Rutte vindt weinig steun voor pleidooi kleiner EU-budget

EU-Top Een kleinere begroting na de Brexit? Er zijn nauwelijks EU-landen voor dit voorstel. Nederland wel, zo bleek vrijdagavond in Brussel.

Aankomst premier Rutte in Brussel vrijdag. Foto Julien Warnard/EPA

Een kleinere EU-begroting? Op de Europese top vrijdag in Brussel bleek dat er voor die sterke Nederlandse wens maar weinig medestanders te vinden zijn. Behalve Oostenrijk, Denemarken en Zweden – en mogelijk Finland – zijn alle EU-landen van mening dat de EU-begroting na Brexit, na het wegvallen van een grote ‘netto-betaler’ dus, niet omlaag moet en mogelijk zelfs omhoog. „Het is inderdaad een klein groepje dat ik om me heen zie”, erkende premier Rutte vrijdagavond.

Rutte zit tussen twee vuren. In Den Haag klinkt nu al, nog voor de onderhandelingen begonnen zijn, het bij elke Europese begrotingsdiscussie gebruikelijke ‘geen cent méér’, terwijl de vraag of de begroting omhoog gaat elders in Europa al lang beantwoord lijkt te zijn. „Maar de landen die daar tegen zijn, zijn daar ook héél stellig over”, aldus een hoge EU-functionaris. Kortom: het knettert.

Eurocommissaris Oettinger noemde de kortingen in januari “complex en bureaucratisch”. Lees ook: Eurocommissaris: Nederland raakt korting misschien kwijt

Niet keihard

De Oostenrijkse premier Kurz noemde het vrijdag „verkeerd om te denken dat je altijd maar meer en meer kunt vragen” van nettobetalers, de rijkere landen die meer in de EU-begroting inleggen dan dat ze er voor terugkrijgen. Ook Rutte was in Brussel stellig. „De Britten gaan er uit, dus dat aandeel moet uit de begroting.”

Maar zijn nee was niet keihard. Rutte zei zijn „uiterste best” te zullen doen om een stijging te voorkomen en dreigde niet met een veto. „De onderhandelingen duren potentieel nog twee jaar en het zou vreemd zijn om dan nu al de nucleaire kruisraket af te vuren.” Rutte sprak de hoop uit dat hem in Den Haag „de ruimte” om te handelen wordt gegund.

‘Britten hielpen altijd’

De ruimte is kleiner dan zeven jaar terug, bij de vorige meerjarenbegroting. Toen kon er door de crisis nog worden gesteld dat de portemonnee leger was. De Britten deden mee en stonden met Nederland op de rem. „Die hielpen altijd”, beaamde Rutte. „Maar ook zonder de Britten zullen we een heel eind komen.”

Toch: als het gaat om de omvang van de begroting kan Rutte weinig manoeuvreren. In deze startfase van de gesprekken richt hij zich daarom liever op de ‘kwaliteit’ van de begroting: die moet ‘moderner’. Minder geld naar boeren en arme regio’s, meer naar „innovatie, grensbewaking en de strijd tegen cybercrime.” Hierin kan Rutte op meer steun rekenen, zo bleek vrijdag. En zo is de begroting voor Rutte ook beter te verkopen in Nederland, dat als kenniseconomie meer profijt heeft van EU-subsidiepotten bestemd voor onderzoek en technologie. Dan betaal je als land wat meer, maar je krijgt er ook meer voor terug – is dan de wervende boodschap.

Link met goed gedrag

Een andere eis die Rutte hard op tafel legt is de voorwaardelijkheid: er moet een koppeling komen tussen goed gedrag en ontvangst van EU-geld. Landen die zich niet aan EU-afspraken houden (bijvoorbeeld als het gaat over onafhankelijke rechtspraak, over solidariteit in de opname van migranten) zouden hierdoor EU-subsidies mislopen. Dit zou slecht kunnen uitpakken voor landen als Polen en Hongarije die met de EU overhoop liggen over de rechtsstaat.

Die koppeling is „politiek dynamiet”, zeggen Brusselse diplomaten. Maar de steun ervoor groeit, ook in Duitsland. „Maar”, zei Rutte, „we moeten er nog wel een taart van zien te bakken.”