AIVD: veel meer Nederlandse kinderen in Syrië en Irak

Volgens veiligheidsdienst AIVD zijn er minstens 175 kinderen met een Nederlandse ouder in Syrië en Irak. Ruim de helft is jonger dan vier jaar.

Foto EPA/ Mohammed

In Syrië en Irak zijn 175 kinderen met een Nederlandse ouder. Dat meldt veiligheidsdienst AIVD in zijn jaarverslag. Eerder ging de dienst nog uit van circa honderd kinderen in het strijdgebied.

Minder dan een derde van de kinderen werd meegenomen naar een strijdgebied door één of beide ouders. Twee derde is daar geboren en dus vaak pas enkele jaren oud. Minder dan 10 procent is ouder dan 9 jaar. Zij zouden in potentie gevechtstraining kunnen hebben gehad. Al gebeurt dat volgens de AIVD „zeer waarschijnlijk niet” bij meisjes en bij kinderen die verblijven bij terreurgroepen die niet aan Islamitische Staat (IS) zijn gerelateerd, maar aan Al-Qaeda.

De kwestie van de ‘jihadkinderen’ is ongemakkelijk voor politiek Den Haag. De coalitie is verdeeld over de vraag of kinderen van Nederlandse jihadgangers naar Nederland moeten worden gehaald. ChristenUnie en D66 vinden dat Nederland dit in uitzonderlijke gevallen moet doen. CDA en VVD zien er weinig in.

Lees meer over de kabinetspartijen die verdeeld zijn over de 'jihadkinderen'

Terugkeerders

In het beeld van de AIVD valt op dat vorig jaar nauwelijks uitreizigers uit Nederland terugkeerden uit IS-gebied. Vanaf dit jaar wordt dat anders, verwacht de inlichtingendienst. Hij vermoedt dat vooral vrouwen en kinderen geleidelijk terugkeren nu het kalifaat uit elkaar is gevallen. De geheime dienst benadrukt dat er van terugkeerders een serieuze dreiging uitgaat, omdat ze vaak getuige zijn geweest van geweld, of er zelf aan hebben meegedaan.

Leer meer over de Raad voor de Kinderbescherming die een terugkeerplan voor kinderen uit IS-gebied heeft gemaakt

Van de uitgereisde vrouwen in het strijdgebied is 80 procent nog niet teruggekeerd. Van de uitgereisde mannen is meer dan de helft nog in het strijdgebied en iets minder dan een derde overleden. In totaal zijn 185 volwassen uitreizigers niet terug.

Volgens de AIVD lukte het vorig jaar „slechts een zeer beperkt aantal jihadisten” naar Syrië of Irak te vertrekken. De dienst laat in het midden hoeveel jihadisten dat probeerden. Hun beweging kent volgens de geheime dienst enkele honderden aanhangers in Nederland.

Economische spionage

Ook dit jaar wijst de geheime dienst uitgebreid op de gevaren van digitale spionage. Economisch spionage door andere landen nam in West-Europa toe, aldus het jaarverslag. Nederland is aantrekkelijk, onder meer omdat het lid is van EU en NAVO en nu ook zitting heeft in de VN Veiligheidsraad.

Bij digitale spionageaanvallen zijn volgens de AIVD „terabytes” aan vertrouwelijke gegevens gestolen, ook bij organisaties die met Nederland samenwerken of hier vestigingen hebben.

Naast digitale spionage was in Nederland sprake van „klassieke” Russische inlichtingenactiviteiten, zo schrijft de AIVD. „Russische functionarissen” verkregen inlichtingen op het gebied van economie, wetenschap, politiek en defensie. China deed pogingen mensen te rekruteren en verzamelde gericht informatie over politieke en economische onderwerpen, meldt het verslag.

Persoonsgegevens

Het valt de AIVD op dat bij digitale spionage vaker organisaties doelwit waren die grootschalige toegang hebben tot persoonsgegevens. Soms is die informatie gebruikt om voor ‘statelijke actoren’ interessante personen te benaderen, bijvoorbeeld via sociale media als LinkedIn. Dan wordt bijvoorbeeld geld aangeboden in ruil voor economische of politiek-strategische informatie. „Deze activiteiten passen bijvoorbeeld in de brede strategie van China om het land zeer snel economisch, wetenschappelijk en militair naar een hoger plan te brengen”, aldus de AIVD.

Om binnen te dringen in andermans systemen zetten landen in plaats van malware vaker bonafide leveranciers van software in, waardoor ze ook toegang tot andermans systemen krijgen. Het maakt het lastiger voor de geheime dienst om aanvallen op te sporen.

In het algemeen beseffen Nederlandse organisaties in de vitale infrastructuur en de overheid steeds beter dat ze zichzelf moeten wapenen tegen digitale aanvallen. Toch schiet het bewustzijn volgens de dienst nog „tekort”.

    • Liza van Lonkhuyzen