Niet de prijs vragen, gewoon genieten is het devies op Tefaf

Kunstbeurs Minder genodigden en meer open ruimte zorgen voor een rustige openingsdag op internationale kunstbeurs Tefaf in Maastricht. Het Rijksmuseum kocht voor 700.000 euro een Italiaans wasmodel.

In plaats van 10.000 genodigden waren op de Early Access Day van Tefaf dit keer slechts 5.000 gasten welkom. Foto Marcel van Hoorn / ANP

Het bedienend personeel op de besloten opening van The European Fine Art Fair (Tefaf) moest behoorlijk aan de bak. „Mag ik u iets te drinken aanbieden?” En: „Wilt u wellicht een canapé?” De genodigden kregen donderdag aan één stuk door versnaperingen aangeboden. Heel anders dan voorgaande jaren, toen de bezoekers aan het eind van de middag soms als sprinkhanen de dienbladen aanvielen.

De opening van de 31ste editie van de Maastrichtse kunst- en antiekbeurs was de rustigste in jaren. Geen Koningsdagdrukte in het Maastrichtse MECC-gebouw; in plaats van 10.000 genodigden waren op Early Access Day dit keer slechts 5.000 gasten welkom. Beursontwerper Tom Postma heeft bovendien de stands iets verkleind en de gangpaden verbreed, zodat de bezoekers echt konden flaneren over ‘Place de la Concorde’ en ‘Trafalgar Square’, zoals de pleinen op de beurs heten.

De mensen die hier nu rondlopen willen écht kopen

Sander Bijl, kunsthandelaar

De kalme opzet viel bij de deelnemende handelaren in de smaak. „Veel prettiger”, zegt bijvoorbeeld Sander Bijl, handelaar in oude meesters. „De mensen die hier nu rondlopen willen écht kopen, en ik heb meer tijd om met ze te praten.”

Aan het begin van de middag zaten bij Ben Janssens Oriental Art uit Londen al vele rode stippen naast de Aziatische antiquiteiten. En hij was de beslist niet de enige handelaar die zo vroeg op de dag al zaken deed. Ondanks torenhoge vraagprijzen was de stemming op de beurs optimistisch; rond gewilde stukken zwermden vaak veel verzamelaars en museummedewerkers.

Aankoop van het Rijksmuseum: wasmodel uit 1556 voor een bronzen beeld van de Italiaanse beeldhouwer Bartolomeo Ammannati. Foto Rijksmuseum

Musea profiteren daarbij soms van hun nauwe band met de beurs. Frits Scholten, conservator beeldhouwkunst bij het Rijksmuseum Amsterdam, leidt bij Tefaf de keuringscommissie ‘westerse sculpturen tot 1830’. Tijdens de keuringsdagen op dinsdag en woensdag heeft hij goed rondgekeken en een wensenlijstje opgesteld. Donderdagavond kon het Rijks bekendmaken dat het een uit circa 1556 daterend wasmodel van de Italiaanse beeldhouwer Bartolomeo Ammannati heeft aangekocht.

Scholten: „Een zeldzaam wasmodel van een van de belangrijkste Florentijnse beeldhouwers bestemd voor de tuin van het Palazzo Pitti. Diverse verzamelaars en musea wilden dit beeld graag hebben.” Dankzij een bliksemactie met de BankGiro Loterij had het museum binnen een paar uur de benodigde 700.000 euro bijeen. Bij collega’s van een groot Amerikaans museum zag Scholten „zeer sippe gezichten”.

Geen topstuk

Een onbetwist topstuk, een goede Rembrandt of Van Gogh, is dit jaar moeilijk aan te wijzen. Maar wat deert het? Op vrijwel elk terrein bewijst Tefaf zich opnieuw als dé kunstschatkamer van de wereld. Zo presenteert de New Yorkse design-galerie Demisch Danant een van de mooiste moderne lampen, de zeldzame Flower Lamp (1970) van de Franse ontwerper Jean-Pierre Vitrac. Koetser, de Zwitserse handelaar in oude meesters, verrast met een onbekend, maar weergaloos riviergezicht van Jan van Goyen. De New Yorkse Donald Ellis Gallery heeft een muur gevuld met vijftien enorm blijmakende Kachina-poppen van de Hopi-indianen. Zelfs in de Showcase, de kraamkamer voor beginnende handelaren, valt veel te genieten. De Parijse etnografica-dealer Charles-Wesley Hourdé toont daar twee weergaloze Malangan-beelden uit Nieuw-Ierland.

Onbekend Dordts rivierlandschap van Jan van Goyen uit 1655. Te koop bij Koetser Gallery uit Zürick. Vraagprijs: ‘Boven 1 miljoen euro’.

Foto Koetser Gallery
Onbekend Dordts rivierlandschap van Jan van Goyen uit 1655. Te koop bij Koetser Gallery uit Zürick. Vraagprijs: ‘Boven 1 miljoen euro’.
Foto Koetser Gallery

Behalve voor degenen die met een privéjet naar Maastricht zijn gekomen, is informeren naar vraagprijzen op de beurs een frustrerende bezigheid. Zoals ook blijkt uit recente veilingresultaten is duidelijk dat op topstukken momenteel geen prijs staat. Zelfs voor een in 1962 ontworpen tafellampje van Gino Sarfatti wordt 20.000 euro gevraagd. Een klein blad grafiek van Sol LeWitt moet 45.000 euro opbrengen, en een schilderijtje van twee hooibergen door Piet Mondriaan 8,5 ton. Niks vragen, gewoon genieten alsof het een museum is, dat is het recept voor een geslaagde Tefaf.

En wie verder nog wensen heeft, meldt zich bij de kleine stand van Sebastiaan Hooft. Op de Tefaf-plattegrond staat hij aangeduid als de ‘conciërge van de beurs’, maar zelf noemt hij zich liever ‘lifestyle manager’. Geen verlangen is hem te gek, zegt Hooft, met plezier „kruipt hij in de huid van de klant”. Een doosje bonbons voor bij de koffie, een oppas voor de hond, een cadeautje voor een bevriende kunsthandelaar, hij regelt het in een handomdraai.

Slechts één keer heeft hij ‘nee’ moeten verkopen. Een Amerikaan die met zijn privéjet naar Limburg was gekomen, bleek krap in zijn tijd te zitten. Hij wilde over de beursvloer zoeven met een Segway, een elektrische scooter.