Opkomst en ondergang van de iPadschool

Basisonderwijs

De iPadscholen van Maurice de Hond zijn definitief ter ziele. Waarom hebben ze het niet gered?

Foto Kees van de Veen

Zomer 2015. De Steve Jobsschool, ook wel iPadschool, lijkt de wereld te veroveren. In Spanje en Griekenland zijn scholen geopend die werken met het concept, in Johannesburg zullen er twee volgen, geïnteresseerden uit Brazilië en Rusland zijn komen kijken. Nederland telt 22 Steve Jobsscholen. „Na de zomer zullen dat er veertig zijn en in 2016 waarschijnlijk honderd”, zegt Maurice de Hond, geestelijk vader van het concept.

Het beeld is nu anders. Vorige week werd faillissement aangevraagd voor de Stichting Onderwijs 4 Nieuwe Tijd (O4NT), de organisatie van De Hond achter de twee scholen in Amsterdam die als iPadschool zijn gebouwd. De Dienst Uitvoering Onderwijs wil twee ton terug van deze organisatie, die negen maanden geld kreeg voor een school waar geen les werd gegeven. De Hond zegt dat hij verkeerd is voorgelicht door DUO.

Op de ooit levendige site Stevejobsschool.nl is al acht maanden geen bericht meer gepubliceerd. Het laatste gaat over het vertrek van Maurice de Hond uit het onderwijs.

Hoe komt het dat alle glans van het beroemde concept is verdwenen?

Digitale barbiefiguur

Ideeën beginnen vaak met een scherpe observatie. In 2010 valt het Maurice de Hond op dat zijn vijfde kind, dan twee jaar, goed overweg kan met de iPad. Deze tablet werd in 2010 geïntroduceerd door Steve Jobs, een van de oprichters van Apple.

De jongste De Hond-telg kan spelenderwijs ingewikkelde vormen onthouden. Ze leert kleding ontwerpen voor een soort digitale barbiefiguur. „Is het brein van een kind misschien gevangen in een lichaam dat nog niet zoveel kan?”, vraagt De Hond zich later af in een TEDtalk, – die hij voorleest van zijn iPad.

Als De Honds dochter naar de peuterspeelzaal gaat, ziet hij dat het daar niet heel anders gaat dan in de tijd van zijn dertig jaar oudere zoons uit zijn eerste huwelijk. Bij een werkbezoek als opiniepeiler aan Lodewijk Asscher, dan wethouder in Amsterdam, vraagt De Hond hem of het onderwijs kinderen wel genoeg voorbereidt op de toekomst. „Waarom zet je niet zelf een school op die wel aan jouw eisen voldoet?”, antwoordt Asscher. De Hond zal het later de „wedervraag van mijn leven” noemen.

Is het brein van een kind misschien gevangen in een lichaam dat nog niet zoveel kan?

Met een oud-leerkracht, een onderwijskundige en een digitaal expert schrijft hij een manifest over de tekortkomingen in het onderwijs: O4NT. Onder de bedrijfsnaam sCoolSuite begint hij een softwareabonnement, filosofie en begeleiding bij iPadgebruik te verkopen. Scholen die werken volgens zijn concept zijn vijftig weken per jaar open van half negen tot half zeven. Een leraar heet een coach en een lokaal een atelier. Om in z’n eigen tempo te leren, krijgt elke leerling een felgekleurde iPad.

In 2014 start De Hond zelf in Amsterdam twee nieuwe Steve Jobsscholen, bedoeld als vlaggenschepen van het gedachtegoed. Ze krijgen de zelfverzekerde namen de Ontplooiing (Nieuw-West) en de Voorsprong (Zuidoost). Het bestuur krijgt vijf jaar om voor beide scholen aan de norm van 323 leerlingen te voldoen. De Ontplooiing groeit in een jaar van 51 naar 100 leerlingen. De Voorsprong weet in het tweede schooljaar slechts zestien leerlingen aan zich te binden, vier meer dan een jaar eerder.

Lees ook: Het boek komt de iPad weer aflossen.

Laagst mogelijke beoordeling

In 2015 verschijnt een klein onderzoekje, uitgevoerd door de Universiteit van Amsterdam, over het gebruik van tablets op scholen. De onderzoekers vinden geen aantoonbaar gunstig effect op de motivatie of het leren zelf. De Hond nodigt de onderzoekers uit op zijn school. „Hij drong erop aan het te rectificeren”, zegt onderzoeker Joost Meijer. „Op een voorstel om samen een groter onderzoek op te zetten, ging hij niet in.”

De Voorsprong gaat dicht wegens gebrek aan leerlingen. De Ontplooiing wordt door de Onderwijsinspectie onder financieel toezicht geplaatst, omdat er te veel geld zou gaan naar schoolmateriaal en zieke leerkrachten. Na drie jaar krijgt de school van de Onderwijsinspectie ook nog de laagst mogelijke beoordeling: ‘zeer zwak’. Leerlingen hebben flinke reken- en taalachterstanden. De school wordt overgedragen aan een ander onderwijsbestuur.

Op een voorstel om samen een groter onderzoek op te zetten, ging hij niet in.

Sommige basisscholen die het Steve Jobs-concept hebben geadopteerd, beginnen af te haken. In het Onderwijsblad klagen directeuren die een offerte aanvroegen over de prijzen die De Hond vraagt. De aangeboden software en begeleiding kosten tienduizenden euro’s per jaar. Ouders klagen over chaos omdat kinderen urenlang gebracht en gehaald worden.

„Wat soms misging is dat scholen software inkochten, maar ook klassen op een ouderwetse manier bleven benaderen”, zegt Michel de Hond (39), die in 2014 in het bedrijf van zijn vader stapte. „Dat was lastig: als de juf bijvoorbeeld breuken behandelde, hadden sommige kinderen dat al een half jaar eerder op hun app gehad.” „In het basisonderwijs, zeker in Nederland, merk je dat scholen vaak niet gewend zijn om volgens zo’n strak model te werken”, zegt Maurice de Hond later tegen de Volkskrant.

Dat was lastig: als de juf bijvoorbeeld breuken behandelde, hadden sommige kinderen dat al een half jaar eerder op hun app gehad.

Zoon De Hond vindt dat ook de media een aandeel hebben in het einde van de Steve Jobsschool. „Alleen de scholen waar het slecht ging, kregen aandacht. Op scholen waar het goed ging hadden ouders, leraren en leerlingen daar last van.”

De officiële aanduiding ‘Steve Jobsschool’ is met het vertrek van De Hond een stille dood gestorven. Sommige scholen werken nog wel met O4NT-software. Michel de Hond levert nu vooral andere software, waarmee leerlingen hun rooster kunnen inzien en hun voortgang kunnen volgen, ongeacht de lesmethode, „IPads moeten niet je doel op zich zijn, maar een middel”, zegt Michel de Hond.

Hij is trots op zijn vaders pionierswerk. „Toen Maurice ermee begon, bestond de iPad net twee jaar. Je merkt nu dat elke school bezig is te kijken hoe ze technologie naar school kunnen halen.”

Maurice de Hond wilde geen vragen van NRC beantwoorden.

Lees ook: Leerlingen uit het digitale tijdperk kunnen niet beter multitasken, blijkt uit onderzoek.
    • Liza van Lonkhuyzen