Het is oorlog in de Vondelstraat. De buurman verbouwt

Verbouwingswoede

In de Vondelstraat in Amsterdam worden bewoners stapelgek van de voortdurende verbouwing van één riante villa, die nog een stuk groter wordt. „We zijn allemaal in shock.” De onrust hier staat niet op zich: overal in de stad zuchten Amsterdammers onder verbouwingen bij de buren.

Foto's Ferry André de la Porte

De Vondelstraat is een straat met grote, statige huizen, gelegen aan het Vondelpark. Er wonen juristen, artsen en captains of industry, maar ook schrijvers, dichters en muzikanten. Het duurste huis in de straat is de vrijstaande parkvilla ‘De Compagnie’, met 650 vierkante meter vloeroppervlak en 1.400 vierkante meter tuin. Het werd anderhalf jaar geleden voor 8,4 miljoen euro gekocht door Wouter Korijn, van de familie achter modehuis Miss Etam.

Kennelijk voldoet het pand op geen enkele manier, zegt overbuurvrouw Marion Peters. Het huis wordt van onder tot boven verbouwd. „Korijn heeft vergunning gevraagd om het huis vijf meter te verhogen, het hele interieur te slopen, het trappenhuis te verplaatsen, de gevel te veranderen, en last but not least om onder het souterrain een kelder aan te leggen van 250 vierkante meter. Daarin komen zijn wijn en zijn kunst.”

Sinds de werkzaamheden vorig jaar september begonnen, is het oorlog in de Vondelstraat. Van zeven uur ’s ochtends tot tien uur ’s avonds rijden vrachtwagens en bouwmachines af en aan. Zwaailichten zwaaien, betonmolens draaien, alles door bouwlampen beschenen. Het bouwverkeer blokkeert de straat, bij tijden kan niemand erlangs. „We zitten constant in de uitlaatgassen”, zegt Peters. „Van de week hing er een gasbel in de straat.”

Niemand in de straat die begrijpt waarom de lust van één prevaleert boven de last van hen allen. Waarom stadsdeel West met alles akkoord gaat. Korijn krijgt de ene na de andere vergunning, zegt Peters. Voor de kelder, een optopping, voor een volgende, hogere optopping. Voor inbeslagneming van acht parkeerplaatsen. Een door 85 straatbewoners ondertekend bezwaarschrift en een onder aanvoering van een buurman-advocaat aangespan-nen kort geding haalden niets uit: volgens het stadsdeel en de rechter gebeurt alles volgens de regels, en op eigen terrein bovendien. De omwonenden zijn ‘geen belanghebbenden’.

De buurt vreest schade aan de huizen, kwetsbaar vanwege de fundering op palen en de precaire waterhuishouding. Bij vernieuwing van de riolering in 2004 zijn panden voorover gaan hellen. Maar geen van de bezwaren houdt de bouw tegen. De overlast tijdens de werkzaamheden speelt blijkbaar geen rol, zegt Peters. Volgens haar gaat de operatie drie jaar duren. Korijn houdt het op anderhalf. Hij en zijn vrouw zijn er in die periode niet, ze hebben ook huizen in Den Haag en New York.

„Regels zijn uit de mode, want die belemmeren het particuliere initiatief”

Ferry André de la Porte
Ferry André de la Porte
Ferry André de la Porte

Wie kan, breidt uit

De onrust in de Vondelstraat staat niet op zich – overal in de stad zuchten Amsterdammers onder verbouwingen bij de buren. Aangespoord door sterk gestegen vierkantemeterprijzen breidt wie het zich kan permitteren zijn huis uit met kelders, extra verdiepingen of een tuin-uitbouw, in West, in Zuid, in De Pijp. De investering verdient zich in veelvoud terug. Project-ontwikkelaars en vastgoedhandelaren zijn niet in de markt om zulke kansen te laten liggen.

