Longreads

Hoe een gepensioneerde de loterij doorziet en miljoenen verdient

Gerald Selbee ontdekte een patroon in een Amerikaanse loterij. Over het avontuur dat daarop volgde, schreef The Huffington Post dit verhaal.

Foto iStock

Gerald Selbee is een gepensioneerde Amerikaan met een wiskundeknobbel. Zonder dat hij er zijn best voor hoeft te doen, ontwaart hij overal patronen. Zo ook op een dag in 2003, als hij in een buurtwinkeltje een foldertje in handen krijgt van een nieuwe loterij. Hij leest de spelregels, rekent het na in zijn hoofd en beseft: deze loterij heeft een grote zwakke plek.

Voor The Huffington Post tekende journalist Jason Fagone Selbees verhaal op. Fagone schrijft over de ontdekking en over wat er daarna gebeurt - een avontuur van bijna tien jaar, waarin Selbee samen met zijn vrouw Marge miljonair wordt door simpelweg mee te doen aan de loterij. En dan niet één keer, maar vele honderdduizenden keren.

Jackpot

Eigenlijk is Selbees ontdekking simpel. De loterij draait om loten met zes willekeurige getallen tussen de 1 en 49. Wie ze allemaal goed heeft, wint de jackpot. Als niemand zes goede getallen heeft, loopt de jackpot op, totdat het bedrag boven de 5 miljoen dollar komt. Als de hoofdprijs dan bij de eerstvolgende trekking wéér niet valt, wordt hij verdeeld over alle deelnemers met twee, drie, vier of vijf goede cijfers.

Daar zit hem de winst, ziet Selbee. Door het extra prijzengeld wordt de winstverwachting in de speciale jackpotronde voor elke deelnemer onderaan de streep positief. Wie maar vaak genoeg speelt, loopt binnen.

Maar hoe moet Selbee zijn gouden inzicht omzetten in een goed gevulde bankrekening? Hoe komt hij aan genoeg loten om zeker te zijn van een dikke winst? En wat doet hij als blijkt dat er honderden kilometers verderop een groep studenten woont die dezelfde loophole heeft ontdekt?

Lees het hier in de longread ‘Jerry and Marge go large’ van The Huffington Post (10.500 woorden, leestijd 1 uur).
    • Vincent Sondermeijer