Opinie

    • Marleen Anthonissen-van der Louw

We hoeven niet bang te zijn voor ziekte en lijden

Tegenslagen horen bij het leven, stelt . Daarna sta je op en ga je weer door.

‘Mijn laatste keer uit”, zegt Vera, een orthodox-christelijke vriendin met wie ik in Jeruzalem ergens een terrasje pik. Ze begint namelijk aan de vastentijd, veertig dagen voor Pasen. „We vasten met het hele gezin, ook de kinderen. Ik train ze dan in het ‘afzien’ deze tijd. We eten veganistisch, dat wil zeggen geen vlees, geen melk of eieren; en natuurlijk geen zoetigheid. Volgens de oud-christelijke regels die al tweeduizend jaar hetzelfde voorschrijven.” Wat moeilijk, zeg! „Ja, maar als je dat als kind leert, train je jezelf ook voor het leven. Als je dan in je leven een tijd hebt waarop het moeilijk wordt, waarop je leven versmalt zeg maar, weet je al hoe dat is en kun je door met het zicht op de opstanding van Christus, zoals bij Pasen!” Die diepere laag die ze aangaf, zette me aan het denken.

Het is me sowieso opgevallen sinds ik in het Heilige Land woon, hoe er hier en misschien wel in heel het Midden-Oosten een grote acceptatie is voor het lijden. Komt dat doordat vasten in zowel christendom, jodendom als islam in dit land heel serieus genomen wordt? Bovendien zijn ziekte en dood een onderdeel van het leven. Het is ontzettend naar en verdrietig als het je overkomt, maar het wordt ingebed in een soort liturgie van het lijden en er worden extra gebeden voor je opgezegd. En daarna ga je weer door, want jouw eigen leven moet verder geleefd worden onder Gods hemel. Zo heb ik rondom het overlijden van mijn man afgelopen najaar veel lokale mensen op bezoek gehad: ze kwamen, luisterden, boden heel praktische hulp aan en ‘waren er gewoon’. En trokken me daarna weer mee in het normale leven: ‘Wat fijn, Marleen, dat je nu weer aan het werk bent! Welkom terug!’

Ik ben hier heel erg dankbaar voor, want ik ken genoeg verhalen uit Nederland en Engeland waar dit helemaal niet het geval was en mensen eenzaam verpieterden. Waar zou dat grote verschil toch vandaan komen? Waarom zijn wij in het Westen eigenlijk bang voor ziekte en lijden en worden we boos als het óns overkomt? En, als we religieus zijn, ook vaak boos op God?

Zou de oorzaak van ons vaak oppervlakkige leven in het Westen misschien liggen in het feit dat we de diepten van het lijden niet bewust aangaan? We horen overal de oproep tot gelukkig zijn – ‘Happinez’. En we moeten ons leven zo goed mogelijk leven en ontplooien, eruit halen wat erin zit. En geldt dat ook niet voor onze kinderen, voor wie we alles opzij willen zetten? We zijn bang geworden voor ‘moeten’ omdat we onze vrijheid willen benadrukken, maar laten we daarmee niet een stuk diepte liggen?

Mijn vriendin ziet haar vasten duidelijk als een diepe spirituele oefening, zodat na het dal van het lijden de bergtop van vreugde over Jezus’ opstanding met Pasen veel indringender haar hart zal raken. En ik zie dat het bij haar ook in de rest van haar leven zo werkt. Om jaloers op te worden!

    • Marleen Anthonissen-van der Louw