Superorganism is een pop-up-project dat tot stand kwam via internet.

Foto Jordan Hughes

Superorganism is de leukste popgroep van dit moment

Nieuw album

Superorganism is een bont gezelschap uit vele windstreken samengebracht. „Popmuziek mag best een beetje dwars zijn.”

Het is een vrolijk gezicht: zeven stralende muzikanten en zangeressen in felgekleurde regenjassen die het podium betreden in een staat van georganiseerde chaos. Hun dansjes zijn charmant onhandig, hun muziek klinkt luchtig en frivool. „Beautiful”, laat de piepkleine en piepjonge leadzangeres zich verschillende malen ontvallen, ook als de samenzang wat minder zuiver uitpakt. Het enthousiasme is aanstekelijk. Spontaniteit en spelplezier zijn alles voor Superorganism, de leukste popgroep van het moment.

Alles bij Superorganism ging anders dan bij een gewone popgroep. Een pop-up-project, noemen ze hun collectief dat in grote lijnen tot stand kwam via internet. Ze hebben wortels in Japan, Australië, Nieuw-Zeeland, Zuid-Korea en Engeland. De bandleden noemen elkaar bij andere dan hun echte namen: gitarist Christopher Young heet tegenwoordig liever Harry, drummer Timothy Shann luistert naar Tucan en toetsenman Mark Turner noemt zich Emily („een ode aan mijn moeder die liever een meisje had gewild”).

Danser Seoul komt oorspronkelijk uit Korea en vormt een min of meer synchroon dansend trio met zangeressen Ruby en B. Op de achtergrond werkt visual artist Blair Everson die de artiestennaam Robert Strange hanteert. Alleen zangeres Orono Noguchi heet gewoon Orono. Een bont gezelschap, dat zijn ze.

Superorganism. Gitarist Christopher Young heet Harry, de drummer Tucan, de toetsenman Emily, de danser Seoul, de zangeressen Ruby en B. De visual artist noemt zich Robert Strange en zangeres Orono Noguchi heet gewoon Orono.

Foto Jordan Hughes

De band kwam door een reeks van toevalligheden en internetcontacten bij elkaar. Orono was vijftien toen ze als fanatiek indiepopfan vriendschap sloot met Harry en Emily die in Tokio waren voor een optreden met hun Nieuw-Zeelandse artpunkband The Eversons. Ze hielden contact toen Orono in Amerika ging studeren en stuurden elkaar over en weer ideeën voor muzikale collages.

Een Moog-synthesizer, een elektronisch ritme en een slidegitaar waren de voornaamste ingrediënten van het eerste nummer dat ze voltooiden, nadat Orono spontaan een tekst in de microfoon van haar laptop had gezongen. De onweerstaanbare popsong ‘Something For Your M.I.N.D.’ was het resultaat. Het werd een hit op verschillende internetplatforms en leverde Superorganism een ouderwets platencontract op. Als uitvalsbasis kozen ze een druk bewoond huis in Londen, waar Robert Strange te midden van alle muzikale activiteiten werkt aan de achtergrondprojecties die de optredens tot bewegende pop art-evenementen maken.

Sampler

Orono, inmiddels achttien, houdt zich stilletjes op de achtergrond terwijl Harry en Emily in een Amsterdams hotel over hun drijfveren praten. De collagemethode die de basis vormt van hun muziek is op zich niks nieuws, vertelt Emily. „Kijk naar ‘Strawberry Fields Forever’ van The Beatles: een popsong die het resultaat was van onbevangen experimenten met de toen beschikbare techniek. Uiteindelijk werd het nummer uit verschillende fragmenten aan elkaar gemonteerd, vergelijkbaar met de manier waarop wij werken. Ik wil mezelf nu nog niet vergelijken met The Beatles, maar ik hoop dat we die nieuwsgierigheid naar nieuwe mogelijkheden met apparatuur en computers kunnen vasthouden.”

Harry noemt het Australische dj-collectief The Avalanches als een dierbaar voorbeeld. „Wat zij met samples deden was een openbaring. Door het combineren van geluiden, stemmen en muziekfragmenten uit totaal verschillende bronnen kun je iets nieuws creëren dat aan de losse onderdelen ontstijgt.”

Opvallend aan ‘Something For Your M.I.N.D.’ is dat de voornaamste zangstem niet live op het podium wordt gezongen, maar uit de sampler komt terwijl de bandleden hun stemmen op een losse manier rond de hoofdmelodie laten dansen. Met ontwapenende songs als ‘Everybody Wants To Be Famous’ en ‘Nobody Cares’ is Superorganism een kleurrijk debuutalbum geworden, met de onderwatergeluiden van ‘The Prawn Song’ en het keihard ingemixte wekkeralarm van ‘Night Time’ als desoriënterende factoren.

Popmuziek mag best een beetje dwars zijn, zegt Emily. „Als er een boodschap in onze muziek zit dan is het dat iedereen zijn eigen weg moet volgen, zonder je iets aan te trekken van conventies. Ik denk dat wij origineel kunnen zijn omdat we niet weten hoe normale popmuziek hoort te klinken.”

Perfectie

Internet heeft muzikanten bevrijd van oude structuren, zegt Harry. „In het verleden zouden we een demo gemaakt hebben en die rond hebben gestuurd, in de hoop dat zaalhouders of platenmaatschappijen zouden happen. In ons geval ging het veel eenvoudiger: we postten onze track op Soundcloud en het kwam vrijwel onmiddellijk bij de juiste mensen terecht. We hoefden niet eindeloos te schaven aan onze nummers voordat we ze aan de wereld durfden te openbaren. Perfectie in popmuziek betekende vroeger dat alle elementen netjes op hun plek vielen, met een uitgebalanceerde productie waarin alle oneffenheden waren weggepoetst. Ik zou perfectie tegenwoordig liever definiëren als het vermogen om de emotie die je voelt bij het maken van de muziek in al zijn ruwe impact aan te laten komen bij de luisteraar. In die optiek is het juist belangrijk dat de oorspronkelijke imperfecties niet zijn weggepoetst.”

Superorganism maakte het nummer ‘Everybody Wants To Be Famous’ met de strofe „the world’s too small for me” ruim voordat er sprake was van internationale roem. Nu voelt het of haar woorden op een weegschaal worden gelegd, zegt Orono. „Ik merk in de wereld om me heen dat er steeds minder plek is voor nuance. Denken in zwart-wit is de norm geworden. Als ik zing dat de wereld te klein voor me is, bedoel ik dat ik ruimte opeis om mezelf te uiten. Van nature ben ik een heel verlegen iemand. Op het podium draai ik die dingen om en blaas ik soms hoog van de toren, in mijn teksten en in mijn omgang met het publiek. Verwacht van mij geen ijzeren waarheden. Het voornaamste doel in mijn leven is dat ik hoop ooit nog eens een doel in mijn leven te vinden.”

Het ergste wat Superorganism kan overkomen is dat ze verwend raken door het succes, zegt Harry. „Dit album kostte ons praktisch niks om te maken. Een paar laptops, twee synthesizers en een gitaar was zo’n beetje alles wat we nodig hadden. Meer zou er niet gepast hebben in onze overvolle flat in Oost-Londen, waar het al lastig genoeg is om voor iedereen een slaapplek te vinden. Later zullen we met weemoed terugdenken aan die armoedige omstandigheden. Voor nu voelt het als een ongekende luxe dat we onze muziek overal ter wereld kunnen gaan spelen.”

    • Jan Vollaard