‘OPL245’ levert Shell fikse kater op

Corruptie Shell en Eni staan vanaf maandag voor de Italiaanse rechter voor corruptie in Nigeria. De hamvraag: wat wist het bedrijf wel en niet?

Met de omkopingen in Nigeria is volgens de Italiaanse autoriteiten ruim 1 miljard dollar gemoeid. Foto AP

De bestuursvoorzitter die wordt afgeluisterd door justitie. Een Afrikaans land dat voor bijna een miljard dollar wordt benadeeld. En het beeld van ingehuurde ex-spionnen die helpen een profijtelijk oliedeal rond te krijgen. Veel pijnlijker dan dit lijkt de corruptiezaak rond het Nigeriaanse olieveld ‘OPL245’ voor Shell niet te kunnen worden.

Maar sluit niets uit in dit unieke dossier. Maandag begint de rechtszaak in Milaan en moeten de olieconcerns Shell en de Italiaanse partner Eni voor het hekje verschijnen op verdenking van corruptie. Plus nog een rits functionarissen – in het geval van Shell mensen die niet meer bij het bedrijf werken – en Nigeriaanse politici en zakenmensen. „Hier maken de betrokken bedrijven zich enorme zorgen over”, zei Barnaby Pace van actiegroep Global Witness eind vorig jaar, toen duidelijk werd dat de Italiaanse justitie het op een rechtszaak liet aankomen. Deze Britse actiegroep maakte zich lang sterk voor de vervolging van Shell en Eni.

Corrupte concessie

Waar gaat het ook al weer over? De zaak draait om de 1,3 miljard dollar (1,1 miljard euro) die Shell en Eni in 2011 betaalden voor een concessie in een groot olieveld op zee, aan de Nigeriaanse overheid. In werkelijkheid kwam slechts 200 miljoen in de schatkist terecht. Van de opbrengst van olieveld OPL245, met een geschatte omvang van 9 miljard vaten, bleef 1,1 miljard dollar aan de strijkstok hangen.

Lees ook over de totstandkoming van het historische besluit door de Italiaanse justitie om een oliereus als Shell te vervolgen wegens corruptie

De Italiaanse openbaar aanklager Fabio De Pasquale stelt in een uitgelekt rapport dat dit geld op onwettige wijze terecht is gekomen bij een Nigeriaanse oud-minister van olie, Dan Etete. Via hem, of eigenlijk via zijn bedrijf Malabu, zou het geld volgens De Pasquale zijn doorgesluisd naar anderen, onder wie oud-president Goodluck Jonathan. Het is onbekend waar Etete, die de concessie aan Shell en Eni verleende en ook tot de verdachten behoort, nu verblijft. Volgens het voorafgaande onderzoek in Milaan heeft de Nigeriaanse oud-minister zo’n 300 miljoen dollar voor zich zelf gehouden en is 800 miljoen besteed aan handlangers, vastgoed, gepantserde auto’s en een vliegtuig.

Bij Eni moeten de huidige bestuursvoorzitter, Claudio Descalzi, en zijn voorganger zich persoonlijk bij de Italiaanse rechter verantwoorden. Verder staat Shell – net als Eni – terecht, en zijn ook de toenmalige Shell- bestuurders Malcolm Brinded en Peter Robinson in staat van beschuldiging gesteld. Voor twee voormalige MI6-medewerkers, Guy Colegate en John Copleston, geldt hetzelfde. Zij deden als Shell-medewerkers voorwerk om de concessie te verwerven.

Tegelijkertijd loopt ook in Nederland een strafrechtelijk onderzoek naar de rol van Shell in Nigeria. In dat kader deden de FIOD en Italiaanse agenten in 2016 een inval op het hoofdkantoor van Shell in Den Haag. Die dag werd ook bestuursvoorzitter Ben van Beurden afgeluisterd en belandden de tapes op straat. Tegen toenmalig financieel bestuurder Simon Henry zegt hij onder meer dat er volgens hem niets duidelijk belastend is gevonden. Verder speekt hij over mails van Shell-mensen waarin gespeculeerd werd wie wat (van de opbrengst) betaald zou krijgen. Ten tijde van de overname van OPL245 was Van Beurden overigens actief voor de chemische tak van Shell.

Nederlaag voor bedrijven

Cruciaal is de vraag bij deze rechtszaak: wisten Shell en Eni dat de 1,3 miljard dollar op 200 miljoen na niet in de schatkist zou komen, maar in de zakken van Dan Etete? Het antwoord van de concerns is helder. Als er ongepaste betalingen zijn verricht door de ontvangers van het geld, dan is dat gebeurd zonder medeweten of toestemming van ons, zegt Shell. Het concern gaat er dan ook vanuit dat justitie geen zaak heeft.

Eni stelt dat Nigeria het recht had om zelf te bepalen wat het met de opbrengst deed. Dat de aangeklaagde bestuursvoorzitter Claudio Descalzi, destijds verantwoordelijk voor de exploratie en productie, geen stap terug heeft gedaan, maakt duidelijk dat het bedrijf zich onschuldig voelt.

De beslissing van rechter Giuseppina Barbara om tot vervolging over te gaan, is hoe dan ook een nederlaag voor de bedrijven. Voor Shell is het extra pijnlijk omdat het bedrijf al veel eerder de beschikking dacht te krijgen over het immense olieveld. In 2001, tien jaar vóór de uiteindelijke aankoop, verwierf het een belang van 40 procent in het olieveld. Verkopende partij was Malabu, het vehikel van Etete, maar een paar maanden later werd door de regering betwist dat Malabu de eigenaar was. Een jarenlange strijd volgde die pas in 2011, mede met de steun van Eni, tot een eind kwam. En die lange strijd heeft een spoor van (interne) documenten opgeleverd. Daaruit moet de komende weken duidelijk worden wie zich aan corruptie heeft schuldig gemaakt.

Lees ook: het strafrechtelijk onderzoek naar mogelijke corruptie van Shell en de Italiaanse branchegenoot Eni in Nigeria
    • Erik van der Walle