'Bijvoeren grote grazers Oostvaardersplassen kan dierenleed versterken'

De provincie Flevoland heeft onder druk besloten om konikpaarden, edelherten en heckrunderen in de Oostvaardersplassen tijdelijk bij te voeren. Onverstandig, zeggen deskundigen. 'Als de populatie groeit lijden er in toekomstige winters mogelijk meer dieren.'

In de Oostvaardersplassen in Flevoland komt een vrachtwagen van Staatsbosbeheer alsnog voer brengen. Foto’s Rien Zilvold

De grote grazers in de Oostvaardersplassen zullen deze vorstperiode toch tijdelijk worden bijgevoerd door Staatsbosbeheer. Dat maakte de provincie Flevoland donderdagmiddag bekend. De beslissing is genomen vanwege de maatschappelijke onrust die is ontstaan, zegt Jacobien Kamphof, woordvoerder van de provincie Flevoland. Vanuit wetenschappelijk oogpunt is het bijvoeren van de dieren onverstandig, maar aangezien er boswachters bedreigd werden en mensen het heft in eigen hand namen, is besloten tot deze oplossing.

Bijvoerboetes

Met de lage temperaturen deze week laaide de discussie over het bijvoeren weer hoog op. In de wintermaanden sterft zo’n 30 procent van de bijna 4.000 grote grazers in de Oostvaardersplassen door kou en een beperkt voedselaanbod. De dieren worden in principe niet bijgevoerd. Verzwakte dieren worden vroegtijdig afgeschoten. Dat leidt tot ophef bij bezoekers. Deze week wierpen mensen hooibalen het gebied in en voerden de dieren op eigen houtje bij. Staatsbosbeheer deelde vervolgens, met steun van de provincie Flevoland, bijvoerboetes uit.

Lees ook: Onenigheid over bijvoederen dieren in Oostvaardersplassen

In de Oostvaardersplassen, een moerassig gebied tussen Almere en Lelystad, lopen zo’n 2.500 edelherten, 1.000 konikpaarden en enkele tientallen heckrunderen. Bijvoeren is juist nadelig voor de dieren, zegt woordvoerder Imke Boerma van Staatsbosbeheer. „In de zomer vetten de dieren op, in de winter leven ze grotendeels van hun vetvoorraad. Ze passen zich aan een gering voedselaanbod aan door minder actief te worden. Als je extra voedsel beschikbaar stelt in de winter, wordt die activiteit juist groter, waardoor er alleen maar meer behoefte aan voedsel ontstaat.”

Foto's Rien Zilvold

Bovendien profiteren vooral de sterke dieren van eventuele bijvoermaatregelen. „De zwakkere en oudere dieren, die het meeste risico lopen om te overlijden, kunnen niet concurreren met hun sterkere soortgenoten.” Structureel bijvoeren kan daarnaast de vruchtbaarheid vergroten. Dat zorgt voor meer jonge dieren. Boerma: „Het geboortecijfer is nu ongeveer even groot als het sterftecijfer. Maar als er meer dieren worden geboren en er minder dieren overlijden door het grotere voedselaanbod, dan breidt de populatie zich uit. Dan wordt het voedseltekort juist groter.”

Afhankelijk

Ecoloog Joris Cromsigt, verbonden aan de Zweedse universiteit SLU en de Universiteit Utrecht, heeft onderzoek gedaan naar het bijvoeren van grote grazers. Ook hij noemt het bijvoeren in de Oostvaardersplassen onverstandig. „Daardoor maak je de populatie juist afhankelijker van mensen, terwijl in het gebied wordt gestreefd naar natuurlijk beheer. Dat houdt in dat de populatiegrootte in stand wordt gehouden door een natuurlijk controlemechanisme: het beperkte voedselaanbod zet een rem op de groei. Er vindt natuurlijke selectie plaats, waardoor zwakke en oudere dieren sneller omkomen. Bijvoeren verzwakt dit natuurlijke controlemechanisme en kan op de lange termijn er voor zorgen dat de populatie groeit, waardoor er in toekomstige winters uiteindelijk mogelijk zelfs meer dieren lijden.”

Foto's Rien Zilvold
Lees ook de column van Christiaan Weijts: Dwaze bijvoerders

De heckrunderen, edelherten en konikpaarden beconcurreren elkaar overigens. Heckrunderen komen moeilijker aan voedsel dan de edelherten en paarden, aldus Cromsigt. „Ze hebben langer gras nodig. Als er te veel kortgegraasd gras is, komen zij dus het eerst in de problemen.”

Corridor

Later dit jaar verschijnt er een nieuw rapport over de Oostvaardersplassen, samengesteld door de commissie Van Geel. Daarin wordt een advies gegeven over de toekomst van het gebied. Zo’n advies was er voor het laatst in 2010. Toen adviseerde een internationale commissie om een verbinding tussen de Oostvaardersplassen en het Horsterwold, een jong loofbos op vruchtbare kleigrond bij Zeewolde, te bewerkstelligen. Cromsigt: „Zo’n corridor biedt dieren de kans om in de winter naar een beschut gebied te trekken. De Oostvaardersplassen zijn heel open, waardoor de dieren zijn blootgesteld aan de elementen. Dat kost extra veel energie. Maar de politiek heeft destijds een streep gezet door de plannen rond de corridor. Als mensen zich ergens boos over willen maken, kunnen ze het beter daar over zijn. Niet over het gebrek aan bijvoeren.”

Foto's Rien Zilvold

Nu de grote grazers toch zullen worden bijgevoerd, verzoekt Staatsbosbeheer mensen met klem om eigen bijvoeracties te staken. Boerma van Staatsbosbeheer: „Het landbouwhooi dat veel mensen aan de dieren geven, is veel eiwitrijker dan de dieren gewend zijn. Ze kunnen het moeilijk verteren, en daarmee help je ze dus van de regen in de drup.”

    • Gemma Venhuizen