Hoeveel verdien je als ambtenaar?

Geldzaken Levert een goede baan bij de overheid ook een goed salaris op?

Illustratie Viola Lindner

Vergeleken met het bedrijfsleven valt dat tegen, in elk geval als je al wat langer werkt. De overheid (rijksoverheid, provincies, gemeenten en waterschappen) betaalt minder goed voor de hogere functies. Voor de ambitieuze starter ligt het kantelpunt ongeveer bij vijf jaar, aldus beloningsadviseur Rob Westrek van Korn Ferry Hay Group, verwijzend naar eigen onderzoek. „Pakweg de eerste vijf jaar betaalt de overheid prima, vaak wat beter dan het bedrijfsleven. Werk je er langer en maak je promotie, dan vlakt de loonlijn bij de overheid wat af, terwijl die bij bedrijven juist steiler wordt. Qua geld ben je dan beter af bij het bedrijfsleven.”

Daarbij gaat het om salaris plus bonussen. Een van de oorzaken is volgens Westrek de in 2013 ingestelde ‘Wet normering topinkomens’ die een grens stelt aan de hoogste inkomens bij de overheid. Dat heeft een negatief effect op de lagen daaronder.

Hogere ambtenarensalarissen scoren niet.

Marco Ouwehand, FNV Overheid

Ook de stijging van de cao-lonen blijft gemiddeld genomen achter bij het bedrijfsleven, zegt vakbondsbestuurder Marco Ouwehand van FNV Overheid. Dankzij de groeiende economie beginnen de lonen bij veel bedrijven nu op te lopen. Bij de rijksoverheid en de waterschappen schiet dat nog niet erg op, aldus Ouwehand, die er over 2017 een loonstijging van 1,4 procent uitsleepte voor zijn achterban. Na jaren zonder enige vooruitgang hielden de lonen daarmee de inflatie bij, meer niet. Beter is het bij de gemeenten en provincies: zij spraken een loonsverhoging van meer dan 3 procent af. „Daar is wat meer ruimte voor een eigen koers”, aldus Ouwehand.

Voor het vaststellen van het budget voor loonstijgingen werkt de overheid met een interne referentiesystematiek, waarvoor ook wordt gekeken naar de salarissen in de markt. Ouwehand: „Maar de uitkomst van dat systeem kan worden bijgesteld. Die knop is in de afgelopen twintig jaar negentien keer omlaag gedraaid.” Dat heeft volgens de FNV-bestuurder een politieke reden. „Het levert een makkelijke besparing op, waarmee je iets leuks voor de mensen kunt doen. Hogere ambtenarensalarissen scoren niet.”

Echt zoden aan de dijk zetten volgens beloningsadviseur Westrek de salarissprongen die je maakt bij promotie. En die vallen bij de overheid dus tegen.

De overheid trekt weer jonge mensen aan. Lees daarover: ‘Je zit aan de knoppen van de maatschappij’

Misschien dat de secundaire arbeidsvoorwaarden compensatie bieden? Nee, zeggen de twee experts. Het arbeidsvoorwaardenpakket dat de overheid biedt is goed, maar dat weegt niet op tegen het lagere salaris. Toch even wat positieve punten, om te beginnen het pensioen. Gunstig is dat pensioenfonds ABP de middelloonregeling biedt, met het gemiddeld verdiende salaris als uitgangspunt voor het pensioen. Ook het aantal vakantiedagen is heel aardig. Verlofregelingen zijn ook lang niet slecht. Neem het ouderschapsverlof: bij de rijksoverheid krijg je tot 55 procent van je salaris doorbetaald, bij bedrijven vaak niets. Bij provincies overigens ook niet en bij gemeenten hangt het af van de lokale regeling.

Ouwehand van FNV roemt de begeleiding bij reorganisaties. „Voor de hulp bij het vinden van een andere baan wordt meer tijd uitgetrokken dan in het bedrijfsleven, en er is een goed budget voor opleidingen.” Maar die voorsprong qua secundaire arbeidsvoorwaarden vervalt als de economie aantrekt. Nu goed personeel lastiger te krijgen is, bieden ook bedrijven meer extra’s.

De overheid heeft een andere troef om starters te lokken, zegt Westrek van Korn Ferry. „Voor de jongere generatie is maatschappelijk relevantie belangrijker geworden.” Dat de verdienste wat minder is, zullen (sommige) talenten op de koop toe nemen.

    • Lizanne Schipper