Opinie

    • Maxim Februari

Laarzen aan om de macht te controleren

Even de brievenbus leegmaken. Wat komt er toch veel interessants binnen. En, hé, dat is vreemd, het gaat allemaal over de stad. Afgezien van dat ene merkwaardige berichtje over een Deense prins die mannequin is geworden. Iemand laat weten dat de prins zijn eerste grote opdracht onlangs deed tijdens de ‘London Fashion Week Show February Collection Fashion Show’. Eigenlijk is ook dat een berichtje over de stad.

Verder alleen maar aankondigingen van congressen over urbanisatie. Linkjes naar artikelen. Een interview. Een bladwijzer. Een ‘hoi misschien is dit iets voor jou’-mailtje. Een ‘geachte heer, in het kader van’-brief. En allemaal, echt allemaal, over de stad. Terwijl ik dat zo eens bekijk, al die serieuze post over urbanisatie en de metropool, begint in mijn achterhoofd steeds luider een bel te rinkelen. „Heb ik niet ergens”, zeg ik tegen mezelf, „een knipsel over Rem Koolhaas en het platteland?”

De post over de stad gaat allemaal tegelijk ook over de computer. Wonen computers in de stad? Is een stad zelf een computer? Ja, zegt de een. Nee, zegt de ander. „Nu digitale infrastructuren steeds bepalender aanwezig zijn in de hedendaagse steden, beschouwen bedrijven en overheden steden als de kwintessentie van complexiteit en digitale alomtegenwoordigheid”, schrijft de aankondiging van een seminar over digitalisering van de stad. En zo is het.

Ik zoek naarstig naar mijn knipsel. Want als iedereen over de stad praat en Rem Koolhaas over het platteland, is het oppassen geblazen. Laten we het zo zeggen, architect Koolhaas is geen humanist, hij lijkt meer geïnteresseerd in de macht dan in de mens, en dus zijn zijn uitspraken al gauw representatiever voor wat staat te gebeuren dan die van fijnzinnige academici. Waar is het knipsel gebleven? Hebbes. Krant van 2 januari van dit jaar. ‘De blik moet weer gericht zijn op het platteland.’ Koolhaas gaat, zegt hij, met zijn studenten ongeveer twintig rurale gebieden onderzoeken. In 2019 zal hij de uitkomsten laten zien in het Guggenheim Museum in New York. Onder de titel Countryside: Future of the World.

Het is derhalve maar helemaal de vraag waarom ze het in mijn brievenbus nog steeds over de stad hebben. Zelf denk ik bij het doorbladeren van de post dat het komt door Lewis Mumford. Deze 20ste-eeuwse techniekfilosoof wordt vaak geciteerd met zijn ideeën over steden en data. Volgens Mumford komen steden voort uit de bureaucratie. Voor het apparaat van bestuur en administratie zijn namelijk gebouwen nodig en die gebouwen – plaatsen voor dataopslag en dataverwerking – geven vorm aan de stad.

In de 21ste eeuw wordt de gedachte breed gedeeld dat deze data op hun beurt niet denkbaar zijn buiten de context van de stedelijke omgeving. Data worden gemaakt, beheerd, verwerkt, verhandeld en verkocht; gebruikt; en aangevochten, geheim gehouden, openbaar gemaakt, politiek geduid. De stad maakt de data en de data maken de stad. Daarom gaan congressen in digitale tijden niet over het platteland.

Ze gaan, net als de artikelen en debatten, exclusief over de gedachte dat de stad een computer is. Stop een stad in het stopcontact en je hebt een smart city. Een zelflerend systeem dat efficiënter functioneert als je het volhangt met sensoren en voedt met data. Je hoeft niet eens meer aan de knoppen te draaien, het systeem draait aan zijn eigen knoppen. Het is deze de-stad-is-een-computer-gedachte die het onderwerp is van veel hedendaagse controverse. Is de stad een computer? Ja, zegt de een. Nee, zegt de ander. Maar Rem Koolhaas richt intussen de blik op het platteland en komt met zijn ‘het platteland is een computer’-gedachte.

Ik zie dat hij daar trouwens al eerder mee is gekomen. Online vind ik een verslag van een lezing die hij in 2012 gaf over het thema van de stad – ‘Facing Forward: Future City’ – waarbij hij alleen sprak over het platteland. Daar, buiten de stad, lag de frontlinie van de transformaties, zei hij. „Het platteland wordt in de ogen van Koolhaas een ‘unending digital field’.” Geautomatiseerde landerijen, inzet van drones, agrarische bedrijven die op afstand worden bestuurd door flexwerkers in globale netwerken: het platteland wentelt zich om.

Ik heb er zelf niet het minste verstand van. Maar als ik de post lees, denk ik dat Rem Koolhaas wel eens gelijk zou kunnen hebben met zijn countryside. En met zijn bewering dat je de toekomst van stad en land in samenhang moet bekijken. De dingen zijn in de 21ste eeuw niet even vanzelfsprekend met een centrum verbonden als in de twintigste eeuw. Wie de macht wil controleren, trekke daarom zijn laarzen aan en volge Rem Koolhaas. Om daar buiten een beetje op hem te letten.

Maxim Februari is jurist en schrijver, www.maximfebruari.nl.
    • Maxim Februari