Om de in de crisisjaren vastgelopen bouwsector vlot te trekken, zijn de regels rond bouwvergunningen versoepeld. Sindsdien is het toegestaan om je woning zonder vergunning tot vier meter tuininwaarts uit te breiden. Kelders en dakopbouwen zijn niet vergunningsvrij, maar voor wie plannen heeft, leiden diverse wegen tot een vergunning. Je kunt ‘binnenplans afwijken’, er is een ‘kruimellijst’ en, voor ingrijpender afwijkingen van het bestemmingsplan, een ‘uitgebreide procedure’. De gemeente begeleidt en adviseert. Bij grotere projecten betrokken planjuristen weten waaraan een aanvraag moet voldoen.

Opeenvolgende kabinetten en colleges van B&W zetten groot in op bouwen, en nog eens bouwen. Er moeten huizen komen, woonruimte. De gevolgen voor al dichtbebouwd gebied laten zich raden. Meer ruimte voor de particulier, is minder ruimte voor iedereen. „Amsterdam verbouwt en versteent”, zo heet een petitie uit de Helmersbuurt. De bewoners lijden er onder verzakkingen, ondergelopen tuinen, stof en lawaai. Het gemeentebestuur is afwezig, schrijven ze. Regels zijn uit de mode, want die belemmeren het particuliere initiatief.

Burgers verdwalen in het doolhof van het omgevingsrecht, zegt Anneke Veenhoff, bewoner van de Wenslauerstraat. „Als je hebt uitgezocht hoe het zit, staat het gebouw er al.” Ze verzet zich al jaren tegen de komst van een appartementencomplex van vier verdiepingen, bijna in haar achtertuin. Weg zon, weg licht, weg privacy. De toekomstige achterburen lopen nog net niet bij Veenhoff door de slaapkamer.

Het straatverzet heeft het hele traject met succes doorlopen. Stadsdeel West wilde de vergunning intrekken. De rechter vernietigde de vergunning. Verantwoordelijk wethouder Eric van der Burg hoefde alleen nog een stempel te zetten, en de bouw was van de baan. In plaats daarvan droeg hij de bewoners op met de ontwikkelaar om tafel te gaan, om te kijken of ze er samen uit konden komen.

Je denkt dat je beschermd bent door het bestemmingsplan, zegt Veenhoff. Maar op een gekke manier zorgt het bestemmingsplan voor een prikkel voor ontwikkelaars: juist met de vierkante meters erbuiten is de winst te behalen. Je denkt dat de gemeente je beschermt, maar in ruzies over een bouwproject lijkt de gemeente bij de tegenstanders te horen. Het is een ongelijke strijd, zegt Marion Peters. „Je moet je begeven op terreinen waar je niet thuis bent: hoe zit de gemeente in elkaar, wat zijn je rechten, bij wie moet je zijn. Verschrikkelijk.”

De Vondelstraat de afgelopen maanden: de ene vrachtwagen of bouwmachine na de andere.

Foto Ferry André de la Porte
Ferry André de la Porte
Ferry André de la Porte

Een Center Parcs aan tuinhuisjes

Voormalig binnenhuisarchitect en kunstenaar Henk van Dijk heeft zich tegen wil en dank tot een specialist op het gebied van het planrecht ontwikkeld. Het begon met de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en invoering van het vergunningsvrije bouwen in 2010. De eerste manifestatie was een klein Center Parcs aan tuinhuisjes achter zijn huis, in de Jan Pieter Heijestraat in Oud-West. „Iemand komt erachter dat je een tuinhuis mag plaatsen. De buren denken: hé, mag dat? Dat willen wij ook.” Op dezelfde manier hebben huizenbezitters hun ‘recht op een kelder’ ontdekt.

