Ja-kamp inlichtingenwet is strategisch stil

Referendum De coalitiepartijen gaan geen campagne voor de nieuwe inlichtingenwet voeren – ondanks het ‘nee’ bij eerdere referenda.

Een affiche met de oproep om te tekenen voor een referendum over wat de initiatiefnemers de 'sleepwet' noemen. Foto Peter Hilz / HH

Stel, je krijgt als bewindspersoon van kiezers of journalisten een vraag over de nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv). Wat te doen?

Zeg allereerst dat de wet „helpt ons land veilig te houden en de Nederlandse militairen die op missie zijn, beschermt”. Vertel ook dat de bestaande wetgeving „uit de vorige eeuw stamt” en bijna alle communicatie nu over internetkabels gaat, die „de professionals” van de veiligheidsdiensten nog niet makkelijk kunnen aftappen. En als mensen bezorgd zijn over hun privacy, zeg dan dat de diensten „totaal niet geïnteresseerd zijn in informatie van of over onschuldige burgers”.

Deze citaten komen uit een interne instructie over de inlichtingenwet, die aan NRC is verstrekt. Het ministerie van Binnenlandse Zaken heeft deze ‘kernboodschap’ (170 woorden) onlangs verspreid onder alle bewindslieden van het kabinet-Rutte III.

Over minder dan drie weken, tegelijk met de gemeenteraadsverkiezingen, is het referendum over de inlichtingenwet. Op 21 maart kunnen kiezers zeggen of de veiligheidsdiensten AIVD en MIVD meer bevoegdheden mogen krijgen om data te verzamelen. Het referendum is raadgevend, het kabinet is niet verplicht de uitslag over te nemen. In een peiling van Ipsos, deze week, zegt 48 procent van de gevraagden ‘ja’ te gaan stemmen. 32 procent is tegen en 20 procent weet het nog niet.

Lees ook: Inlichtingenwet is nog geen campagnehit, een achtergrondstuk over de subsidies die rond het referendum werden verdeeld.

Geen felle campagne

Een felle campagne over de wet is in Den Haag nog niet losgebarsten. Het kabinet wacht tot het laatste moment met campagne voeren. Dat is een bewuste strategie, zegt directeur communicatie Ivo Hommes van Binnenlandse Zaken, die de campagne leidt: „Het is onze inschatting dat kiezers pas dicht op verkiezingsdag bepalen wat ze gaan doen.”

De inlichtingenwet kan rekenen op steun van een ruime Kamermeerderheid: 112 van de 150 zetels. Een garantie op een ‘ja’ is dat geenszins: zowel de Europese Grondwet (weggestemd per referendum in 2005) als het Oekraïne-verdrag (weggestemd in 2016) werden door verreweg de meeste partijen gesteund. In de campagne voor het Oekraïnereferendum liet het kabinet zich nauwelijks zien. Je zou dus zeggen: het ja-kamp heeft zijn lesje geleerd en gaat flink de straat op.

Dat valt tegen. Geen van de coalitiepartijen gaat een aparte campagne voeren voor het referendum. VVD, CDA, D66 en ChristenUnie drukken geen folders, plakken geen posters of maken geen filmpjes. Er zijn lijstjes voor lokale afdelingen met vragen en antwoorden over de wet, de partijleiders en inhoudelijke experts schuiven aan bij debatten als ze gevraagd worden – dat is het.

“We hebben geen strijdplan om deze wet te verdedigen.”

Gert-Jan Segers

Volgens CU-leider Gert-Jan Segers is er binnen de coalitie niet gesproken over de campagne: „We hebben geen strijdplan om deze wet te verdedigen.” Segers is naar eigen zeggen „nog nooit” op straat aangesproken over de inlichtingenwet. Bij het CDA, tegenstander van het referendum, is de animo ook niet heel groot. Partijleider Sybrand Buma heeft al gezegd dat hij een ‘nee’ sowieso naast zich neer zal leggen. „Dat betekent niet dat we niet aan het debat meedoen,” zegt CDA-Kamerlid Harry van der Molen. „Maar het regent nog geen aanvragen.”

Eigenlijk verdedigt regeringspartij D66 de inlichtingenwet nog het trouwst. Kamerlid Kees Verhoeven heeft „vijf of zes” debatten in zijn agenda staan. En dat terwijl D66 verreweg de lastigste positie heeft in de coalitie: de Democraten waren in de oppositie fel tegen de inlichtingenwet en krijgen veel kritiek op het afschaffen van het referendum.

Lees ook: Jonge D66’ers keren zich tegen oude, een achtergrondstuk over de verdeeldheid binnen D66 over de inlichtingenwet.

Kwetsbare positie

Is er dan meer enthousiasme bij andere voorstanders? Niet bepaald. De PVV is vóór, maar niets wijst erop dat Geert Wilders ook maar enigszins campagne gaat voeren over dit onderwerp. Hij heeft een kwetsbare positie: de PVV is vóór, maar als het op 21 maart een ‘nee’ wordt, vindt Wilders dat de wet toch van tafel moet.

Ook voorstander PvdA zit er op z’n zachtst gezegd lauwtjes in. De inlichtingenwet was een van de weinige wapenfeiten van oud-PvdA-minister Ronald Plasterk, maar trots is de partij bepaald niet. Tweede Kamerlid Attje Kuiken spreekt van een „noodzakelijk kwaad”. De PvdA gaat haar kiezers dan ook geen stemadvies geven voor het referendum, zegt Kuiken, alleen „voorlichten”. „De mensen moeten die afweging zelf maar maken.”

Het politieke nee-kamp in de Tweede Kamer (38 zetels) oogt dynamischer. De SP gaat een speciale referendumcampagne voeren met folders op straat en animatiefilmpjes online. De SP-boodschap is dubbel: stem tegen de „sleepwet” en dus vóór het behoud van het referendum.

SP-voorzitter Ron Meyer voelt een „grote woede onder gewone mensen, zoals buschauffeurs” over het einde van het referendum. „Het is een kans om partijen af te straffen die het referendum afschaffen.”

“Dit referendum is ook niet door ons georganiseerd, we hebben grotere doelen voor onszelf.”

Woordvoerder FvD

GroenLinks komt met online video’s waarin ze waarschuwen voor meer bevoegdheden voor de veiligheidsdiensten. Alleen: samenwerken met de SP wordt lastig, want GroenLinks ziet niks in een koppeling met de referendumdiscussie. „Het gaat ons echt om de inhoud van de wet,” zegt campagneleider Wijnand Duyvendak. Zowel SP als GroenLinks wil dan weer niet optrekken met Forum voor Democratie (FvD), de enige rechtse partij die tegen de wet is, om privacyredenen (zie bijvoorbeeld dit filmpje). „Wij kiezen onze eigen vrienden uit met wie we aan het front strijden,” zegt Meyer.

Van de dertien partijen uit de Tweede Kamer zijn de kiezers van FvD het meest enthousiast over dit referendum, blijkt uit recent onderzoek van I&O Research. Niet zo verwonderlijk: de partij is een uitgesproken voorvechter van referenda.

Toch heeft de partij van Thierry Baudet „geen plannen om een fanatieke campagne te voeren”, zegt een woordvoerder. FvD concentreert zich op de raadsverkiezingen in Amsterdam, de enige plaats waar de partij op 21 maart meedoet. „Dit referendum is ook niet door ons georganiseerd, we hebben grotere doelen voor onszelf.”

.

    • Thijs Niemantsverdriet
    • Pim van den Dool