Defensieambtenaar ging 'over de grens van bedrog of oplichting'

Zaak-Dotterbloem Oud-defensiemedewerker Jacques H. is veroordeeld tot een jaar cel. Hij liet zich herhaaldelijk omkopen door autobedrijven als Pon.

Autoimporteur Pon was betrokken bij het begunstigen van ambtenaren, maar kocht voor 12 miljoen euro vervolging af.. Foto Jeroen Jumelet/ANP

Voormalig defensieambtenaar Jacques H. krijgt een jaar celstraf omdat hij zich als medewerker mobiliteit herhaaldelijk heeft laten omkopen door autobedrijven. De gewezen politieman René P. moet een onvoorwaardelijke taakstraf van 150 uur uitvoeren vanwege het aannemen van giften.

Alleen dit tweetal krijgt een substantiële straf in de zaak-Dotterbloem, die draait om corruptie in de autowereld. Vijf andere verdachten worden vrijgesproken, drie krijgen voorwaardelijke taakstraffen van 40 uur. De enige oud-medewerker van auto-importeur Pon, de voornaamste omkoper, die voor de rechter moest verschijnen krijgt een onvoorwaardelijke taakstraf van 40 uur.

Dat heeft de rechtbank Rotterdam donderdagmiddag gevonnist. De rechter sprak daarbij strenge woorden, vooral over een aantal betrokken ambtenaren die voor zichzelf voordelen regelden bij de autobedrijven met wie zij ook uit hoofde van hun functie contact onderhielden. De straffen vielen echter beduidend lager uit dan de eisen van het Openbaar Ministerie.

Volgens de rechtbank bracht de zaak een „maatschappelijk schokeffect teweeg”, zeker in de autowereld. „Het vertrouwen dat burgers mogen hebben in het openbaar bestuur” is geschaad, zei de rechter, omdat een aantal ambtenaren hun „gezag hebben misbruikt voor eigen belang”.

Oliemannetje Jacques H.

Het OM had tegen Jacques H. drie jaar onvoorwaardelijke celstraf geëist. Hij onderhield als ‘beleidsmedewerker mobiliteit’ jarenlang nauwe contacten met autobedrijven als Pon, importeur van de Duitse merken Volkswagen en Audi. Zijn goede contacten waren belangrijk voor het departement. Hij werd als oliemannetje ingeschakeld om bijzondere auto’s te regelen voor hoge ambtenaren en militairen en om aan wagens voor de militaire inlichtingendienst te komen. De rechtbank verweet H. dat hij stelselmatig, bewust en jarenlang werd bevoordeeld door de autobedrijven. Maar door de grote gevolgen die de zaak voor hem persoonlijk had, viel de strafmaat veel lager uit dan de eis.

H. was de belangrijkste verdachte in de omvangrijke corruptiezaak, waarvoor elf ambtenaren en autoverkopers de afgelopen weken voor de Rotterdamse rechtbank stonden. Tegen politieambtenaar René P. was een jaar cel geëist.

De betrokken autobedrijven kwamen niet voor de rechter. Zij kochten vervolging af. Pon, dat het verst ging in het begunstigen van ambtenaren, betaalde 12 miljoen euro. Peugeot en Renault ieder 2 miljoen. Voor Pon is dat een overzichtelijk bedrag. Moederbedrijf Pon Holding heeft een jaaromzet van meer dan 6 miljard euro en is naar eigen zeggen het grootste familiebedrijf van Nederland.

Als autodealer leverde en levert Pon grote aantallen Volkwagens en Audi’s aan de vele geledingen van de Nederlandse overheid. De schikking heeft hun relatie niet geschaad. In oktober 2017 werd bekend dat Pon (met een versie van de Audi A6) de nieuwe snelle interventievoertuigen (SIV) van de politie gaat leveren.

Militaire inlichtingendienst

Een van de meest curieuze aspecten van de zaak leverde de betrokkenen uiteindelijk geen straf op. Jacques H. kocht regelmatig geheime auto’s voor de militaire inlichtingendienst, tegen kunstmatig hoge prijzen. Het verschil tussen de formele verkoopprijs en wat defensie echt betaalde, kwam in een potje bij een autodealer terecht. Die betaalde daaruit autokosten van geheime operaties, zoals huurauto’s, schadeposten en verkeersboetes van MIVD’ers. Maar H. gebruikte dat potje ook om zijn eigen maandelijkse leasebedragen te drukken, net als die van zijn dochter.

Volgens de rechtbank ging H. - door defensiegeld te gebruiken voor zijn eigen uitgaven – „over de grens van bedrog of oplichting”. Maar omkoping was het niet, het was immers geen gift van de autobedrijven.

Inhoudelijk liet de rechtbank weinig heel van het verweer van de verdachte ambtenaren. Bijna allen verdedigden zich door te zeggen dat ze de onderzochte voordelelen van autobedrijven „als privé-persoon” hadden gekregen, en niet als ambtenaar. Dat de autowereld aan elkaar hing van deals, en je „een dief van je eigen portemonnee” zou zijn als je geen kortingen voor jezelf zou bedingen. De rechtbank noemde dat „verwijtbare naïviteit”. „Wanneer de autobranche weet dat je ambtenaar bent, mag je als ambtenaar geen persoonlijk voordeel bedingen. Je behoort te weten dat je die grens niet mag overschrijden.”

Cadeautjes waren gebruikelijk

Het OM zette zes jaar geleden groot in op het onderzoek naar de corruptiezaak. Die leverde tientallen verdachten op en zware beschuldigingen. Maar gaandeweg – onder meer door schikkingen en seponeringen – dunde het aantal verdachten uit, net als de ernst van de verdenkingen. Diverse betrokkenen hebben dan ook het gevoel dat zij door het OM willekeurig tot verdachte zijn bestempeld. Zij werkten naar eigen zeggen binnen organisaties waar het geven of ontvangen van cadeautjes gebruikelijk was, of op zijn minst zonder protest werden toegestaan. H. zei dat zijn vele buitenlandse autoreizen bij defensie bekend waren en dat hij bij de financiële constructies rond zijn privé-auto’s nooit was teruggefloten door de integriteitsambtenaar. De rechtbank veegde al die bezwaren weg: in welke omgeving ambtenaren of autoverkopers ook werken, ze zijn altijd verantwoordelijk voor hun individuele handelen.

Dat geldt volgens de rechter ook voor voormalig Pon-medewerker Erik van B. Die betoogde dat hij niets meer had gedaan dan wat gebruikelijk was binnen Pon. En wat elke serieuze autoverkoper doet, namelijk goede klanten goed behandelen. „De rechtbank heeft begrip voor uw frustratie, maar ook een bedrijfscultuur ontslaat niemand van zijn individuele verantwoordelijkheid.” Van B. krijgt daarom een taakstraf van 40 uur, precies evenveel als oud-collega’s van hem die eerder schikten met justitie.