Beloningskloof groeit nog verder door ING

Topbeloningen

De beloningskloof tussen de top van het bedrijfsleven en de werkvloer groeit. ING verhoogt de beloning van de topman met 50 procent.

De CEO van ING Ralph Hamers, CFO Koos Timmermans and CRO Steven van Rijswijk tijdens een presentatie van de jaarcijfers. Foto Olaf Kraak / EPA

ING zet de trend. Terwijl politici, vakbonden, het IMF en zelfs de doorgaans zuinige Nederlandsche Bank oproepen tot hogere lonen, brengt de top van het bedrijfsleven het advies echt in de praktijk. Althans, voor zichzelf. Donderdag kondigde ING een verhoging aan van de beloning van bestuursvoorzitter Ralph Hamers met 50 procent tot ruim 3 miljoen euro. Daarvan bestaat 875.000 euro uit een aandelenpakket dat hij vijf jaar moet houden.

In hun reacties hekelden vakbonden en politici de stijging. Minister van Financiën Wopke Hoekstra (CDA) sprak van een „buitensporige” verhoging. „Ik kan goed begrijpen dat veel mensen zeggen: hier krijg ik buikpijn van.”

De verhoging bij ING versterkt de trend dat de beloningskloof tussen de top van grote Nederlandse ondernemingen en de werkvloer steeds groter wordt. Openheid over die beloningskloof binnen bedrijven is een nieuw facet in de maatschappelijke discussie over topbeloningen.

Beursgenoteerde bedrijven, zoals ING, moeten in hun jaarverslagen over 2017 zelf zeggen wat de verhouding is tussen de totale beloning van de topman en een representatieve groep werknemers. Deze verplichting vloeit voort uit een vernieuwde gedragscode voor goed ondernemingsbestuur. Van de 27 bedrijven die tot nu toe hun jaarverslag publiceerden, leverden er 16 vergelijkbare cijfers over 2016 en 2017. Bij 9 van de 16 is sprake van een toename. Bij 5 een daling; 2 bleven gelijk.

Kloof groeit door bonussen

De toename van de beloningskloof is het gevolg van hogere bonussen, die op hun beurt weer voortvloeien uit winststijgingen. Soms is de afgelopen jaren ook het percentage van het vaste salaris verhoogd dat bestuurders als bonus kunnen verdienen. De vaste salarissen van topmanagers stijgen doorgaans met vergelijkbare percentages als de cao-lonen. Voor de topbestuurders zijn hun bonussen echter de belangrijkste beloningsvorm.

Dit jaar hebben, afgezien van ING, ook verzekeraar ASR, KPN, bodemonderzoeksbedrijf Fugro en transportbedrijf IMCD al beloningsverhogingen aangekondigd.

De dynamiek van een verhoging kent zijn vaste ijkpunten. Er is de constatering dat de beloning van de top tekortschiet ten opzichte van de bedrijven die men als zijn ‘gelijken’ ziet. Volgens ING is de beloning van Hamers nu „aanzienlijk lager” dan bij vergelijkbare bedrijven.

De keuze van de bedrijven in deze vergelijkingsgroep is de eerste stap naar een verhoging. Dan komt de vraag: welk beloningsniveau kiest het bedrijf? Het hoogste dat uit het onderzoek rolt? Nee, dat zou het beeld van graaiers aan de top bevestigen. Het meest populair is een ogenschijnlijk gematigde keus: een beloningspakket dat net onder de mediaan ligt. Ook ING kiest daar nu voor. De mediaan is de middelste waarneming in een reeks.

Lees ook: Kan het bedrijf de beloning van de topman ook uitleggen?

Haasje-over-effect

Dat niveau stijgt vanzelf mee omhoog. Bedrijven die relatief weinig betalen en zich ook aan die mediaan spiegelen, moeten hun beloning verhogen om bestuurders te houden of nieuwe te vinden. Zo krijg je een haasje-over effect: verhogingen lokken nieuwe verhoging uit, als achterblijvers zien dat hun concurrenten wel stijgen. Omdat elke grote onderneming regelmatig zo’n beloningsonderzoek laat houden, hoeven bestuurders niet eens te dreigen met vertrek. De commissarissen zien de uitkomsten zelf wel. En het laatste dat commissarissen willen, is dat bestuurders overstappen naar de concurrent die beter betaalt. Dan moeten zij een opvolger vinden, bijvoorbeeld door met de geldbuidel te rammelen.

    • Menno Tamminga