OM eist tot vijf jaar cel voor anti-homogeweld

De verdachten hebben bekend in juni 2017 op het Damrak twee mannen te hebben geslagen, maar ontkennen een anti-homo-motief.

Archieffoto van het Damrak in Amsterdam. Foto Ruud Taal/ANP

Het Openbaar Ministerie heeft celstraffen tot vijf jaar geëist tegen drie verdachten wegens het in elkaar slaan van twee mannen in juni 2017 in Amsterdam. Volgens het OM was het enige motief voor het geweld dat de slachtoffers homoseksueel waren. “Wat het Openbaar Ministerie betreft zijn dergelijke zaken onacceptabel en dient er hard opgetreden te worden tegen dit soort geweld”, zei de officier van justitie tijdens de behandeling van de zaak in de Amsterdamse rechtbank.

Tegen de mannen van 26 en 28 jaar eist het OM respectievelijk vier en vijf jaar cel. Ze worden verdacht van poging tot doodslag. De 23-jarige man wordt poging tot zware mishandeling ten laste gelegd. Alle drie wordt openlijke geweldpleging verweten. De politie is nog op zoek naar een vierde verdachte die op camerabeelden is te zien.

Gebroken tanden

Camera’s filmden hoe op 18 juni 2017 op het Damrak in Amsterdam twee mannen werden geschopt en geslagen door vier anderen. Eén van de slachtoffers, een toerist uit Suriname, werd tegen het hoofd getrapt toen hij al op de grond lag. Een Jamaicaan die in Nederland woont liep enkele gebroken tanden en een gescheurde lip op.

Volgens Het Parool werden de mannen vergezeld door twee anderen, van wie een verkleed was als dragqueen. De 28-jarige verdachte zou kort voor het incident uit de Supperclub zijn gezet.

Filmpje

De drie mannen hebben hun betrokkenheid bij het geweld bekend, maar ontkennen dat hun motief homo-gerelateerd was. Volgens de oudste verdachte zouden de slachtoffers gedreigd hebben hen te verkrachten. Het OM gelooft dat niet. Een paar uur na het geweld spreken twee van de drie verdachten een filmpje in op een telefoon. “Ik zeg je eerlijk, ik heb die homo kankererg gekrast”, zegt een van hen. Volgens het OM komt daaruit duidelijk het motief naar voren.

Wegens het “discriminatie-aspect” is de eis dan ook extra hoog. “Dat het motief hierin ligt maakt het feit des te onbegrijpelijker, pijnlijker en kwetsender”, zei de officier van justitie.

De rechtbank doet over twee weken uitspraak.