De band MGMT op het podium op festival Coachella, 2014.

Foto Kevin Winter / AFP / Getty Images

MGMT wil weer speels en vrolijk zijn

MGMT

Op hun nieuwe album keerde de humor terug bij de Amerikaans popgroep MGMT. „We waren te serieus geworden.”

De Amerikanen Andrew VanWyngarden en Ben Goldwasser, die samen het duo MGMT vormen, schrijven slimme teksten, bedenken elektronische pophits, en presenteren zich met het juiste, licht verlopen rockster-voorkomen. Maar achter die kwaliteiten schuilt een duistere neiging, die het tweetal er toe aanzet hun succes zo nu en dan aan uit hun handen te laten vallen.

Na het glorieuze debuutalbum Oracular Spectacular in 2007, met meerdere internationale hits als ‘Kids’ en ‘Time To Pretend’, en het goed ontvangen Congratulations (2010), volgde in 2013 een derde, titelloos album met daarop interessante maar moeilijk te doorgronden geluidsexperimenten.

Ook live maakt MGMT het de aanhang niet makkelijk. Tijdens recente tournees weigerden ze hun hits te spelen, en begin deze maand was hun optreden in een uitverkocht Paradiso een rommelige show. De muziek was te hard, de zang te zacht, de acts te letterlijk. Zo fietste VanWyngarden tijdens het nieuwe ‘She Works Out Too Much’ enkele minuten op een hometrainer, en speelden hij en Goldwasser op mini-instrumenten tijdens ‘When You’re Small’. De meligheid en nonchalance staat in groot contrast met de betrokken manier waarop ze tijdens een gesprek, enkele uren eerder, over hun muziek vertellen.

Ben Goldwasser (links) en Andrew VanWyngarden, het duo MGMT.

Foto Brad Elterman

Goldwasser (36) en VanWyngarden (35) leerden elkaar kennen op een vrijgevochten artistieke universiteit in Connecticut, waar hun samenwerking begon. Beiden hielden van muziek uit de jaren tachtig, en ook in hun eigen liedjes is dat decennium nooit ver weg: in ‘She Works Out Too Much’ klinkt de uitdagende Schwung van ‘Maneater’ van Dayll Hall & John Oates. Andere nummers op het nieuwe album Little Dark Age bonken en zwieren, dankzij de slimme combinatie van levenslustig klinkende synthesizers en elegante akoestische gitaar.

Want na de stofzuigerklanken met akoestisch gitaar op het derde album, is op Little Dark Age de exuberante synthesizer weer terug, en werd in de composities de ‘popstructuur’ in ere hersteld. Dat leidt tot een reeks wervende liedjes als het titelnummer, ’Me And Michael’, ‘When You Die’, het zwoele ‘Hand It Over’ en een mysterieus ‘TSLAMP’.

Organisch

„Muziek van groepen als Depeche Mode, The Cure of Yellow Magic Orchestra, daar keren we altijd weer naar terug, om te beluisteren”, zegt Goldwasser. „Maar nu ook als inspiratie, voor het nieuwe album.” De terugkeer naar dit decennium was „vanzelfsprekend” en stuurde de werkwijze in de studio. VanWyngarden: „Bij het vorige album begonnen we met een verzameling geluiden en bedachten toen hoe we die in een song konden passen.” Goldwasser: „Nu concentreerden we ons op de structuur van het liedje, en zochten daar de juiste instrumentaties bij.”

De klank van hun synthesizers moet ‘organisch’ zijn, zegt de bebaarde Goldwasser, die binnen het duo verantwoordelijk is voor de elektronica. Op de vraag wat ze onder ‘organisch’ verstaan, zegt de langharige VanWyngarden dat ze de synthesizer graag laten klinken als een dier. „Als een insect. Of als een kat”, zegt VanWyngarden. „In ‘Me And Michael’ omschrijven we de synthesizer als ‘de stervende kat’.” Hij doet de poes na, jammerend als een pedal steel-gitaar.

Maar het belangrijkste tijdens het spelen, zegt hij, is dat ze er om kunnen lachen. „Deze keer wilden we de humor terug. We wilden speels zijn en vrolijk, op eerdere platen waren we te serieus geworden. We verloren onze hoop.” Die behoefte aan hoop is terug te horen in de stralende glissandi op het album en VanWyngardens nonchalante maar gevoelvolle zangpartijen. Toch is ook hier de tweespalt in het hart van MGMT weer duidelijk: onder de levenslust schuilt het gewroet in de eigen ziel.

Tslamp

Want VanWyngarden is een alerte chroniqueur. Zo verwijst titelnummer ‘Little Dark Age’, met zijn mineurklanken en zalvende zang, naar de huidige situatie van Amerika, en zijn eigen gevoelens daarover. „Die zijn duister. Maar ik noemde het toch mijn ‘kleine donkere tijd’, om duidelijk te maken dat het ook weer voorbij gaat. Dat vond ik troostend.”

Voor een van de nieuwe liedjes bedacht VanWyngarden een nieuw acroniem: ‘tslamp’ (time spend looking at my phone) dat na ‘yolo’ (you only live once) of ‘omg’ (o my god) binnenkort wellicht opgang doet in conversaties - als de betrokkenen tenminste net zo gefrustreerd zijn over hun eigen gedrag als Andrew.„Het is precies als bij ieder andere verslaving, je wilt steeds kijken naar je telefoon, om die kick te voelen. Plus de tijd dat ik nadenk over hoe stom het is dat ik zoveel tijd op mijn mobiel zit te kijken.”

In het refrein zingt hij: You should come with me/ We can lose ourselves in nothing. „Zelfs muziek neemt me maar zelden volledig in beslag. Altijd is er de verleiding van de telefoon. Daar slaat die regel op: ik zie de telefoon als een vrouw - een kwaadaardige vrouw die me in het verderf wil storten. Als een Sirene.”

Wat hem bij muziek maken niet lukt, lukt de twee bij sommige andere activiteiten wel. „Ben”, Andrew knikt naar Goldwasser, „heeft zijn computer om zich in te verliezen. Ik kan me echt losmaken van de telefoon als ik aan het surfen ben. En als ik me met mijn lp’s kan bezighouden. Platen zijn mijn grote liefde.” Hij wijst naar een stapel die hij de vorige dag in Amsterdam heeft gekocht. „Ik verzamel ze, draai ze, en maak ze schoon. Dan heeft mijn mobiel geen kans.”

Little Dark Age is nu uit. MGMT treedt op: 29/6, Down The Rabbit Hole, Nijmegen.