Debatteren in een post-ideologisch tijdperk

Arminius

Nieuwe directeur van Rotterdams debathuis Arminius, Rutger Wolfson, wil dat meer en ook jongere mensen meepraten over de samenleving.

Rutger Wolfson: „Nu is er veel debat over integratie en criminaliteit. Maar het echte onderwerp is armoede.” Foto Bas Czerwinski/ANP

Rutger Wolfson is per 1 maart de nieuwe directeur van debatcentrum Arminius. Wolfson, die eerder gedurende acht jaar het IFFR (Filmfestival Rotterdam) leidde, volgt Gabrielle Anceaux op. Zij legde eind vorig jaar na een arbeidsconflict haar functie neer, maar blijft bij Arminius betrokken voor de exploitatie van het pand, de remonstrantse kerk aan de Westersingel in Rotterdam. Vanaf zijn vakantieadres op Terschelling, lopend door een hevige sneeuwbui, praat Wolfson over zijn plannen voor het debathuis.

Wat is de opdracht die je hebt meegekregen bij je benoeming?

„Arminius een nieuwe fase inleiden. Gabrielle heeft heel goed werk gedaan voor de opbouw van Arminius, daar is iedereen het over eens. Het is wel vaker zo dat een organisatie in verschillende fasen verschillende typen directeuren heeft. Mij is gevraagd Arminius een stap verder te brengen.”

Wat voor type directeur ben jij?

„Dat is een onmogelijke vraag! Nou goed: ik ben altijd erg geïnteresseerd geweest in het maatschappelijk debat. Als directeur van het IFFR hield ik me bezig met de vraag wat de rol van kunst in de samenleving is, en wat het filmfestival kon betekenen voor het debat in de stad. Bij kunst blijft die invloed indirect. Het leuke van deze nieuwe functie is dat de invloed op het maatschappelijk debat veel directer is.”

Je zegt dat je Arminius een stap verder wilt brengen. Wat bedoel je daarmee?

„Arminius doet het heel goed nu. Er is een spannend programma, er komen ook grote namen. Maar ik zou willen dat het aanbod diverser, breder en prikkelender is. Door de sprekers en de onderwerpen is het toch voor best een smalle doelgroep. Terwijl het maatschappelijk debat iedereen aangaat; het publiek zou wel wat diverser en jonger kunnen. Ik heb geen pasklare antwoorden voor hoe dat moet, ik moet de organisatie ook nog leren kennen. Maar het zit ook in hoe je de onderwerpen agendeert, met welke woorden.

„Een goed voorbeeld is een debat over armoede, komende week in Arminius. Nu is er veel debat over integratie en criminaliteit. Dat debat wordt langs politieke lijnen gevoerd, en dat is in het belang van verschillende partijen in de stad. Maar het echte onderwerp is armoede, waar die andere problemen uit voortvloeien. De juiste woorden kunnen helpen om debatten prikkelender, zinvoller te maken.”

Alle instellingen zeggen een diverser en jonger publiek te willen, zeker in een stad als Rotterdam. Dat blijkt lastig.

„Klopt. Zeker de culturele sector is er slecht in geslaagd een breder en meer divers publiek aan te spreken. Er is wel veel geprobeerd, maar zonder compromissen te sluiten. Ze blijven doen wat ze altijd doen, laten er andere marketing op los en hopen dat het vanzelf goed komt. Dat is moeilijk vol te houden in een samenleving die zo divers en veranderd is.”

Had Arminius dan niet beter een jonge directeur met bijvoorbeeld een migranten-achtergrond kunnen kiezen?

„Ik denk dat het belangrijker is wat en hoe iets wordt geagendeerd, dan wie dat doet. Ik geloof dat we in een soort post-politiek en -ideologisch tijdperk terecht komen. Naast dit werk houd ik me nog bezig met #wethemillions, kort gezegd een project om duurzame oplossingen te vinden voor grote problemen, zoals het klimaat en ongelijkheid. Politici als [Thierry] Baudet en [Geert] Wilders zitten nog volop in die politieke ideologie, maar dat is een achterhoedegevecht. Mensen zijn daar wel klaar mee. Ze willen gewoon dat de grote problemen, zoals met de banken, het klimaat, de ongelijkheid, nu echt worden opgelost, en de politiek lijkt eigenlijk alleen maar in de weg te zitten.

Mark Rutte is op zich ook pragmatisch, maar hij kijkt toch onvoldoende naar de lange termijn. Ik denk dat er ruimte is voor debat over welke problemen er zijn, en hoe die moeten worden opgelost. Wat niet wegneemt dat er in Arminius ook politiek debat zal blijven, maar debat waarin iedereen elkaar vanuit de eigen stelling blijft beschieten, is toch gewoon saai.”