Opinie

Als zelfbeheersing VS ontbreekt, moeten anderen die tonen

Is een gerichte handelsoorlog nog mogelijk in de sterk geglobaliseerde economie? Vrijdag werd bekend dat de regering-Trump overweegt de invoer van staal en aluminium aan banden te leggen. Een optie is om alle invoer te treffen met tarieven van respectievelijk 24 procent en 7,7 procent, of met quota.

Daarmee betreedt het Witte Huis een wankel pad. De sancties zijn bedoeld tegen China, maar hebben een algemeen karakter om te verhinderen dat Chinese import via andere kanalen alsnog de Verenigde Staten bereikt. Zo worden anderen ook getroffen en dreigt escalatie. Brussel laat, als mogelijke vergelding voor schade aan de Europese industrie, doorschemeren te studeren op tegenmaatregelen. Genoemd worden tarieven op Amerikaanse whiskey en Harley Davidson-motoren. Die worden, niet toevallig, gemaakt in de respectieve thuisstaten van de Republikeinse voormannen in het Congres, Mitch McConnell en Paul Ryan.

China zelf kondigde, na Trumps maatregelen tegen de invoer van zonnepanelen en wasmachines, al aan om de import van de graansoort sorghum uit de VS, met een jaarlijkse waarde van 1 miljard dollar (810 miljoen euro), te gaan onderzoeken op subsidie of dumping. Dat deed het land negen jaar geleden ook met kippenpoten uit de VS, waarna de import door antidumpingmaatregelen geheel stilviel. Dat was destijds een reactie op het weren van Chinese autobanden door de regering-Obama.

Al dit soort maatregelen ten spijt, werd in het verleden door de betrokken landen toch vrijwel altijd een procedure gestart bij de Wereldhandelsorganisatie (WTO). In de regel resulteerde dat in het terugdraaien van sancties en tegenmaatregelen.

Dat de huidige Amerikaanse sancties tegen staal en aluminium worden overwogen met een formele verwijzing naar de ‘nationale veiligheid’ illustreert dat het Witte Huis zich nog wel iets gelegen laat liggen aan het internationale recht. Maar de regering-Trump heeft óók al laten weten dat de VS bij de WTO structureel worden benadeeld, en frustreert er de benoeming van rechters, waardoor de arbitrage bij handelsgeschillen sterk wordt bemoeilijkt.

Zonder een beroep op de formele geschillenbeslechting binnen de WTO kunnen handelsfricties gemakkelijk uitlopen op handelsoorlogen. Daar is niemand mee gebaat. De wereldeconomie is een netwerk van grensoverschrijdende productieketens en bezitsverhoudingen. Mittal en Tata, die een fors deel van de Europese staalproductie beheersen, zijn allebei Indiase bedrijven. En vrijdag stégen, na Trumps aankondiging, de koersen van sommige Europese staalbedrijven omdat zij, zoals bijvoorbeeld het Finse Outokumpu of het Zweedse SSAB, zelf fabrieken in de VS hebben die straks profiteren van Trumps tarieven. Ziehier de complexiteit van de wereldhandel.

Een straftarief of quotum is in de wereldeconomie van vandaag dan ook vaak een stomp wapen, dat niet goed meer werkt, onnodige schade berokkent of de verkeerde treft. Maar dat hoeft de dommekracht die er mee zwaait niet te stoppen. Als een handelstekort wordt versimpeld tot een nederlaag, dan ligt de weg open naar grotere misverstanden.

Het hoeft, ook ditmaal, niet uit de hand te lopen. Dat vergt wijsheid en zelfbeheersing. En als die niet van het Witte Huis kunnen komen, dan van de anderen. De Chinese president Xi Jinping werpt zich in het openbaar vaak op als de nieuwe verdediger van de open wereldeconomie. Hier is een mooie kans om te bewijzen dat hij dat ook meent.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.