Opinie

Schande, die tol voor de Westerscheldetunnel

Deze wegverbinding met de rest van Nederland is publieke infrastructuur, benadrukt . Noodzakelijk voor woon-werkverkeer en ontplooiing van Zeeuwen.

Foto Peter Hilz/HH

‘Een landje apart’, zo afficheert Zeeuws-Vlaanderen zich vaak. De Vlaamse tongval en de Bourgondische leefstijl maken het gebied in cultureel opzicht duidelijk anders. Dat ‘apart’ slaat ook op bereikbaarheid. Pas sinds 2003, toen de veerboten uit de vaart werden genomen en de Westerscheldetunnel geopend, kent het gebied een directe wegverbinding met de rest van Nederland. Voor het gebruik daarvan dient tot 2033 tol betaald te worden: thans 5 euro per passage. Veel Zeeuwen, in het bijzonder Zeeuws-Vlamingen zijn het beu: waarom moeten zij, als enigen in Nederland, extra betalen voor het gebruik van een noodzakelijke en onvermijdelijke wegverbinding? En vormt juist de tol niet een barrière voor de ontwikkeling van deze toch al met bevolkingsdaling kampende regio?

Het Rijk heeft er altijd op gehamerd dat deze tunnel een regionale verbinding is. Enkel bedoeld voor Zeeland en met weinig nut voor Nederland als geheel. Dus moest er gecompenseerd worden door tolheffing. Een speciale tunnelwet omzeilt het principe dat er helemaal geen tol gevraagd mag worden voor het gebruik van publiek gefinancierde wegen. Zeker nu de afgelopen jaren de toeleidende wegen aan weerszijden flink zijn opgewaardeerd is het moeilijk vol te houden dat deze vierbaansweg richting België, onder een drukke internationale vaarroute door, niet tot de Rijkswegen zou behoren.

Lees ook dit artikel in de Provinciale Zeeuwse Courant: ‘Provincie waarschuwt ZB Planbureau voor medewerking aan opiniestuk NRC’

In plaats van tol te rechtvaardigen vanuit een achterhaald utilitaristisch standpunt dat kijkt naar het nut voor de bevolking als geheel, dient uitgegaan te worden van het egalitair principe van rechtvaardigheid, verwoord door filosofen als Rawls, Sen en Nussbaum. Rechtvaardigheid laat zich dan samenvatten in twee principes: het garanderen van een aantal voor ieder gelijke basisrechten en vrijheden. En ‘gelijke kansen voor iedereen’. Toegang tot voorzieningen en inkomen, alsmede de vrijheid je te kunnen verplaatsen en deel te nemen aan de gemeenschap, zijn dergelijke basisrechten. Bij gelijke kansen hoort ook de mogelijkheid tot ontplooiing. Hoe verhoudt tolheffing zich hiermee?

De komst van de tunnel zorgde voor de opschaling en concentratie van voorzieningen. Voor middelbaar beroepsonderwijs, gespecialiseerde zorg, rechtspraak en veel vrijetijdsvoorzieningen moeten Zeeuws-Vlamingen steeds vaker naar ‘de overkant’. Teruglopende lokale werkgelegenheid maakt ze afhankelijker van werk buiten de provincie. Hun pendelafstanden zijn het hoogst van Nederland. Volgens alle rechtvaardigheidsprincipes is het onjuist tol te heffen voor toegang tot noodzakelijke voorzieningen. En eigenlijk ook dat bezoekje aan oma – nergens zijn de gevoelens van isolement zo hoog als in hier.

Bovendien, tolheffingen zijn ook wel bedoeld om mensen te stimuleren een alternatief te kiezen, zoals ov, een ander tijdstip of de snelwegen ten noorden en zuiden van de Kiltunnel – de enige andere toltunnel in Nederland. Die tol wordt echter vooral geheven omdat de daar gelegen woonplaatsen niet zitten te wachten op doorgaand verkeer. Voor een cruciale verbinding als de Westerscheldetunnel is er echter helemaal geen redelijk alternatief.

Provinciebestuur financieel afhankelijk van tol

Juist diegenen die zich qua afstand en reistijd al ver bovengemiddeld moeten inspannen om toegang tot ontplooiingsmogelijkheden te behouden, worden geconfronteerd met een extra belasting. De overheid zou die groep juist moeten stimuleren in plaats van frustreren.

De tol vormt bovendien een rem op de economische ontwikkeling van de regio. Ondernemers geven aan dat het de werving van werknemers bemoeilijkt. Tweederde van de Zeeuwen geeft bovendien aan dat ze veel vaker gebruik zouden maken van de tunnel als er geen tol werd geheven. De tol fragmenteert ook de woningmarkt, wat een forse instroom Belgen veroorzaakt. Mooi voor de krimpregio, maar daarmee wordt wel het draagvlak voor publieke voorzieningen als scholen ondermijnd. Gezien de negatieve effecten op het vestigingsklimaat is tolheffing kortzichtig. Engelsen zouden zeggen: penny-wise, pound-foolish.

Mogelijk Zeeuws verzet onderving het Rijk eerder door de provincie Zeeland verantwoordelijk voor, en financieel afhankelijk van de tol te maken. De gezagsgetrouwe Zeeuwse bestuurders lijken bestuurlijke afspraken te willen nakomen. Maar, wanneer die afspraken zo overduidelijk onrechtvaardig zijn en een rem op de ontwikkeling van een krimpregio vormen, waarom daar dan krampachtig aan blijven vasthouden?

Hier ligt een taak voor een kabinet dat zegt aandacht te hebben voor ‘de regio’. Zeeuwse bestuurders moeten het ‘eilanddenken’ achter zich laten. Burgers zouden meer van zich kunnen laten horen. De geschiedenis staat aan hun kant: nagenoeg alle tolheffingen eerder in Nederland zijn voortijdig beëindigd.