Opinie

    • Arjen Fortuin

Fatum (Room 216) is een hoogst merkwaardige kijkervaring

Zap De documentaire van Ramón Gieling bestaat vooral uit beelden van een lang politieverhoor. Niets in de toon van het verhoor wijst erop dat er iets bijzonders aan de hand is, maar dat kan niet zo zijn. Waarom bestaat deze film anders?

Verhoor in de documentaire Fatum (Room 216)

Eerst excuses aan de terugkijkers. Want ik geloof niet dat ik iets zinnigs kan zeggen over de documentaire Fatum (Room 216) van Ramón Gieling zonder de afloop te verraden. U kunt nu nog stoppen met lezen. Maar vergeet u vooral niet terug te kijken, want de dinsdag door de VPRO uitgezonden film is een hoogst merkwaardige ervaring. Onzapbaar zoals een roman unputdownable kan zijn.

Gieling (vooral bekend van de Catalaanse Cruijffliefdefilm En un momento dado) geeft aan het begin cryptische informatie over wat er precies waar en onwaar is in Fatum. Wat we daarna te zien krijgen zijn hoofdzakelijk beelden van een lang politieverhoor, gefilmd in korrelkwaliteit.

Een man wordt een verhoorkamer binnengeleid door een agent. Hij krijgt te horen dat de deur niet op slot zit, dat hij kan vertrekken wanneer hij wil. De politie wil hem spreken in een verdwijningszaak en nog drie misdaden. Fijn dat hij op zondagmiddag tijd vrij kan maken. Er is koffie en small talk. „I’m a coffee guy”, zegt de man en pakt een bekertje.

De politieman is een good cop zonder bad cop aan zijn zijde: een en al beleefdheid en inlevingsvermogen. Hij vraagt of de man (een militair) bepaalde vrouwen kent, of hij ooit bij ze in huis is geweest. Vriendelijk legt de coffee guy uit dat hij van niets weet. Kijkt hij weleens naar de serie CSI? Nou, eigenlijk vooral naar Law and Order, maar soms ook naar CSI.

De verhoorbeelden worden afgewisseld met die van een violiste en een cellist die een muziekstuk repeteren dat ‘Fatum’ heet, met teksten uit het Hooglied en met beelden van bossen en paden.

Niets in de toon van het gesprek wijst erop dat hier iets aan de hand is, maar dat moet gezichtsbedrog zijn. Waarom bestaat deze film anders? Na twintig minuten film begint de politieman de ander met bewijsmateriaal te confronteren. Bandensporen, voetafdrukken, de suggestie van DNA-materiaal. Zijn er dingen in zijn leven die hij liever voor zijn vrouw verborgen zou houden?

De ondervrager praat over het verdriet en de onzekerheid van de ouders van de vermiste vrouw. „Ik wil de impact hiervan op mijn leven minimaliseren”, zegt de man die we nu maar de verdachte moeten gaan noemen. „Dat begint bij het vertellen van de waarheid”, luidt het antwoord. De man zwijgt nog in verschillende lichaamshoudingen. Dan vraagt hij of de ander een landkaart heeft.

Dus toch. De verdachte vraagt de agent om hem Russ te noemen, in plaats van Russell. Dan bekent hij tot in detail wat hij heeft gedaan. Zijn misdaden blijken monsterlijk. De agent hoort het welwillend aan, vraagt of Russ denkt dat die dingen zich hadden kunnen herhalen als hij niet ontdekt was. „Ik hoop van niet.”

Na afloop heb ik Russell Williams toch maar even opgezocht: de Canadees is een meervoudig verkrachter, tweevoudig moordenaar. Het verhoor blijkt onder professionals wereldberoemd te zijn als een meesterlijk voorbeeld van een niet-oordelende ondervragingstechniek. Daarom ook staat er een 2,5 uur durende registratie van op YouTube. Die heeft Gieling herschikt en gebruikt.

Eigenlijk is Fatum (Room 216) dus een ready-made. Het hart van de film bestond al – en hoewel de muziek prachtig is, vond ik de intermezzi niet het overtuigendst. Maar soms is het de moeite waard om iets bijzonders uit zijn context te halen en los op te dienen. Méér dan de moeite waard, in dit geval.

    • Arjen Fortuin