Tweemaal brons voor Nederland op massastart

Koen Verweij en Irene Schouten waren de troeven voor de Nederlandse schaatsploeg. Ook Sven Kramer en Annouk van der Weijden reden de finale.

Koen Verweij, coach Geert Kuijper en Sven Kramer bij de massastart schaatsen in de Gangneung Oval. Foto Koen van Weel/ANP

Het olympische debuut van de mass-start heeft Nederland twee keer een bronzen medaille opgeleverd, voor Irene Schouten en Koen Verweij. Schouten ging te vroeg haar eindsprint aan, Verweij werd keurig afgezet door Sven Kramer, maar kwam tekort in zijn sprint.

Olympisch goud ging naar de Japanse Takagi bij de vrouwen en thuislieveling Seung Hoon-lee bij de mannen. Zilver was er voor de eveneens Zuid-Koreaanse Kim Bo-reum bij de vrouwen en Bart Swings bij de mannen. Zijn tweede plek betekende de eerste olympische medaille voor België in twintig jaar. Bart Veldkamp was met brons op de 5.000 meter in Nagano (1998) de laatste.

Verweij en Schouten waren de grote Nederlandse troeven, Kramer en Annouk van der Weijden reden in principe in hun dienst in het tactisch spel van het nieuwste olympische schaatsonderdeel. Zestien ronden met zestien schaatsers (in de finale) met treintjes, verbondjes. Ook een echt spel tussen landen.

Twintigste medaille op de Spelen

Schouten, wereldkampioene op het onderdeel in 2015, begon ruim een halve ronde voor het einde aan haar eindsprint. Dat werd haar te veel. Kramer, onervaren op het onderdeel, ontsnapte drie ronden voor het einde en trok de sprint aan voor Verweij. Misschien dat een Verweij in topvorm, die hij eerder op de 1.500 en 1.000 meter al niet bleek te hebben, snel genoeg was geweest. Nu was hij dat niet.

Met de tweemaal brons eindigt Nederland deze Winterspelen met een totaal van twintig medailles: acht gouden, zes zilveren en zes bronzen. Vier minder dan vier jaar geleden in Sotsji, maar wel het op een na hoogste aantal.

    • Frank Huiskamp