Rode Kruis: hulpverlening in Oost-Ghouta onmogelijk

De dagelijkse gevechtspauze van vijf uur is te weinig, zegt de organisatie. De situatie in het gebied is penibel.

Een verwoest gebouw in Haza, in de belegerde regio Oost-Ghouta. Foto Abdulmonam Eassa/AFP

Het Internationale Rode Kruis (ICRC) heeft niet genoeg aan de dagelijkse vijf uur durende gevechtspauzes om burgers in Oost-Ghouta te helpen. Dat heeft Robert Mardini, hoofd van de organisatie in het Midden-Oosten, heeft dat dinsdag gezegd in een verklaring, meldt persbureau Reuters. Volgens het Rode Kruis in Syrië nemen de beschietingen “as we speak” heftig in intensiteit toe.

De Russische president Poetin beval maandag een dagelijkse gevechtspauze tussen 09.00 uur ‘s ochtends en 14.00 ‘s middags. Dat tijdraam is voor hulpverlening onwerkbaar, vindt Mardini:

“Het is onmogelijk om in vijf uur een humanitair konvooi het gebied in te brengen. We hebben veel ervaring met hulpverlening voorbij de Syrische frontlinies en we weten dat het tot een dag kan duren om alleen al langs de controleposten te komen, ondanks toestemming vooraf van alle partijen. Dan moeten de goederen nog gelost worden.”

Mardini had eerder al gepleit voor een bestand van dertig dagen om de hulpverleners de kans te geven de inwoners van Oost-Ghouta te helpen. De organisatie waarschuwde dinsdag op Twitter opnieuw voor de penibele situatie in het gebied:

“Medische hulpverleners en reddingswerkers hebben hun breekpunt bereikt in Oost-Ghouta nu er berichten binnenkomen dat meerdere gezondheidsinstellingen de afgelopen dagen getroffen zijn. Mensen die gewond zijn geraakt bij de gevechten sterven, eenvoudigweg doordat ze geen toegang hebben tot basiszorg.”

Gevechtspauze mislukt

De waarschuwingen van het ICRC komen op de eerste dag dat een gevechtspauze gehouden had moeten worden. Uit het gebied komen berichten dat die niet heeft standgehouden. Volgens het Syrische Observatorium voor de Mensenrechten voerde de Syrische krijgsmacht ‘s ochtends opnieuw bombardementen uit. Het Russische persbureau RIA meldde beschietingen door de rebellen. Die zouden ook burgers gegijzeld houden om te voorkomen dat zij het gebied konden verlaten. Volgens het Kremlin valt of staat de mogelijkheid om burgers uit het gebied te evacueren met de houding van de opstandelingen.

Reuters meldde eerder dinsdag dat de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW) een onderzoek heeft geopend naar het gebruik van chloorgas door de Syrische krijgsmacht. In het gebied wonen naar schatting zo’n 400.000 mensen. De bombardementen hebben tot nu toe honderden levens geëist.