Dafne Schippers staat voor het eerst op een groot toernooi met lege handen

Schippers moest het met een tijd van 7,10 bij de WK indooratletiek in Birmingham doen met een vijfde plaats.

Dafne Schippers op de 60 meter in de finale tijdens de WK indooratletiek in Birmingham. Foto Robin van Lonkhuijsen / ANP

Een vijfde plaats, daar moest Dafne Schippers het op de 60 meter bij de WK indooratletiek in Birmingham vrijdagavond mee doen. Een tegenvaller? In haar perceptie niet echt, “omdat ik wel weer in een grote finale heb gestaan”.

Naar buiten toe hield Schippers zich groot, maar wie haar beter kent, weet dat de sprintster dusdanig slecht tegen haar verlies kan, dat ze niet tevreden is met een vijfde plaats. Alleen liet Schippers dat vrijdagavond in de Arena van Birmingham niet merken.

Schippers wees ook nog eens op haar relatief matige start, die de sprintster altijd op een achterstand zet ten opzichte van haar explosief startende concurrenten. Het is een aspect waaraan Schipper op trainingen veel aandacht besteedt, maar wat zonder natuurlijke aanleg moeilijk te verbeteren is. Op de 100 en vooral 200 meter kan zij dat minpuntje compenseren met haar versnelling op de laatste meters, maar daar biedt de 60 meter geen ruimte voor. Die afstand vereist één explosie.

Schippers sprak zichzelf na afloop moed in met de vaststelling dat ze wederom in een WK-finale stond. Dat mag zo zijn, maar is het bereiken van een finale tegenwoordig het doel van een atlete die zolang ze sprint al finales haalt? ,,Maar met het oog op het buitenseizoen biedt dit perspectief”, sprak Schippers zichzelf moed in.

Onder de zeven seconden

Schippers’ tijd was 7,10 seconden, waar ze in de halve finale met 7.09 een fractie sneller had gelopen. Maar die tijden waren significant langzamer dan de nieuwe wereldkampioene Murielle Ahouré uit Ivoorkust, die vrijdag als enige onder de zeven seconden liep. De tijd die haar de wereldtitel bracht is 6.97. Het was sowieso een Ivoriaans feestje, want het zilver ging naar Ahourés landgenote Marie-Josée Ta Lou (7.05). Het brons ging verrassend naar de Zwitserse Mujinga Kambundji, eveneens in 7.05.

Het spande er eerder op de avond om of Schippers wel de finale zou halen. Zij werd derde in haar serie, wat geen rechtstreekse plaatsing betekende. Dankzij haar snelle tijd van 7.09 seconden – haar beste seizoentijd – wipte Schippers via een omweg als snelste nummer drie de eindstrijd binnen. Die moeizame kwalificatie was achteraf een indicatie voor haar positie in het sterke deelnemersveld.

Het missen van een medaille door Schippers betekende een historisch dieptepuntje, want sinds zij de meerkamp verruilde voor de sprint heeft de atlete op elk kampioenschap en de Olympische Spelen een medaille gewonnen – zes gouden, drie zilveren en één bronzen. En dan staat ze in Birmingham voor het eerst met lege handen. Dat deed toch wel pijn.

    • Henk Stouwdam