Opinie

Gidsland Zuid-Afrika heeft het veel te ver laten komen

Met het vertrek van Jacob Zuma is voor Zuid-Afrika een eind gekomen aan een boze droom die langer heeft geduurd dan nodig was. Ondanks een veelheid aan aanklachten voor corruptie, nepotisme en machtsmisbruik. Ondanks onderzoeken die aantoonden hoe persoonlijke belangen het steeds weer wonnen van het algemene belang. En ondanks aantoonbare verslechtering van de levensomstandigheden van gewone Zuid-Afrikanen durfde het regerende Afrikaans Nationaal Congres (ANC) de eigen president pas in het laatste jaar van zijn laatste termijn terug te roepen.

Zuma’s opvolger, de vorige week beëdigde Cyril Ramaphosa, wacht een zware taak. Hij werd in december met erg krappe meerderheid verkozen tot nieuwe ANC-leider en heeft sindsdien behendig moeten manoeuvreren om de rest van de partij ervan te overtuigen dat Zuma’s tijd voorbij was. Het dreigement van de ANC-parlementsfractie om een motie van wantrouwen van de oppositie tegen de eigen president te steunen, gaf Zuma uiteindelijk het laatste zetje.

Ramaphosa’s aantreden is voor Zuid-Afrika een nieuw begin. De breed gerespecteerde ex-vakbondsleider voerde begin jaren negentig namens het ANC de onderhandelingen met het apartheidsregime over de weg naar democratie. Hij werd door de eerste democratisch verkozen president, Nelson Mandela, gezien als meest geschikte opvolger, maar belandde politiek op een zijspoor. Tijdens een succesvolle carrière in het bedrijfsleven werkte hij op de achtergrond aan zijn statuur als de man die het land weer op de rails moest krijgen. Na jaren van onzekerheid reageren investeerders in de meest ontwikkelde economie van Afrika nu begrijpelijk enthousiast op zijn benoeming tot president.

De komende maanden zal blijken dat het verwijderen van Zuma kinderspel was vergeleken met de herstelwerkzaamheden die na bijna negen verloren jaren verricht moeten worden. De rot zit diep. Het staatsapparaat en overheidsbedrijven zijn voor mensen met de juiste connecties een melkkoe geworden en dat ging ten koste van publieke diensten als onderwijs, zorg en veiligheid. De economische groei van Zuid-Afrika bleef intussen achter bij die van de rest van het continent. Werkloosheid en armoede namen toe en de staatsschuld liep hard op. Zuma heeft Zuid-Afrikanen „gedwongen om over de rand van de afgrond te kijken”, vatte dichter en oud-journalist Antjie Krog in NRC het gevoelde sentiment samen.

In zijn eerste State of the Nation-toespraak voor het parlement beloofde Ramaphosa vrijdag hard op te treden tegen corruptie en vriendjespolitiek. Hij wil een „fatsoenlijke samenleving” die „plundering van publieke middelen niet accepteert”. Het creëren van werk en het verminderen van ongelijkheid zijn weer prioriteiten. In de geest van Mandela deed hij handreiking aan alle bevolkingsgroepen. Dat is lovenswaardig en voor het ANC, kort voor verkiezingen, van levensbelang wil het in het centrum van de macht blijven.

Maar de partij en het nieuwe staatshoofd moeten bij zichzelf te rade gaan om te zien hoe het zover heeft kunnen komen. Dat is niet alleen cruciaal voor Zuid-Afrika zelf, maar voor de hele regio. De politieke oppositie, maatschappelijke organisaties, de pers en de rechterlijke macht hebben onversaagd en met groot eigen risico de druk op de ketel gehouden. Zij lieten zien dat de Zuid-Afrikaanse democratie in krap 25 jaar vele stormen aankan. Inwoners van buurlanden waar die traditie fragieler is, hebben de gebeurtenissen in regiomacht Zuid-Afrika op de voet gevolgd. Het land heeft als Afrikaans gidsland een reputatie te verliezen.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.