Olifant paart ook met andere soorten

Genetica DNA-onderzoek onder veertien levende en uitgestorven olifanten laat zien dat diverse soorten onderling vaak paarden.

De Afrikaanse bosolifant krijgt incidenteel nakomelingen met de savanne-olifant. Maar genetisch gezien zijn het aparte soorten. Foto Thomas Breuer

Olifanten hadden vaak seks met olifanten van andere soorten. Dat heeft geleid tot uitwisseling van DNA over soortgrenzen heen. Bij wolharige mammoeten hebben genetici DNA van Amerikaanse mammoeten teruggevonden. En de uitgestorven olifant Paleoloxodon blijkt een ‘mengsoort’, die deels afstamt van Afrikaanse olifanten, van wolharige mammoeten én van bosolifanten.

Deze inzichten rollen uit een groot DNA-onderzoek naar vermenging in de olifantenfamilie, dat dinsdag verscheen in PNAS. De genetici die het onderzoek uitvoerden concluderen dat hybridisatie tussen verschillende soorten zoogdieren eerder regel is dan uitzondering.

Het onderzoek laat weer eens zien dat de traditionele soortdefinitie van biologen piept en kraakt. Biologen definiëren soorten van oudsher op basis van voortplanting. Als twee dieren vruchtbare nakomelingen kunnen krijgen, horen ze tot dezelfde soort.

Maar genetici vinden steeds vaker sporen van vermenging tussen dieren die biologen toch als aparte soorten beschouwen. Bij bruine beren uit Alaska is bijvoorbeeld ijsbeer-DNA teruggevonden. En Noord-Amerikaanse wolven stammen af van coyotes én grijze wolven.

Olifantenfamilie

Bij olifanten was nog nauwelijks onderzoek naar vermenging gedaan. De olifantenfamilie (Elephantidae) is van origine een Afrikaanse familie. De afgelopen 10 miljoen jaar hebben olifanten zich over de hele wereld verspreid, van Siberië tot aan Zuid-Amerika en Indonesië.

De genetici bestudeerden de complete DNA-volgorde van zes olifantensoorten (14 individuen). Drie ervan bestaan nu nog: de savanneolifant (Loxodonta africana) en bosolifant (Loxodonta cyclotis) uit Afrika en de Aziatische olifant (Elephas maximus). De drie uitgestorven olifanten in de studie waren de wolharige mammoet (Mammuthus primigenius), Amerikaanse mammoet (Mammuthus columbi) en Paleoloxodon.

Bij olifanten die dichter naast elkaar leefden, zoals Amerikaanse en wolharige mammoeten uit Noord-Amerika, vonden de genetici ook meer sporen van vermenging.

Daar is één uitzondering op: bosolifanten en savanneolifanten zijn Afrikaanse buren, maar hebben zich nauwelijks met elkaar vermengd. Bosolifanten en savanneolifanten zijn tussen de vijf en twee miljoen jaar geleden langzaam uit elkaar gedreven, berekenden de genetici. 1,3 miljoen jaar geleden vond er voor het laatst op grote schaal uitwisseling van DNA tussen de twee soorten plaats.

Op kleine schaal gebeurt dat nog: bosolifanten en savanneolifanten paren soms in het wild. Er zijn dus hybride dieren, maar het zijn er niet genoeg, concludeert het team van genetici, om savanne-olifanten en bosolifanten niet als aparte soort te beschouwen. Politiek ligt dat moeilijk omdat dan in Afrika twee soorten beschermd moeten worden, in plaats van één. Wat al moeilijk genoeg is.

    • Lucas Brouwers