Commissie: quotum nodig voor meer topvrouwen

Streefcijfer Er moet een afdwingbaar quotum komen voor het aantal vrouwen in Nederlandse raden van bestuur en commissarissen, adviseert een speciale commissie. „De tijd van stimuleren en hopen dat het goedkomt is voorbij.”

Minister Ingrid van Engelshoven (D66) van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Remko de Waal/ ANP

Het advies is helder: er moet een quotum komen, want het schiet niet op. Het Nederlandse bedrijfsleven lijkt weinig onder de indruk van het wettelijke streefcijfer van 30 procent vrouwen in de top. In vijf jaar tijd, zolang bestaat de wet, is het aantal vrouwen in raden van bestuur met nauwelijks meer dan 3 procentpunt toegenomen (naar nu 10,7 procent), in de raden van commissarissen met ruim 5 procent (nu 15 procent). „De tijd van motiveren, stimuleren en maar hopen dat het goedkomt is nu voorbij”, zegt Caroline Princen, voorzitter van de commissie Monitoring Streefcijfer Wet bestuur en toezicht (Wbt). Het is voor het eerst dat de commissie een quotum aanbeveelt.

Dinsdag presenteerde de commissie het onderzoek dat de vorderingen bijhoudt van de 5.000 grote vennootschappen die vallen onder de Wbt. Het gaat „tergend langzaam”, oordeelt de commissie. De overgrote meerderheid haalt het streefcijfer niet, en komt zelfs niet in beweging. Halverwege 2017 had 70 procent van de bedrijven geen enkele vrouw in de raad van bestuur, en de helft had geen vrouw in de raad van commissarissen. Bij vacatures werden er niet méér vrouwen benoemd dan in eerdere jaren.

Lees ook: Wie topvrouwen wil, kan ze krijgen

Bedrijven houden zich bovendien slecht aan het ‘pas toe of leg uit-principe’: de wet eist dat bedrijven die het streefcijfer niet halen, dat uitleggen in hun jaarverslag. Maar ook dát doet meer dan de helft niet. En nog veel meer bedrijven houden zich niet aan alle wettelijke rapportageverplichtingen.

Kansen genoeg

We moeten constateren, zegt Princen, dat bedrijven het niet belangrijk genoeg vinden. En dat terwijl het toch ook in hun eigen belang is dat ze een goede verdeling man-vrouw in de top hebben, zegt minister Ingrid van Engelshoven (Emancipatie, D66). Het is al lang bekend dat een divers bestuur betere beslissingen neemt. De cijfers vallen Van Engelshoven „heel erg tegen”. „Dit is zo treurig. Ik kan echt niet begrijpen waarom bedrijven het zo ontzettend laten liggen.”

Kansen waren er genoeg, zegt Princen. En tijd ook: de wet werd in 2013 ingevoerd. Bovendien laat een kleine voorhoede van bedrijven zien dat het wél kan (16,7 procent haalt het streefcijfer in de raad van bestuur en 23,4 procent in de raad van commissarissen). Princen: „We hebben er heel veel aan gedaan om een quotum te voorkomen. Maar op een gegeven moment moet je naar de feiten gaan kijken, naar de realiteit. We moeten overstappen op een afdwingbaar quotum.”

„Ik wil op z’n minst dat we met dit advies het de politiek moeilijker maken hier niet serieus iets mee te gaan doen.”

Niet meteen, zegt ze, maar de politiek moet zich er nú op gaan voorbereiden zodat er in 2020, als de wet afloopt, meteen mee gestart kan worden. De commissie beveelt een quotum aan volgens een ‘ingroeimodel’: bijvoorbeeld door het met 2 procentpunt per jaar te verhogen, zodat in 2025 die 30 procent vrouwen in raden van bestuur en commissarissen dan eindelijk echt wordt gehaald.

En in de tussentijd moet er een stuk strenger gestuurd worden op naleving en handhaving van de wet, vindt Princen.

Weerstand

Omringende landen, die vaak al wel een quotum hebben, laten zien hóé. Voor de hand liggend is: eerst waarschuwen, een jaar later een boete. Maar daarbij blijft het vaak niet. Benoemingen van mannen nietig verklaren, is bijvoorbeeld ook een mogelijkheid. Of financiële vergoedingen van bestuurders en commissarissen intrekken. Of, nog verdergaand: een bedrijf van de beurs halen.

De weerstand tegen een quotum is groot in Nederland. Dat was in die andere landen óók zo, zegt Princen. „Niemand wil dit. Vrouwen misschien wel op de eerste plaats niet. Maar het geduld raakt nu wel op. Ik hoop op z’n minst dat we met dit advies het de politiek moeilijker maken hier niet serieus iets mee te gaan doen.”

Lees ook: Nederland ‘conservatief’ als het om topvrouwen gaat

Want of het quotum er nu dan ook echt komt – de vorige minister, Jet Bussemaker (PvdA), dreigde er al herhaaldelijk tevergeefs mee – blijft de vraag. Desgevraagd zegt Van Engelshoven dat ze „niks uitsluit”. Ze geeft de bedrijven nog één jaar de tijd voor „een echt heel zichtbare en forse eindsprint”, en dan neemt het kabinet een besluit over de maatregelen die genomen worden. Een quotum is een mogelijkheid, maar bijvoorbeeld ook naming and shaming of een verplicht streefcijfer per bedrijf met een concreet tijdpad”. Van Engelshoven: „Ik ga in 2019 afrekenen.”

    • Anne Dohmen