Gevechtspauze Oost-Ghouta houdt geen stand

De Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens gaat onderzoek doen naar vermeend gebruik van chemische wapens in Oost-Ghouta.

Beeld van 23 februari: een explosie na een luchtaanval van het Syrische leger. Foto Ammar Suleiman / AFP

De eerste dagelijkse gevechtspauze in de Syrische enclave Oost-Ghouta heeft dinsdag geen stand gehouden. De Verenigde Naties bevestigen lokale berichten van aanhoudende gevechten, die verhinderen dat hulpverlening het belegerde gebied bereikt. In de enclave wachten meer dan duizend zieken en gewonden op evacuatie.

De dagelijkse humanitaire gevechtspauze kwam onder Russische diplomatieke druk tot stand. Vanaf dinsdagochtend 09.00 uur zou er vijf uur niet geschoten worden zodat gewonden het gebied konden verlaten.

Lees de analyse van Midden-Oostencorrespondent Gert van Langendonck: ‘Ze gaan net zo lang bombarderen tot mensen het opgeven’

Na een grotendeels kalme nacht in Oost-Ghouta waren er ‘s ochtends toch bombardementen van het Syrische leger, zo meldde het Syrische Observatorium voor de Mensenrechten. Een helikopter zou doelen bestookt hebben in een van de dorpen, en even verderop zou een gevechtsvliegtuig bommen hebben gegooid. Het Syrische leger ontkende dit aanvankelijk.

Ondertussen berichtte het Russische persbureau RIA over Syrische rebellen die woonwijken in Damascus bestookt zouden hebben. Volgens het Russische leger schonden de rebellen het bestand; zij zouden burgers gegijzeld houden om zo te voorkomen dat zij het gebied verlaten. Volgens het Kremlin valt of staat de evacuatie van gewonden met hoe de rebellen zich gedragen.

OPCW onderzoekt vermeend gebruik chemische wapens

Dinsdag meldt persbureau Reuters ook dat de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW) het vermeende gebruik van chemische wapens in Oost-Ghouta onderzoekt. De VN-waakhond is zondag een onderzoek gestart naar het gebruik van verboden munitie. Er bestaan vermoedens dat het Syrische leger chloorgas heeft ingezet in een van de dorpen in Oost-Ghouta.

In de afgelopen tien dagen zijn honderden doden gevallen bij de bombardementen in Oost-Ghouta, een gebied even buiten Damascus dat als het laatste rebellenbolwerk in de buurt van de hoofdstad wordt gezien. Het leger van de Syrische president Assad heeft met militaire steun van Iran en Rusland grote delen heroverd op de rebellen. De regio heeft naar schatting zo’n 400.000 inwoners.

Zaterdag werd een resolutie in de VN Veiligheidsraad aangenomen die opriep tot een landelijk staakt-het-vuren van dertig dagen. Hier vallen enkele vechtende groepen in Oost-Ghouta echter niet onder.