Populistische, eurosceptische partijen zijn de winnaars in Italië

Parlementsverkiezingen

Het is volslagen onduidelijk wat voor kabinet op basis van de voorspelde uitslag gevormd kan worden in versplinterd Italië.

Twee verschillende populistische en eurosceptische partijen zijn de grote winnaars van de parlementsverkiezingen in Italië.

Na een campagne die werd gedomineerd door de thema’s werk, migratie en oud versus nieuw – en door de gevoelens van frustratie en woede bij veel kiezers na jaren van economische crisis – heeft ongeveer de helft van de kiezers gekozen voor een populistische partij.

De Vijfsterrenbeweging, een anti-systeempartij die zich keert tegen het oude bestel, werd opnieuw de grootste partij, met volgens de eerste voorspellingen ongeveer 32 procent van de stemmen (in 2013 was dat 25,6 procent). De Lega, binnen de centrum-rechtse alliantie een hard-rechtse anti-buitenlanderpartij, boekte de grootste winst: in 4,1 procent in 2013 naar ruim 17 procent nu.

De uitslag in Italië wijst op een patstelling. Het is volslagen onduidelijk wat voor kabinet op basis van deze uitslag kan worden gevormd.

Een woordvoerder van de Vijfsterrenbeweging sprak zondagnacht van een „historisch resultaat” en zei dat het moeilijk zal zijn een regering te vormen zonder de Vijfsterrenbeweging. „Ze moeten allemaal met ons praten”, zei Alessandro De Battista, een voorman van de partij. Die heeft in het verleden een coalitie met een van de ‘oude’ partijen uitgesloten, maar denkt sinds kort hardop na over programmatische akkoorden.

Berlusconi ingehaald op rechts

De rechtse alliantie kreeg rond de 36 procent, maar de interne verdeeldheid is groot. Italiaans rechts krijgt door deze uitslag een harder, nationalistischer gezicht. Voor het eerst sinds 1994 is Silvio Berlusconi niet langer de spil bij centrum-rechts.

Kreeg Forza Italia in 2013 nog zes miljoen stemmen meer dan de Lega, nu is de Lega de grootste partij geworden binnen de rechtse alliantie, met ongeveer 4 procent meer.

Ook vertrouwelingen van Berlusconi hebben gezegd dat de dynamiek van de 44-jarige Matteo Salvini, de partijleider van Lega Nord, die met veel elan surft op onvrede over migratie, een groot contrast vormt met de wat steriele herhaling van eerder gedane beloften door de 81-jarige Berlusconi. Salvini heeft het land doorkruist, terwijl Berlusconi zijn energie stopte in interviews voor radio en televisie.

Berlusconi, in twee perioden de premier van Italië, had zich bij zijn politieke comeback gepresenteerd als een dam tegen populistische avonturen, maar deelt ondanks zijn rijkdom en mediamacht niet langer de lakens uit op rechts.

De centrum-linkse PD zakte, volgens de nog voorlopige uitslagen, van 25,4 procent naar onder de 20 procent. De linkse alliantie als geheel daalde van 29 naar 23 procent. Door dit slechte resultaat komt partijleider Matteo Renzi zwaar onder druk te staan. Hij greep vier jaar geleden de macht binnen de partij en begon als premier een ambitieus hervormingsprogramma, maar kreeg te maken met een afscheiding en moest later aftreden – Italiaans links heeft een geschiedenis van politieke broedermoord.

Een ‘grote coalitie’ van Berlusconi’s Forza Italia en Renzi’s PD, waarop velen in Brussel hoopten, is nu onhaalbaar zonder steun van andere partijen. Getalsmatig en op veel punten inhoudelijk lijkt een kabinet van Lega en Vijfsterren mogelijk – die optie is een nachtmerrie voor Brussel. De formatie begint pas eind maart.

De uitslag illustreert de behoefte van veel kiezers aan een radicale stap. „Veel, te veel mensen geloven dat alles beter is dan wat we nu hebben, dat de tafel omgooien de oplossing is”, had dagblad La Repubblica aan de vooravond van verkiezingen geschreven. In een ander commentaar: „Italië is veranderd.” Van een land waar veel werd gerelativeerd (al dan niet berustend), compromissen werden gesloten en nauwelijks discussie bestond over de verankering in Europa, is het een land „zonder gemeenschappelijk kompas” geworden waar mensen hard tegenover elkaar staan.

Euroscepsis

Bij de grote winnaars van zondag is de euroscepsis groot. De twee kandidaat-premiers, Luigi Di Maio voor de Vijfsterren en Matteo Salvini voor de Lega, hebben ideeën over een vertrek uit de eurogroep in de ijskast gelegd, maar beiden vinden dat Europa te strenge regels stelt aan de Italiaanse begrotingspolitiek, en beiden zien dat als een beperking van de mogelijkheden om te groeien.

In een variant op het America First van president Trump vinden zij dat Italiaanse bedrijven en landbouwproducten beter beschermd moet worden, ook tegen concurrentie uit andere EU-landen. Beide politieke partijen willen ook harder optreden tegen migranten zonder geldige papieren.

    • Marc Leijendekker