Volgens de gemeente heeft Amsterdam vooralsnog geen probleem met bouwoverlast. Er is geen beleid over optoppingen en onderkelderingen, maatregelen voor de hele stad zijn niet nodig, schrijft wethouder Eric van der Burg in antwoord op de Helmersbuurt-petitie. Verbouwingen vallen onder de stadsdelen, zegt Laurens Ivens, wethouder van onder meer Bouwen en Wonen. Het klopt dat ‘het grote geld zijn ogen heeft laten vallen op Amsterdam’. „Maar we hebben geen signalen dat de stadsdelen het niet aankunnen.”

Net als collega Van der Burg adviseert Ivens omwonenden om in geval van overlast afspraken te maken met de bouwer. Een fietstocht door de stad geeft een indruk van het resultaat van zulk overleg. Overal wordt ge- en verbouwd.

Als een bouwaanvraag voldoet aan de criteria, heeft het stadsdeel geen instrumenten „in onze piepkleine gereedschapskist” om een omgevingsvergunning te weigeren, zegt een woordvoerder van West. „Daar waar het kan” maakt het stadsdeel afspraken om de bouwoverlast te beperken.

In maart 2017 schrijft toenmalig stadsdeelbestuurder Gerolf Bouwmeester dat de aanleg van kelders onder hoofdgebouwen in bestemmingsplannen van stadsdeel West is toegestaan. „Dat betekent dat het stadsdeel moet meewerken bij aanvragen voor deze kelders.” In de Van Breestraat, in stadsdeel Zuid aan de andere kant van het Vondelpark, dreigt na de aanleg van 35 kelders verzakkingsgevaar.

„We hebben alle belang bij een goede relatie met onze nieuwe buurtgenoten en communiceren regelmatig pro-actief met hen om de overlast te beperken”, mailt Wouter Korijn, de verbouwer van de Vondelstraat. „Het is jammer dat sommigen van hen negatief reageren op een noodzakelijke verbouwing van een huis uit 1881. Het is onterecht, zoals blijkt uit het feit dat de bezwaren ongegrond zijn verklaard.” De villa moet worden aangepast aan de eisen van deze tijd, schrijft Korijn. „We weten zeker dat onze nieuwe buren straks zeer tevreden zullen zijn met deze aanwinst in hun prachtige straat.”

„We weten zeker dat onze buren straks zeer tevreden zullen zijn met deze aanwinst in hun prachtige straat”

Het dak moet eraf

De bewoners van de Vondelstraat hebben nieuwe bouwtekeningen van De Compagnie onder ogen gekregen, met een extra verdieping erin getekend. Om die te bouwen moet het dak eraf. Met de nieuwe kelder erbij wordt het gebouw een flatvilla, of een villaflat, van 23 meter, waarvan 18 meter bovengronds. „We zijn allemaal in shock”, zegt Marion Peters. Ze vreest dat Korijn en zijn vrouw er uiteindelijk niet eens zelf gaan wonen, maar dat de hele operatie bedoeld is voor de realisatie en verhuur van luxeappartementen.

Een half jaar na het begin van de werkzaamheden staat er alleen nog een geraamte van de villa. Je kijkt er dwars doorheen. In de afgelopen maanden werden de plannen steeds grotesker, de vrachtwagens steeds zwaarder. Hun huis beeft, er komen scheuren en kieren in de muren, zegt Marion Peters. Een deurpost is in tweeën gebroken.

Peters en haar partner Ferry André de la Porte laten hun honden uit. Ze lopen bij de bouwput het Vondelpark in, langs monumentale bomen. Die overleven dit niet, zegt Peters, vanwege damwanden die dwars door de wortels gaan. In het park komen ze de hoboïst Han de Vries tegen. Die komt net van zijn vrouw, die in de Van Eeghenstraat woont. Ook daar is het onrustig, vanwege een buurman die een bioscoop in zijn huis bouwt.

Terug in de Vondelstraat kijken ze door een opening in de bouwomheining. Het is een moment stil, tot op de bouwplaats een zwaar, brommend apparaat wordt aangezet. „Ze zijn weer bezig”, zegt André de la Porte.