Als de woekerpolis afloopt, is het toch nog even schrikken

Verzekeringen

Honderdduizenden consumenten hebben nog altijd een woekerpolis. Op de ‘Nationale Ontwoekerdag’ kijken ze of ze nog iets kunnen terughalen van hun misgelopen rendement.

Volgens de Consumentenbond lopen er nog zo’n 2,8 miljoen woekerpolissen in Nederland. Foto Harmpeti

Met een dikke multomap onder de arm is Alida Pekelharing dinsdag vanuit Zaandam in de trein naar Utrecht gestapt. Ze is op de ‘Nationale Ontwoekerdag’ van seniorentijdschrift Plus Magazine en de Consumentenbond. Die verstrekken, in samenwerking met claimclubs, de hele dag financieel en juridisch advies aan consumenten die nog altijd een woekerpolis hebben lopen. Ze proberen in te schatten of die hun misgelopen rendement nog kunnen terughalen bij de verzekeraar. „Ik voel het zwaard van Damocles boven mijn hoofd hangen”, zegt Pekelharing, één van de circa duizend mensen die zich deze dag hebben aangemeld voor advies over hun woekerpolis. „Over vijf jaar ben ik 65. Kom ik dan nog wel rond?”

Woekerpolissen zijn beleggingsverzekeringen die consumenten in de jaren negentig massaal afsloten om uiteindelijk hun hypotheek af te betalen, of als spaarpotje voor als ze met pensioen gaan. Een groot deel van de premie werd niet gespaard, maar belegd.

Verzekeraars waren niet transparant over de kosten die ze in rekening brachten bij de beleggingsverzekeringen. Mede hierdoor vallen de rendementen van een groot deel van deze verzekeringen tegen. Van de 7 miljoenen woekerpolissen die destijds zijn afgesloten, lopen er nog zo’n 2,8 miljoen, aldus de Consumentenbond.

Een lange rij vijftigplussers staat in de rij voor de trap naar boven, waar de adviseurs zitten. Daar staat ook mevrouw Pino, een 64-jarige oud-predikante. Ze legt uit dat haar zoon haar altijd hielp met haar bankzaken, maar ook hij kwam er niet meer uit. „Het is zo ingewikkeld. Maar ik dacht: hier zullen ze wel begrijpen dat wij niet weten hoe het zit. Dat maakt het makkelijker om hulp te vragen.”

Pino verdwijnt in de volle wachtruimte, waar de gedupeerden op nummer worden afgeroepen. Aan de meeste voeten staan uitpuilende mappen of plastic tassen vol papieren, al dan niet bij elkaar gehouden met paperclips en post-its. Een man van de organisatie bromt: „Dat is nog niks. Vanochtend was er iemand met een trolley.”

Irma Mahabier is 68, maar werkt nog steeds. „Ik moet wel.” Ze heeft een eigen yogaschool. Daarvoor gaf ze les bij de FNV, maar na een auto-ongeluk raakte ze haar baan kwijt. Het geld dat ze meekreeg bij haar ontslag dacht ze veilig te hebben weggezet, maar toen ze in 2006 de uitzending van Radar zag over woekerpolissen schrok ze zich „kapot”. „Ik wil mijn kinderen wat kunnen nalaten als ik er niet meer ben, ik ben altijd een alleenstaande moeder geweest. Je moet een huis kopen, zeiden ze tegen mij. Nu kom ik erachter dat er van mijn hypotheek bijna niets is afbetaald.”

Het nummertje van mevrouw Mahabier wordt afgeroepen. Ze schuift aan bij een jonge juridische adviseur van Consumentenclaim, een bedrijf dat gespecialiseerd is in massaclaims en voor de woekerpolis onder andere tegen Reaal en ASR procedeerde. Mahabier legt een dikke stapel papier op tafel. „Ik heb niet alle papieren bij me, is dat erg?”

Na de papieren uitvoerig te hebben doorgespit moet de adviseur Mahabier toch naar een andere zaal verwijzen. Zonder morren gaat ze opnieuw in de rij staan.

Alida Pekelharing gaat gedeeltelijk gerustgesteld naar huis. „Ik weet in ieder geval waar ik aan toe ben. Die mevrouw gaat mij nog een boekje sturen via de mail, ik moet alles overzetten naar banksparen.” Ze is even stil. „Eigenlijk vind ik dat nog steeds eng. Wie zegt dat die andere bank wel te vertrouwen is?” Dan grinnikt ze: „Of ik haal het allemaal van de bank af.” Lekker veilig, net als vroeger. Alles onder het matras.