Veer (oud-Shell-topman).

Minister Wopke Hoekstra (Financiën, CDA) is niet te spreken over de „buitensporige beloning. We zijn juist bezig het broze vertrouwen in de financiële sector te herstellen, en dit helpt bepaald niet. Ik kan goed begrijpen dat veel mensen zeggen: hier krijg ik buikpijn van.”

Volgens Hoekstra wist het ministerie dat het salaris van de ING-topman zou worden verhoogd, maar hoorde het departement pas woensdagavond om welk bedrag het ging.

Voor ING, dat in zijn logo een nationale leeuw heeft staan, is het de zoveelste beloningsrel. Dat begon in 1998. ING, toen nog een bank én verzekeraar, halveerde de beloning van de raad van bestuur in aandelenopties. Deze opties waren dankzij de beurshausse van die jaren een goudmijn gebleken, goed voor 80 miljoen gulden (nu ruim 36 miljoen euro) voor de acht bestuurders samen.

Het maatschappelijk ongenoegen over topbeloningen had toenmalig minister-president Wim Kok (PvdA) een jaar eerder onder woorden gebracht met zijn kwalificatie van „exhibitionistische zelfverrijking”.

In 2004 trok ING weer de aandacht. De geldgigant verhoogde de beloningen met, voor topman Ewald Kist, maximaal 64 procent. ING was Nederland ontstegen en moest zich volgens president-commissaris (en oud-Shell-topman) Cor Herkströter meten met internationale normen. Pijnlijk detail in de affaire in 2004: de commissarissen waren eerder vergeten om de tweejaarlijks toets van de beloning van de top uit te voeren, zodat de beloningen opeens veel driester moesten stijgen. Kok, inmiddels commissaris bij ING, noemde het een duivels dilemma. Hij vond de verhoging per saldo in het belang van ING, dat hij als commissaris had te dienen.

Na de tweevoudige reddingsactie van ING met staatsgeld in 2008 en 2009 moest het concern zich houden aan nieuwe, sobere beloningsregels. Over 2010 besloten de commissarissen alvast een bonus aan de top uit te keren. Ook toen reageerden politici met boosheid. De bonus ging niet door. De staatssteun uit 2008/2009 is inmiddels terugbetaald. Nederland heeft bonussen in de financiële sector inmiddels wel gemaximeerd op 20 procent van het vaste salaris.

    • Menno Tamminga