Opinie

    • Lamyae Aharouay

Deze column is voor moeders in de oorlog

Hier had ook een stuk kunnen staan over het gebrek aan topvrouwen, over zes procent topvrouwen in plaats van de wettelijk gestelde dertig procent, over een minister van Emancipatie die zegt dat het allemaal om te huilen is en over een minister-president die zegt dat het op zich niet goed is dat hij alweer een man minister heeft gemaakt.

Maar ik laat de topvrouwen even zitten. De zeshonderd woorden die ik tot mijn beschikking heb, gebruik ik op Internationale Vrouwendag om de moeders te eren die een anker zijn voor hun kinderen in tijden van oorlog en verwoesting. U weet wel, de vrouwen die u in beeld ziet bij het zoveelste nieuwsbericht over een door oorlog verscheurd land en u klikt het artikel weg, of u zapt de reportage weg, want ja, het is echt zielig en erg maar er is zoveel ellende en het was al zo’n lange dag, dus nu even niet.

Nu dus juist even wel.

Dit is voor de moeder die in uitzichtloze tijden het zicht op de toekomst terug kan brengen door haar kinderen te vertellen over wanneer het over is, en ze terug kunnen naar huis, zelf wel beter wetend dat de ellende ook na de ellende nog niet voorbij is, dat het nog lang niet voorbij is.

De moeder die in de zinderende kou, van het soort dat langzaam door je lichaam trekt, je rug gaat pijn doen, je vingers gaan tintelen om vervolgens gevoelloos te worden, die kou waarvan je kaken oncontroleerbaar gaan trillen, haar kledingstukken een voor een uittrekt, de kou trotseert om de lichamen van haar kinderen te verwarmen. De moeder die dagen niet eet zodat het gerommel van haar buik en de pijn als resultaat van langdurige honger haar kinderen bespaard blijven. Dit is voor de moeder die haar kind ziet in een omgeving waar ze in betere tijden, zelf voor de televisie in haar warme, veilige omgeving met haar kinderen om zich heen, zag hoe andere moeders, een kind of twee op de armen, wanhopig haar warme woonkamer in keken. Ze herkende hun blik, die alleen een moeder kan hebben, en nu kijkt zij met diezelfde blik de woonkamer van een ander in. Dit is voor de moeder die moet laten bezinken dat het haar nu is overkomen, dat het gevoel van eeuwige veiligheid een illusie bleek, maar die daar aan haar kinderen niks van wil laten merken, die voor hen nog altijd die veilige haven wil blijven waar haar schepen kunnen aanmeren, zelfs als de storm op zijn hardst woedt.

Dit is de moeder die niet serieus wordt genomen als de mannen praten, maar op wie wel teruggevallen wordt als er keuzes gemaakt moeten worden, of als er problemen zijn. Dit is de moeder die vanbinnen verscheurd is maar weigert dat te laten zien aan haar kinderen, zij zien in haar warmte, vertrouwen en de hoop dat alles goedkomt. Dit is de moeder die onzeker is over het lot, niet weet als ze haar kinderen telt of ze de volgende dag weer op het zelfde getal uit zal komen. De vrouw die met een arm om haar kind, een aanraking, een aai over het hoofd een dag weer goed kan maken. Dit is de vrouw wier tranen ’s nachts stromen om de kou, de honger, de uitzichtloosheid, niet van zichzelf maar van de haren. Die haar tranen de volgende morgen heeft gedroogd. Ze troost maar heeft niemand om getroost te worden.

Koester haar, want als het stof eindelijk daalt, en iedereen verdoofd om zich heen kijkt naar wat er nog over is, dan is zij de eerste om op te staan, de mouwen op te stropen en met haar lach het hart weer te doen kloppen en de hoop te doen wederkeren. Is dat niet wat zij altijd heeft gedaan?

Lamyae Aharouay is freelance journalist en presenteert de podcast NRC Haagse Zaken.
    • Lamyae Aharouay