De ‘olympische vibe’ gaat Wüst het meest missen

SchaatsIcoon

Voorafgaand en tijdens de race, nee, toen gaf Ireen Wüst zichzelf geen moment gelegenheid om bezig te zijn met de gedachte dat dit haar laatste optreden was op het olympisch podium. Tot ze met de Nederlands ploeg als verliezend finalist over de finish kwam en naar haar familie op de tribune keek. „Toen dacht ik: nou, dit was het dan.”

Met een zilveren medaille op de ploegachtervolging nam de meest succesvolle Nederlandse olympiër aller tijden afscheid. Haar vierde Spelen zijn definitief de laatste, vertelde ze eerder al in Gangneung. Nog twee jaar doorgaan met schaatsen, dan is het genoeg voor de 31-jarige Wüst, achttienvoudig wereldkampioen en vijfvoudig Europees kampioen. Maar op de Spelen is het voorbij. Goud op de 1.500 meter, zilver op de drie kilometer en de ploegachtervolging, het brengt haar totaal op elf olympische medailles. Geen schaatser won er meer. Met vijf keer goud, vijf keer zilver en één keer brons is ze tweede op de ‘eeuwige’ schaatsranglijst, achter de Russische Lidia Skoblikova die op de Spelen van 1960 en 1964 in totaal zes keer goud won. Wüst passeerde in Gangneung grootheden als Claudia Pechstein, Bonnie Blair en Eric Heiden, hoewel er in zijn tijd nog geen ploegachtervolging was.

Wüst denderde de schaatswereld binnen in Turijn 2006, toen ze als 19-jarige debutante vlak voor ploeggenote Renate Groenewold het goud op de drie kilometer pakte. Ze voegde er brons op de 1.500 meter aan toe. „Keigaaf knallen” was haar devies. Na een crisis in 2009 was er een jaar later in Vancouver goud op de schaatsmijl, al kwam het uit haar tenen. Typisch Wüst, altijd doorduwen, nooit opgeven. In Sotsji 2014 was er twee keer goud (drie kilometer en ploegachtervolging) en drie keer zilver (1.000, 1.500, vijf kilometer). Wat ze het meest gaat missen van de Spelen? „Dat het zo belangrijk is. De olympische vibe.”

    • Maarten Scholten