Olympisch pronkstuk voor twee weken

Pyeongchang 2018

De Winterspelen zorgen voor vrolijke taferelen in Gangneung. Blijft de stemming na afloop ook zo positief?

Voor de schermen ging het er in Gangneung tijdens de Winterspelen meer dan hartelijk aan toe. Foto Murad Sezer/Reuters

Op een klein plein midden in Gangneung tuurt een vijftigtal Zuid-Koreanen vanaf plastic stoeltjes ademloos naar een scherm van drie bij vier meter. Dekens op schoot, mutsen op hun hoofd. Als de zon ondergaat, dan voel je hier dat het winter is. Op het scherm de halve finale van de ‘Garlic Girls’, de koosnaam die is toebedeeld aan de Zuid-Koreaanse curlingvrouwen, omdat vier van hen afkomstig zijn uit hetzelfde plaatsje: Uiseong, bekend om zijn knoflook. Het zijn net popsterren, ze zijn in ieder geval de nieuwe nationale trots. Het wedstrijdcommentaar dreunt uit twee enorme speakers. Luid juichend veren de Zuid-Koreanen op nadat een steen op een goede positie in het ‘huis’ komt.

Afgaand op de extase bij de fans, zou je bijna vergeten dat er in Zuid-Korea amper sprake is van een wintersportcultuur. In de olympische stadions een kilometer of drie verderop trekken duizenden Zuid-Koreanen dagelijks een muur van geluid op. Oorverdovend chauvinisme voor elke landgenoot. Bij de aankondiging, bij een goede bocht, bij een inhaalactie. In de Ice Arena, thuis van ‘hun’ shorttrack, klinkt één snerpend juichconcert. Zelfs voor de Zuid-Koreaanse scheidsrechter. In de Gangneung Oval, even verderop, weet je door de golf van geluid precies wanneer er Zuid-Koreanen schaatsen.

Aziatische metropool

Het pleintje ligt net buiten de olympische brandhaard. Midden in het gebied waar Gangneung op een vierkante kilometer de schijn heeft van een Aziatische metropool. Het getoeter van taxi’s echoot tussen de neonbelettering van de gebouwen, Amerikaanse ketens op een kluitje. De luiken gaan dicht op Jangung Market, waar overdag lange rijen staan voor de traditionele boekweitpannenkoeken met kimchi en visoliebollen met een vulling van rode bonen. In zijstraatjes vind je koeien- en varkenshoofden. Rond dit plein komen oud en nieuw samen.

In een land zonder wintersportcultuur is het bijna passend dat de hoofdstad van deze Winterspelen een kustplaats ter grootte van Eindhoven is. In Gangneung, centrum van de ijssporten en dus het Nederlandse succes, zaten de stadions de afgelopen twee weken veelal vol. Bij de sneeuwsporten in en rond de bergen van de provincie Pyeongchang, varieerden de bezoekersaantallen.

Gangneung moet na de Olympische Spelen een goedbezochte, internationale toeristenbestemming worden. Tot nu toe is het voornamelijk een bestemming voor mensen die wilden ontsnappen aan de beklemmende drukte van Seoul. Door een nieuwe spoorlijn en snelle trein direct naar de hoofdstad en het vliegveld in Incheon, hoopt Gangneung voor meer mensen bereikbaar te worden.

Gangneung, stad van de koffie. Waar een boulevard aan de kust bekendstaat als ‘Coffee Street’ – de koffieautomaten die er vroeger stonden, hebben op een paar na plaatsgemaakt voor cafés bedoeld voor puristen. Gangneung, stad van de dennen. ‘Pine City’, de parken staan er vol mee. Gangneung, waar de traditionele Koreaanse gebouwen verdrinken tussen de Bijlmerachtige flats en grote leegte het centrum van de Benidorm-achtige kustlijn scheidt.

Gangneung, pronkstuk van Winterspelen die voor de schermen meer dan hartelijk zijn geweest en probleemloos verliepen. De stadions waren ruim op tijd af en de 10,6 miljard euro die het evenement kostten was weliswaar een ruime overschrijding van het geplande budget, maar stak vergeleken bij de financiële Russische beerput van Sotsji 2014 schril af.

Tijdens de Spelen werd niets aan het toeval overgelaten. De tienduizenden medewerkers en vrijwilligers leken een minutieus script te volgen dat ze tot de kleinste letter moesten naleven – wie daarvan afweek, werd teruggefloten. Maar altijd met een lach, een buiging en een ‘gamsa hamnida’ (dank je wel). Zelfs bij de strenge veiligheidscontroles. Voedsel zonder verzegeling kwam geen stadion binnen, maar als je ervoor koos het ter plekke op te eten, dan vooral even rustig op een stoel. Water erbij misschien?

Financiële compensatie

Achter de schermen klinken niet alleen maar positieve geluiden. Grote steun was er bij de bevolking voor de kandidatuur van de regio, toen in 2011 de Spelen bij de derde poging aan Pyeongchang werden toebedeeld. Maar sommige ondernemers voelen zich achtergesteld.

Uncle Bob, een koffie- en lunchzaak op loopafstand van de schaatsbaan, stond vroeger waar nu het olympisch park is. Net als veel andere zaken en woningen. Eigenaar Bob Graff, geboren in Minnesota, kreeg een financiële compensatie voor de verhuizing. Volgens mevrouw Shin, een van de serveersters, veel te weinig. Dat gold voor de hele buurt.

De kaart werd aangepast aan de smaak van de toeristen. Dus kun je er Amerikaanse klassiekers als ‘hash browns’, BLT’s en bagels krijgen. Wijn en bier werden speciaal voor de Spelen in de koelkast gezet. Het had druk moeten worden deze tijd, maar het is er in andere periodes drukker. De wegen werden vanwege de veiligheid afgezet, dus de zaak is moeilijk te bereiken voor mensen die niet per se in de stadions moeten zijn. Het zou mevrouw Shin niet verbazen als er na de Spelen nog een rechtszaak komt vanuit de ondernemers rond het olympisch park om extra compensatie af te dwingen.

In de skidorpjes in Pyeongchang was er ook kritiek. Normaal zijn deze wintermaanden de voornaamste bron van inkomsten voor de ski- en snowboardverhuurders. Alleen zijn de pistes nu gesloten voor toeristen. “2018 Pyeongchang Olympics kill us! Keep our right to live!” stond op spandoeken in de buurt van het Phoenix Snow Park.

Ook Zuid-Korea zal worstelen met de erfenis van de Winterspelen. Het is maar de vraag wat ze financieel zullen opleveren, direct en indirect. Ook onduidelijk: wat gebeurt er met de stadions en dan vooral de acht die speciaal voor de Spelen zijn gebouwd? De toekomst van onder meer het Ski Jumping Centre, het Jeongsun Alpine Centre de schaatsbaan en het ijshockeystadion is ongewis, schreef Reuters begin februari.

Van één stadion is het lot in ieder geval al bezegeld: het olympisch stadion in Pyeongchang wordt na de sluitingsceremonies van de Olympische en Paralympische Winterspelen) afgebroken. De bouwkosten bedroegen 88,6 miljoen euro, en dat voor vier avonden. Maar de gedachte achter de sloop is logisch: in een gebied zo klein als Pyeongchang heeft het stadion met een capaciteit van 35.000 toeschouwer geen functie, het onderhoud zou bovendien op termijn nodeloos veel geld kosten. Niet voor niets verkeert menig stadion in voormalige gaststeden inverkeren.

Op het plein in Gangneung is er op deze koude winteravond nog de bedwelmende roes van de sport. En toont een zomerstad zich nog even wintergek.

    • Frank Huiskamp