‘Ja, ik schreeuw. Maar ik heb niemand laten liquideren’

Dossier Holleeder

Is Willem Holleeder een altruïst of een man met twee gezichten? Familieman of bullebak? „Ik blaf wel, maar ik bijt niet.”

Beveiliging bij de rechtbank. FOTO Lex van Lieshout, ANP

Astrid en Sonja Holleeder zijn niet aanwezig op donderdag, maar hun stemmen klinken luid en duidelijk in de rechtszaal. Net als die van hun broer Willem. „Als ik haar vanavond tegenkom dan sla ik haar gewoon het ziekenhuis in”, schreeuwt Willem. „Weet je wat het is Assie, ik kan hier niet mee leven.”

Astrid Holleeder antwoordt dan: „Zij weet dat je niet makkelijk bent.” ‘Zij’ is Sonja Holleeder, de zus van Astrid en Willem over wie het allemaal gaat in dit gesprek, dat door Astrid heimelijk is opgenomen.

Sonja en Willem hebben in 2013 ruzie over het geld dat mogelijk wordt verdiend met een film over de Heinekenontvoering, die op dat moment wordt gemaakt in de Verenigde Staten. Het script is gebaseerd op het boek van Peter R. de Vries over de Heinekenontvoering, de misdaad die als een rode draad door het leven van de Holleeders loopt.

Even later is te horen dat Willem Holleeder 25 procent wil hebben van die filmrechten. Ze weet niet wat ze aanhaalt, zegt Willem dan. Hij begint weer te schreeuwen. „Ik ben het echt ZAT met die vuile kankerhoer!” In een ander gespreksfragment met Astrid klinkt Willem Holleeder nog bozer. „Astrid luister: ik sla haar echt hartstikke dood, ik breek haar neus, ik sla haar tanden eruit. Ik ben echt door het dolle.” Hij noemt Sonja „de likdoorn in mijn leven”.

Lees ook: In de rechtbank blijkt hoe gevoelig het verhoor ligt voor broer en zus Holleeder

Het Openbaar Ministerie vertelt tegen Holleeder dat de fragmenten zijn uitgekozen om duidelijk te krijgen wat er nou klopt van het beeld van de „barmhartige samaritaan” dat Holleeder in de eerste twee weken van zichzelf heeft neergezet. „De vraag is of dat beeld van de charmante familieman wel klopt”, zegt officier van justitie Lars Stempher.

Willem Holleeder beaamt dat hij veel schreeuwt. „Zo ben ik opgegroeid.” Maar je moet het niet te serieus nemen, vindt Willem: „Ik blaf wel, maar ik bijt niet.” Hij houdt vast aan zijn eerdere verhaal, dat hij veel voor zijn familie heeft gedaan.

Daarom is het voor hem ook onbegrijpelijk dat hij door zijn zussen Sonja en Astrid is verraden. Holleeder herhaalt dat het allemaal in elkaar is gezet door zijn zus Astrid, die hij „een smerige leugenaar” noemt. „Astrid heeft een spelletje gespeeld”, aldus Holleeder. „Zij weet dat ze dit opneemt en heeft Sonja tegen mij opgezet.”

Grote pisbak

Daarna vraagt de officier van justitie of het klopt dat Holleeder soms twee gezichten heeft. Aan de ene kant een vriendelijke, behulpzame man en aan de andere kant een intimiderende bullebak. „Ik heb geen twee gezichten”, zegt Holleeder. „Ik schreeuw maar daar zit geen kwaad achter. Zo ben ik opgevoed.”

Lees ook: ‘Geld is de as’ in familie Holleeder

De officieren hebben net een afgeluisterd telefoongesprek opgenomen tussen Holleeder en een vriendin, waaruit blijkt dat hij ruzie heeft met haar man. Holleeder raast en tiert door de telefoon als een wildeman. Daarna krijgt hij het 11-jarige dochtertje aan de lijn. „Zeg maar tegen je vader dat hij een grote pisbak is”, zegt Willem tegen het meisje die hij eerder nog aansprak met lieffie. „Zeg maar tegen je vader dat hij naar Amsterdam komt, dan los ik het wel op met die kankerhond.”

Is dit normaal tegen een kind van elf jaar, vraagt de officier van justitie. Willem Holleeder, die zich beklaagt dat een karikatuur van hem wordt neergezet, zegt over het meisje: „Zij was wel wat gewend van haar vader hoor.”