Opinie

Wagner blijven uitvoeren, maar blijf ook over hem praten

We mogen de prestaties van foute kunstenaars en artiesten gerust beoordelen, betoogt . Zolang we maar niet onze ogen sluiten voor hun tekortkomingen.

Buste van Richard Wagner in Bayreuth (Zuid-Duitsland). Eckhard Schulz / AP

Een maand of vier geleden bediscussieerden comedians Jerry Seinfeld en Stephen Colbert in de latenightshow van laatstgenoemde de vraag of het nog mogelijk is van het oeuvre van collega Bill Cosby te genieten, nu we weten dat talrijke vrouwen hem de afgelopen jaren beschuldigd hebben van drogering en verkrachting. Hun discussie is interessant, vooral omdat ze het aanvankelijk oneens zijn, maar halverwege het gesprek Seinfeld zijn mening geheel verandert en beide heren eensgezind concluderen: Cosby’s privéleven overschaduwt zijn publieke, gefictionaliseerde persoon te sterk. Ook al is hij nog nergens voor veroordeeld, van Cosby genieten kan niet meer.

De vraag wat wij aan moeten met het werk van de gevallen heren sinds de #MeToo-campagne geldt uiteraard niet alleen voor Cosby. Ook de oeuvres van Kevin Spacey, Woody Allen, Job Gosschalk, James Levine en vele anderen uit de kunst- en entertainmentindustrie liggen nu gevoelig. Op vergelijkbare wijze roept ook het werk van Lucebert nu vragen op in verband met verzwegen nazisympathieën, en worden schilderijen en standbeelden die Hollandse kolonisten en Amerikaanse confederates verbeelden, wier koloniale heerszucht en slavenhandel heden ten dage niet meer in de smaak vallen, met argusogen bekeken. Wat is nu de status van de nalatenschap van al deze heren, en hoe dienen wij ons tot hen te verhouden?

Lees ook de reactie van onze theaterrecensent Ron Rijghard op de controverse rond Louis C.K.: ‘Au. Nee. Niet ook Louis C.K.’

Misschien kunnen we lering trekken uit gevallen uit het verleden. Een van de grootste en meest extreme probleemgevallen betreft componist, dichter, schrijver, filosoof en kunsttheoreticus Richard Wagner. Wagner was namelijk niet alleen componist van bedwelmende opera’s, maar ook bedenker en verspreider van antisemitische rassenideeën. Na zijn dood werden allengs ook zijn nare persoonlijkheidstrekken duidelijk. Zo was hij een megalomane, dominante opportunist, een wanbetaler en had hij een voorkeur voor getrouwde vrouwen. Zelden heeft een groot kunstenaar zo veel schade berokkend aan zijn eigen postume reputatie.

Toch blijven zijn opera’s geprogrammeerd. Maar de wijze waarop is tekenend: met grote regelmaat stampen als SS-soldaat verklede figuranten over de operabühnes, met name bij onze oosterburen. Men lijkt soms zozeer bezig met zichzelf tot Wagner te verhouden, dat men lijkt te vergeten dat er ook andere connotaties bij het wagnerisme mogelijk zijn dan het nazisme.

Een geslaagd kunstwerk heeft de potentie om zijn eigen schepper te ontstijgen

Ook wie geen liefhebber van regietheater is, ziet de noodzaak om problematische kunstenaars tegen te spreken wanneer we hun een podium bieden. Dat kan ook in woord en geschrift. Het aantal publicaties over het Wagnerprobleem is inmiddels niet meer te tellen en blijft ieder jaar gestaag groeien, dit alles onder het motto: we mogen hem wel blijven uitvoeren, zolang we het maar over hem blijven hebben.

Een geslaagd kunstwerk heeft de potentie om zijn eigen schepper te ontstijgen, en wanneer dat gebeurt, neemt het publiek deze schepper op de koop toe. Dit is geen pleidooi om schepper en schepping van elkaar te scheiden. Schepper en schepping kunnen niet worden gescheiden – dit leidt altijd tot begripsverarming. Maar het is wel een pleidooi om het kind niet met het badwater weg te gooien. Want uiteindelijk krijgt niemand nazisympathieën bij het lezen van Lucebert, net zo min wordt men een verkrachter wanneer men lacht om Bill Cosby, Louis C.K. of Woody Allen. Zolang men de ogen niet sluit voor hun tekortkomingen, is het geoorloofd de kunstzinnige prestaties van dergelijke heren an sich te beoordelen, in plaats van op mogelijke achterliggende karaktergebreken.

Lees ook de tegenreactie van cabaretier Micha Wertheim op Rijghard: Ik blijf benieuwd naar het werk van Louis C.K.

Voor mij persoonlijk is Wagners antisemitisme uiteraard ook verwerpelijk, maar in de eerste plaats toch fascinerend. Want hoe is het mogelijk dat een dergelijk groot kunstenaar zulke nare gedachten koesterde, vooral wanneer zijn werken mij lijken aan te sporen tot het goede. Iets soortgelijks geldt voor Bill Cosby: ideale huisvader op tv blijkt monster in het echt. Dat mysterie proberen te doorgronden moge dan misschien neerkomen op het proberen te begrijpen wat niet begrepen mag worden, maar wanneer het gebeurt met open ogen, uit liefde voor hun werk, hoeft het niet onethisch te zijn.