‘Syrische troepen splitsen Oost-Ghouta in tweeën’

De splitsing van de enclave is slecht nieuws voor de rebellen. Hun communicatie- en bevoorradingslijnen worden dan afgesneden.

Foto Abdullah Hammam/AFP

Het Syrische regeringsleger heeft de rebellenenclave Oost-Ghouta vlak bij hoofdstad Damascus zo goed als in tweeën gesplitst. Dat heeft een commandant van de Syrische troepen donderdag gezegd, meldt persbureau Reuters. Als de troepen van president Assad een wig weten te drijven in het belegerde gebied is dat een gevoelige klap voor de rebellen.

De Syrische commandant bevestigde aan Reuters berichtgeving van het in Londen gevestigde Syrische Observatorium voor de Rechten van de Mens (SOHR). Dat meldde woensdag dat de opdeling van Oost-Ghouta al een feit was. Een woordvoerder van een belangrijke rebellenbeweging in de enclave zei donderdag dan weer tegen Reuters dat het SOHR-bericht niet klopte.

De situatie in Oost-Ghouta. Volgens het regime en het SOHR hebben Assads troepen inmiddels bij Douma het rebellengebied gesplitst. Graphic NRC

De strijdkrachten van het regime proberen Oost-Ghouta, het laatste grote rebellenbolwerk in Syrië, al bijna drie weken te heroveren. Aanvankelijk met bombardementen, later ook met een grondoffensief. Assads troepen vallen het gebied aan vanuit westelijke en oostelijke richting. Als die aanvalsfronten contact maken, wordt Oost-Ghouta door een dunne strook land in een noordelijk en een zuidelijk deel gesplitst.

‘Val van Oost-Ghouta onherroepelijk’

Dat is militair gezien een grote tegenslag voor de rebellen. “Ze kunnen niet meer met elkaar communiceren en hun bevoorradingslijnen raken afgesneden”, zegt NRC-correspondent Gert Van Langendonck. “Dit eindigt onherroepelijk met de val van Oost-Ghouta.”

Assads belangrijkste bondgenoot Rusland sorteerde dinsdag alvast voor op de ineenstorting van het rebellenbolwerk, door strijders in Oost-Ghouta een kans te bieden het gebied te verlaten. De Russische strijdkrachten boden aan het transport te organiseren en de veiligheid te garanderen. De meeste rebellen lijken vooralsnog echter geen gebruik te maken van het aanbod.

Lees ook: Pas als Oost-Ghouta valt, komt er misschien hulp

Volgens de Verenigde Naties zitten er ongeveer 400.000 burgers in Oost-Ghouta. Bij de gevechten en bombardementen zijn volgens het SOHR bijna negenhonderd inwoners omgekomen. In Oost-Ghouta heersen tekorten aan voedsel en medicijnen. Oproepen van de VN-Veiligheidsraad en Rusland tot een humanitair staakt-het-vuren hebben niets uitgehaald. Dinsdag bereikte desondanks een eerste hulpkonvooi van de VN de enclave. Dat kon hulpgoederen afleveren, maar moest zich “door de veiligheidssituatie” snel weer terugtrekken.

    • Vincent Sondermeijer